HOMEPAGE

Attentie: Wij hebben de pagina "laatste nieuws gesplitst in twee delen.

DIT IS ACTUEEL NIEUWS DEEL 2 (VANAF 13-04-2011)


TAXLIVE. Kennisplatform voor de fiscalist

Duitsland-Nederland

 

Voetbalwedstrijden tussen Duitsland en Nederland hebben altijd een extra lading. Daarbij kan het thuisvoordeel een rol spelen. We kennen allemaal de verloren WK-finale uit 1974 in München. Daar staat tegenover dat ‘we' tijdens de EK in 1988 de Duitsers tijdens de halve finale in Hamburg versloegen. Het kan verkeren met het thuisvoordeel. Zo ook met het heffingsrecht onder belastingverdragen over pensioen- en lijfrente-uitkeringen.

De lijn van de OESO is dat het woonland het heffingsrecht heeft over pensioen- en lijfrenteuitkeringen. Nederland volgde die lijn totdat in de eerste helft van de jaren '90 opmerkelijk veel directeur/grootaandeelhouders emigreerden naar België. Eén van de redenen hiervoor was dat de opgebouwde pensioenen in Nederland fiscaal gefacilieerd waren en in België bij afkoop onbelast of laag belast waren. De in de nationale wet getroffen maatregelen tegen pensioenemigratie mochten niet baten, hiervoor moest echt het belastingverdrag worden gewijzigd.

 

In 1998 nam Nederland de eerste stap in het ‘terughalen' van de belastingheffing over oudedagsvoorzieningen. Daarbij ging het slechts om het tegengaan van pensioenafkoop via het buitenland en het voorkomen van een bijzonder (laag) buitenlands heffingsregime als Nederland de pensioenopbouw fiscaal heeft gefacilieerd.

 

Vanaf 2011 streeft Nederland naar het overeenkomen van bronstaatheffing voor fiscaal gefacilieerd opgebouwde pensioenen, onafhankelijk van de fiscale behandeling van de pensioenen in de (nieuwe) woonstaat van de pensioengerechtigde. In de tussentijd zijn onder andere de verdragen met België, Portugal en Noorwegen aangepast. In die verdragen behoudt Nederland zich het recht voor om in bepaalde gevallen wel belasting te mogen heffen over in Nederland opgebouwde oudedagsvoorzieningen.

 

Daarnaast is Nederland in gesprek met Spanje, waar het klimatologisch en fiscaal goed toeven is. Ook in het nieuwe verdrag met Duitsland stelt Nederland paal en perk aan het ‘weglekken' van belastinggelden door pensioenemigratie, tenzij het totale pensioeninkomen lager is dan € 15.000.

 

Het Financieele Dagblad berichtte op 28 december 2013 uitgebreid over ‘hard geraakte pensionado's door nieuwe taksverdragen'. Twee naar Duitsland geëmigreerde landgenoten luchtten hun hart over op stapel staande wijzigingen in het belastingverdrag. Nederland gaat belasting heffen over hun oudedagsvoorzieningen, maar Duitsland moet een stapje terug doen in de belastingheffing.

 

Termen als ‘des duivels', ‘kafkaëske nachtmerrie' en ‘onbetrouwbaar' kwamen voorbij. Is het werkelijk zo erg gesteld? Duitsland belast Nederlandse oudedagsvoorzieningen veel lager dan Duitse oudedagsvoorzieningen. Slimmeriken maakten de afgelopen decennia handig gebruik van dit verschil. Niets aan te doen, volledig in overeenstemming met wetten aan beide zijden van de grens en in overeenstemming met het Verdrag. Al die tijd hebben de pensionado's het thuisvoordeel gehad. Maar net als bij het voetbal is het thuisvoordeel niet eeuwig gegarandeerd.

 

Ik snap de Nederlandse wetgever wel. Die wil iets terugzien van het fiscaal faciliteren van pensioenopbouw. Vanuit dat oogpunt is het niet verrassend dat Nederland bij nieuwe belastingverdragen een andere koers vaart. Uit sportieve overwegingen krijgen reeds in Duitsland woonachtige pensionado's een blessuretijd (overgangsregeling) van zes jaar. Prima, zo hoort dat in fiscalibus als geen sprake is van bestrijding van misbruik. Maar ik hoop dat het Nederlands elftal de volgende wedstrijd tegen Duitsland gewoon begint met 11 spelers en met een stand van 0-0.

 

Auteur: Peter Hoogstraten

 

Reageren

CvdWiel

Tijdens een SVB conferentie over "emigratie"met o.a. Staatssecretaris Sociale Zaken, Directeur Sociaal Planbureau, Kamerleden VVD, CDA en PvdA in, ik meen 2007, werden wij gewaarschuwd dat bij emigratie wij NL voorgoed achter ons lieten en het nieuwe woonland centrum zou zijn van ons leven. Dat was beleid van de EC als ook de NL regering zo werd ons verteld. We betaalden er immers al onze belasting en nu kwam de zorg daar nog eens bij toen wij uit de NL zorgsolidariteit werden gezet en onze jarenlang opgebouwde zorgreserve voor onze z.g. dure jaren van meer kosten dan bijdragen door Hoogervorst geschonken werd aan de zorgverzekeraars om de acceptatie van de ZVW te promoten: gelegaliseerde diefstal. Wij werden erop gewezen de voorwaarden in ons nieuwe woonland goed te evalueren zodat we de juiste beslissing zouden nemen. Dat hebben we gedaan. Onze financiële planning, de laatste waarschijnlijk die wij als gepensioneerden maakten en die daardoor dikwijls onomkeerbaar is, was gebaseerd op toen geldende omstandigheden. Nu worden weer, net als op 1.1.2006, de spelregels tijdens de wedstrijd veranderd en vele machteloze gepensioneerden geslachtofferd. Wij zijn immers zoals een bekend NL politicus onze groep eens kwalificeerde: calculerende belastingontduikers die van 2 walletjes willen eten. Vergeet het: 90% van de gepensioneerden die emigreerden moeten ieder maand hun centjes tellen. Prima: belast de bron, maar respecteer bestaande gevallen!! NL overheid: ben eens betrouwbaar.

10 april 2014 15:37


 

Telegraaf

Vr 04 apr 2014, 19:49 

Zorgen over indexatie pensioenen 

DEN HAAG -  

Ouderenorganisaties vinden het vervelend dat de kabinetsplannen om het Nederlandse pensioenstelsel te versterken, het lastiger maken voor pensioenfondsen om de pensioenen te indexeren aan de stijgende lonen en prijzen.

In de strengere regels die staatssecretaris Jetta Klijnsma van Sociale Zaken vrijdag presenteerde, moeten de fondsen hogere buffers aanhouden om te voorkomen dat zij opnieuw in de problemen komen. De koepel van ouderenorganisaties CSO en de Koepel van Nederlandse Verenigingen van Gepensioneerden (KNVG) vragen het kabinet nogmaals naar de plannen te kijken.

ABP, het grootse pensioenfonds van Nederland, zegt het eveneens belangrijk te vinden dat een pensioen de gemiddelde loonontwikkeling kan volgen. Het ambtenarenpensioenfonds wil daarom graag in overleg met het kabinet.

Vakcentrales FNV, CNV en VCP stellen het wetsvoorstel kritisch onder de loep te zullen nemen als dit wordt gedeeld met de sociale partners. Zij benadrukken in een reactie dat er op dit moment geen sprake is van een akkoord met de vakcentrales over de nieuwe pensioenwetgeving.

De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) verwelkomen de stappen die het kabinet zet richting een duurzaam pensioenstelsel. Volgens de toezichthouders is het belangrijk dat het Nederlandse pensioenstelsel „schokbestendiger” wordt. DNB en AFM zijn wel kritisch over het feit dat het kabinet in de plannen de mogelijkheid heeft behouden voor pensioenfondsen om hun premie te dempen op basis van verwachte rendementen.


 

VERSLAG   van de  ALGEMENE LEDENVERGADERING  van de

VERENIGING  NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN in SPANJE

gehouden op  donderdag 27 februari 2014  in het in het gebouw Sede Universitaria de La Nucia- Antiguo Colegio Sant Rafel,                         Avda Porvilla 8 in  La Nucia. 

 

(klik hier voor document)

 

Aanwezig:

Bestuursleden:  -  Cees van der Wiel (voorzitter)  - Hans Hueber (secretaris) 

-  Albert  Kiffen (penningmeester),  -

 

Afwezig met bericht van verhindering:  9 personen.

 

De voorzitter, Cees van der Wiel,  opent om 15.00 uur de vergadering. Omdat het vereiste quorum niet aanwezig is, sluit de voorzitter de vergadering. Conform het gestelde in de uitnodiging zal een volgende vergadering om 16.00 uur plaatsvinden.

Hieronder vindt u het verslag van de vergadering welke om 16.00 uur begon.

 

1.    Opening.

Met een hartelijk welkom aan de aanwezigen opent  voorzitter Cees van der Wiel  de vergadering en  zegt dat deze prachtige vergaderlocatie ons gratis ter beschikking is gesteld door de gemeente La Nucia. Een woord van dank is verschuldigd aan Bart Gommans en de burgemeester van La Nucia.

Het aantal leden dat deze vergadering bijwoont is meer dan vorig jaar. Dit is terecht aangezien er nog steeds belangrijke zaken op de agenda met het CVZ en het Ministerie van VWS staan. Bij punt 7 van de agenda zal hierop uitgebreid ingegaan worden.

 

2.    Ingekomen stukken  en mededelingen.

Voor deze vergadering hebben zich 9 mensen afgemeld. Reden van de afmeldingen is in bijna alle gevallen de té grote afstand of vakantie.

 

3.    Vaststelling  Verslag  Algemene Ledenvergadering  d.d. 18 februari 2013.

Door de vergadering wordt dit verslag zonder verdere op- of aanmerkingen goedgekeurd en aldus vastgesteld en getekend.

 

4.   Jaarverslag 2013  Vereniging Nederlandse Gepensioneerde  in Spanje V.N.G.S.

Desgevraagd heeft geen der aanwezigen op-of aanmerkingen op het vooraf uitgereikte verslag en wordt het verslag voor kennisgeving aangenomen en getekend. De voorzitter dankt de heer Hueber voor dit verslag.

 

5.    Financiële rapportage

De penningmeester Albert Kiffen heeft aan alle aanwezigen bij binnenkomst  een lijst van Baten en Lasten en een Balans uitgereikt, waarover hij een uitgebreide uitleg geeft. De voorzitter dankt de penningmeester Albert Kiffen voor zijn werkzaamheden en uiteenzetting.

 

6.    Kascommissie

Namens de kascommissie voert de heer Roosjen het woord. Zij hebben met drie personen t.w. mw. J.Busch en de heren K.Roosjen en J.F.van der Meer de kas gecontroleerd  en de heer Roosjen verklaart mede uit naam van alle drie  dat het financiële verslag  een juist en volledig beeld geeft van de werkelijkheid en dat de opgevoerde kosten  passen binnen de doelstelling van de vereniging.  Zij stellen de vergadering dan ook voor om het bestuur décharge te verlenen voor het gevoerde  financiële beleid.

De voorzitter dankt de Kascommissie voor de verrichte werkzaamheden en het in het bestuur gestelde vertrouwen. Desgevraagd heeft niemand van de aanwezigen vragen hieromtrent, waarna de financiële jaarstukken 2013 worden geaccepteerd.

Voorzitter Cees van der Wiel dankt de Kascommissie en vraagt de vergadering het bestuur décharge te verlenen aan de hand van de verklaring van de Kascommissie.

De décharge wordt verleend.

 

7A.    Verwachte toekomstige ontwikkelingen.

Het is op dit moment al duidelijk dat de toekomst nog vele gevaren in petto heeft waarop we onze aandacht gevestigd moeten houden om te voorkomen dat we niet door de overheid nog verder benadeeld worden. Het gebied dat bestreken moet worden overschrijdt ruimschoots de oorspronkelijk doelstellingen van de vereniging, reden waarom werd besloten de statuten daaraan aan te passen hetgeen ook zal gebeuren met de statuten van de Stichting tijdens de a.s. jaarvergadering van het bestuur. De conclusie is dan ook dat wij doorgaan met de vereniging en de Stichting, zodat wij gesprekspartner blijven van het CVZ, SVB en het Ministerie van VWS. In september is er een nieuwe afspraak met het CVZ en de agenda wordt mede door ons bepaald.

Onderstaand volgt een zo gedetailleerd mogelijke inventarisatie van de punten die onze aandacht behoeven:

  • Ontwikkeling CVZ bijdrage c.q. woonlandfactoren o.a. in verband met AWBZ;
  • Betaling pensioenlandzorg per land gedifferentieerd;
  • Afrekenen werkelijke kosten en gevolgen woonlandfactoren;
  • Dubbel betalen;
  • Problemen EHIC en vergoeding medische kosten in derden landen;
  • Erkenning verdragsrecht als onderliggende verzekering binnen EU of andere polis;
  • Reisverzekering buiten verdragslanden;
  • Evaluatie nadelige gevolgen van nieuwe belastingverdragen;
  • Levenslang overgangsrecht bij wijziging belastingverdragen;
  • Uitbanning samenloopclausule ex pat verzekeringen;
  • Evaluatie komende aanpassing VO 883/2004;
  • EU onderzoek fiscale discriminatie van o.a. verdragsgerechtigden;
  • Overgang AWBZ naar Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO);
  • Dreiging korting Algemene Nabestaanden Uitkering buiten Nederland.

 

7B        Statutenwijziging.

De door het bestuur voorgestelde wijzigingen worden artikelsgewijs behandeld. De vergadering stelt voor artikel 3 sub c als volgt te wijzigen:

“ het financieel of anderszins ondersteunen van de leden van de vereniging en soortgelijke verenigingen en al dan niet rechtspersoonlijkheid bezittende samenwerkingsverbanden in of buiten Spanje om de doelstellingen onder sub a en b te bereiken.”

Verder zijn er geen opmerkingen en worden de nieuwe Statuten goedgekeurd.

 

8.    Vaststelling Contributie 2014

Op grond van de inventarisatie genoemd onder punt 7A en mogelijke advocaatkosten in de toekomst is het dringend gewenst dat over het jaar 2014 weer contributie geheven wordt

 

Een berekening wijst uit dat over de periode 2006 t/m 2013 voor onze doelgroep een totale besparing werd bereikt van maximaal € 31.000 voor verdragsgerechtigden met de maximale inhouding en voor de AOW gerechtigde gehuwde met een volledige uitkering van € 9.000. Deze besparingen zijn per persoon.

Een gehuwd echtpaar met alle twee een maximaal bijdrageplichtig inkomen heeft dus over de gehele periode € 62.000 bespaard en een gehuwd echtpaar met beiden uitsluitend de maximale AOW uitkering € 18.000. Voor een echtpaar waarop beide situaties van toepassing zijn dus € 40.000. Ieder jaar weer opnieuw profiteren we van wat daarmee bereikt werd.

Daarnaast verkregen we de zgn. Pensioenlandzorg waardoor verdragsgerechtigden te allen tijde toegang kregen tot het basispakket van de Nederlandse zorg.

Vervolgens waren we succesvol met de procesvoering tegen de onterechte inhouding van de KOB hetgeen recentelijk resulteerde in een volledige restitutie inclusief rente.

 

Zoals bekend bedraagt de contributie slechts € 100,00 per persoon en per jaar. Dat bedrag gezien in het licht van de besparingen die we met onze procesvoering hebben weten te bereiken toont onmiddellijk aan dat het lidmaatschap een top investering is geweest.

 

Laat u zich niet leiden door de veel gehoorde opmerking dat ook wanneer men geen lid is en dus niet financieel bijdraagt, men tóch meeprofiteert van de bereikte resultaten. De opmerking op zich is juist maar wij kunnen ons niet voorstellen dat u zich daarmee aan uw morele verplichting wilt onttrekken.

 

9.      Benoeming Kascommissie verenigingsjaar 2014.

De heer van der Meer is aftredend lid van de kascommissie en de heer Roosjen stelt zich herkiesbaar. Mevrouw J.Busch treedt eveneens terug aangezien zij zitting neemt als penningmeester in het bestuur. De vergadering gaat accoord met het toetreden tot de commissie van de heren Cor van den Heuvel en Hans Berg en bedankt de commissie met een hartelijk applaus.

 

10.        Bestuursverkiezing.

Bij deze gelegenheid wordt afscheid genomen van de heer Albert Kiffen, penningmeester van de vereniging alsmede van de Stichting Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland (SBNGB), vanwege zijn terugkeer naar Nederland. Hij was niet alleen het bestuurslid verantwoordelijk voor de financiën maar vooral ook een uitermate essentiële vormgever en uitvoerder van het tot op heden gevoerde beleid sinds de oprichting van de vereniging eind 2005. Hij was een van de initiatiefnemers in het prille begin toen duidelijk werd dat de invoering van de ZVW uiterst nadelige gevolgen zou hebben voor de naar de verdragslanden geëmigreerde gepensioneerden. De voorzitter dankt hem voor zijn enorme inzet en wenst hem en zijn echtgenote veel succes in Nederland. Albert heeft zich bereid verklaard vanuit Nederland beschikbaar te blijven als adviseur van de vereniging en de Stichting.

Albert Kiffen wordt opgevolgd door mw. Joan Busch die al gedurende enkele jaren bij onze verenging actief betrokken is geweest. Zij zal ook zijn functie binnen de Stichting overnemen.

Zij accepteert deze functie en neemt plaats achter de bestuurstafel, waarna zij zichzelf kort introduceert. De vergadering stemt onder applaus in met deze wijziging en met de herbenoeming van de 2 zittende bestuursleden.

 

11.        Rondvraag.

In verband met het betalen van de contributie wordt er een vraag gesteld over het IBAN nummer van de bankrekening van de vereniging. Op de website staat het correcte IBAN nummer.

 

12.      Sluiting

       Met dank aan alle aanwezigen sluit de voorzitter deze vergadering en wenst iedereen  wel thuis.

 

Aldus vastgesteld en getekend in de Ledenvergadering van ……….2015

 

 

Cees van der Wiel                          Hans Hueber                                  Joan Busch

(Voorzitter)                                (Secretaris)                                 (Penningmeester)


 

UITNODIGING

 voor de ALGEMENE+ BUITENGEWONE LEDENVERGADERING  2014  van de

VERENIGING  NEDERLANDSE  GEPENSIONEERDEN IN SPANJE  ( V.N.G.S.)

Secretariaat: Carrer dels Arbocers 65,   3740 Gata de Gorgos,  tel.966197023

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

Het bestuur van de Vereniging Nederlandse Gepensioneerden in Spanje nodigt u hierbij uit voor de Algemene Ledenvergadering 2014,  welke zal worden gehouden op DONDERDAG  27 FEBRUARI 2014,  aanvang 15.00 uur  in het gebouw Sede Universitaria de La Nucia- Antiguo Colegio Sant Rafel, Avda Porvilla 8 in  La Nucia. 

 

Volgens art.19 en art.20 van de Statuten zal de vergadering rechtsgeldig zijn als tenminste 1/3 van de leden aanwezig is. Gezien het aantal leden dat op grote afstand van La Nucia woonachtig is,  zal mogelijkerwijs dit aantal niet gehaald  worden. Mocht dit daadwerkelijk het geval zijn, dan zal onmiddellijk daaropvolgend de volgende vergadering plaatsvinden en wel om 16.00 uur, eveneens in dit gebouw.

 

De  AGENDA  voor deze Ledenvergadering treft u onderstaand aan.

Gratis parkeren is mogelijk in de ondergrondse parkeergarage van het Auditorium aan de Plaza de les Nits, waarvan de ingang zich bevindt aan de overkant van het gebouw.

Komende vanuit Benidorm volgt u de rotondeweg richting Polop/Callosa alsmaar rechtdoor tot het eind van La Nucia, waar u plotseling het gehele dorp Polop ziet liggen. Juist op dat moment slaat u rechtsaf, de laatste straat van La Nucia in, dat is de Avda Porvilla.

 

Graag willen wij in dit verband vermelden dat de AYUNTAMIENTO LA NUCIA de zaal aan de VNGS wederom geheel gratis ter beschikking stelt, evenals de benodigde apparatuur. 

Ook het weekblad “HALLO” is zoals gewoonlijk zo vriendelijk deze advertentie met bijlage gratis te plaatsen.

 

Voor het bijwonen van deze vergadering kunt u ook plaatsen reserveren door een e-mail te sturen aan  mrjhueber@cs.com

Graag hopen wij u op 27 februari 2014 te mogen verwelkomen.

 

Bestuur V.N.G.S.

                     

                                 A G E N D A

 

1.    Opening.

2.    Ingekomen stukken en Mededelingen     

3.    Vaststelling verslag Algemene Ledenvergadering d.d. 18-02-2013

        (Dit verslag is u in de maand februari 2013 reeds per email

         toegezonden) 

4.    Jaarverslag V.N.G.S.  2013

5.    Financiële rapportage 

6.    Verslag over 2013  van de Kascommissie 

7 .   Verwachte toekomstige ontwikkelingen

        Statutenwijziging op voorstel Bestuur.      

8.    Vaststellen Contributie  2014

9.    Benoeming Kascommissie verenigingsjaar 2014

10.  Bestuursverkiezing

        Aftredend en niet herkiesbaar als penningmeester

        de heer A. Kiffen

        Voorstel nieuwe penningmeester mevrouw J. Busch  

11.  Rondvraa

12   Sluiting

 

BIJLAGEN:


Wijzigingen in de belastingheffing met ingang van 1 januari 2014 (30-12-2013)

klik hier voor PDF


Telegraaf za 28 dec 2013, 09:32 |

Pensionado's geraakt door nieuwe verdragen

AMSTERDAM - 

Nederlandse gepensioneerden in Spanje zijn zeer bezorgd over de mogelijke financiële gevolgen van een nieuw belastingverdrag. De belastingheffing op pensioenen en lijfrentes worden mogelijk teruggehaald, waardoor Nederlandse pensionado's fors meer belasting moeten betalen.

Dat schrijft Het Financieele Dagblad.

Over het verdrag tussen Nederland en Spanje wordt nog onderhandeld. Met Duitsland is zo'n verdrag al gesloten. Daar gaat Nederland vanaf 2015 belasting heffen over pensioenen, voor zover die hoger zijn dan 15.000 euro.

De belastingdruk op de fiscale behandeling van lijfrentes, individuele pensioenregelingen en successierechten is in Spanje nu nog aanzienlijk lager dan in Nederland.


Pensionado’s hard geraakt door nieuwe taksverdragen (28-12-2013)

FD: Taco Mulder

Saturday 28 December 2013, 03:54

update: Saturday 28 December 2013, 04:18

Nederlandse gepensioneerden in Spanje zijn zeer bezorgd over de mogelijke financiële gevolgen van een nieuw belastingverdrag.

Als Nederland in het verdrag met Spanje waarover nu wordt onderhandeld, de belastingheffing op pensioenen en lijfrentes weet terug te halen, betekent dat voor veel Nederlandse pensionado’s een forse belastingverhoging.

Belastingdruk in Spanje lager

Ook in Duitsland, dat al een nieuw belastingverdrag heeft gesloten met Nederland, is de onrust groot. Nederland gaat daar vanaf 2015 belasting heffen over pensioenen, voorzover die hoger zijn dan €15.000. Voor duizenden Nederlandse gepensioneerden betekent dat een forse aderlating.

Als Nederland erin slaagt ook Spanje te overtuigen van de nieuwe afspraken, heeft dat vooral grote gevolgen voor de fiscale behandeling van lijfrentes, individuele pensioenregelingen en successierechten. De belastingdruk hierop is in Spanje nu nog aanzienlijk lager dan in Nederland. ‘Hoe korter de looptijd van de lijfrente en hoe hoger de leeftijd van de begunstigde, des te groter is de belastingvrijstelling die Spanje verleent’, legt fiscalist Jan Doorakkers van Gimbrère Doorakkers uit. ‘Die vrijstelling kan oplopen tot meer dan 80%.’

'De spelregels worden veranderd'

Ook bij overlijden van de partner kunnen Nederlanders in de problemen raken als zij niet langer fiscaal inwoner zijn in Spanje. ‘De Spaanse fiscus kent voor fiscaal residenten een hoge vrijstelling voor de erfbelasting. Die vrijstelling vervalt dan grotendeels’, aldus ­estate planner Erik de Haan van Kompas Consulting.

Secretaris Hans Hueber van de Vereniging van Nederlandse Gepensioneerden in Spanje (VNGS) vindt dat Nederland bestaande gevallen moet ontzien. ‘Ik woon nu elf jaar in Spanje en plotseling dreigen de fiscale spelregels te worden veranderd.’ De VNGS heeft onlangs de zorgen in een brief aangekaart bij het ministerie van Financiën.


Mededeling VNGS betreffende bankrekeningen. (27-12-2013)

Binnenkort wordt het gebruik van IBAN banknummers ook binnen Nederland verplicht. Voor het overmaken van contributies naar onze vereniging vanuit Nederland kunt u dus op dezelfde wijze gebruik maken van de aangegeven bankrekening ten name van de Asociación de Pensionistas Holandeses en España (VNGS) bij Bankinter in Benidorm. Volledigheidshalve geven we dat IBAN bankrekeningnummer hierbij nog eens weer:

ES40 0128 0645 5701 0003 6945.

Het BIC nummer luidt: BKBKESMMALI

Het rekeningnummer in Nederland is vanaf heden niet langer beschikbaar voor de VNGS.

La Nucía, 26 december 2013.


MOGELIJKE NIEUWE BELASTINGWETGEVING IN NEDERLAND – HERONDERHANDELING BELASTINGVERDRAG NL-ESP 1971 (18-10-2013)

Op het gebied van belastingen voltrekken zich op het ogenblik veel ontwikkelingen die waarschijnlijk van grote invloed zullen zijn op onze persoonlijke financiën.

Alhoewel dit onderwerp niet direct aansluit op de doelstellingen van onze stichting c.q. vereniging zijn de gevolgen voor de z.g. verdragsgerechtigden dusdanig dat wij er toch aandacht aan willen besteden.

Wij ontvingen het aanbod van  Hak & Rein Vos juridisch adviseurs en notarissen en Kompas Consulting publicaties van beide kantoren over genoemde onderwerpen over te nemen op onze site ten behoeve van onze leden. De redactionele verantwoordelijkheid ligt bij de opstellers van de berichtgeving.

Hierbij volgt hun eerste bijdrage

 

BRONSTAATHEFFING INKOMSTENBELASTING

Op dit moment zijn er onderhandelingen gaande tussen de Spaanse en Nederlandse overheid voor de herziening van het verdrag inkomstenbelasting tussen beide landen uit 1971, met het doel (van de Nederlandse overheid) om te komen tot een bronbelasting van de pensioenen. Mocht Nederland zijn doel bereiken dan zal dit funeste gevolgen hebben voor de Nederlandse residenten in Spanje op het gebied van de erfbelasting.

Het huidige systeem

Fiscale residenten in Spanje verzorgen in Spanje hun aangifte inkomsten-belasting en in dat geval worden hun pensioenen (private pensioenen, AOW en lijfrentes) enkel in Spanje belast. Veel Nederlanders maken gebruik van deze mogelijkheid, alhoewel nog grotere aantallen residenten (personen die feitelijk in Spanje wonen) hun inkomstenbelasting in Nederland aangeven en zo dus geen fiscaal resident in Spanje zijn, maar feitelijk ook geen resident in Nederland. De rechten op de sociale voorzieningen spelen daarbij een grote rol. De situatie van feitelijk resident in Spanje en fiscaal resident in Nederland is op het gebied van afwikkeling van nalatenschappen de meest problematische. De bewijzen voor kortingen op de erfbelasting in Nederland én de kortingen in Spanje liggen zo precies aan de verkeerde kant...

Bronstaatheffing

In de notitie Fiscaal Verdragsbeleid van 2011 staat dat Nederland er naar streeft dat de inkomstenbelasting geheven wordt in het land waarin deze gegenereerd is. Dat wordt bronstaatheffing genoemd. In de onderhandelingen met Spanje wil Nederland nu bereiken dat alle fiscale residenten in Spanje met een in Nederland opgebouwd pensioen weer in Nederland over hun pensioen inkomstenbelasting gaan betalen. Dan hebben we het waarschijnlijk over 99% van de "pensionados". De vraag is of Nederland dit eenzijdig kan bepalen of dat daar andere compensaties tegenover staan. Het is niet aan mij om daarop in te gaan.

Gevolgen

In de praktijk zal deze bronstaatheffing betekenen dat een groot aantal Nederlanders weer terug zal keren naar Nederland. Waarschijnlijk een nog groter aantal zal er voor kiezen om gewoon in Spanje te blijven wonen en dan maar weer inkomstenbelasting in Nederland af te dragen. Goed voor de Nederlandse Staat; slecht voor de Spaanse Staat en slecht voor de gepensioneerde in kwestie. In eerste instantie is dit slecht voor de gepensioneerde omdat er een tweesplitsing ontstaat tussen de feitelijke residentie en de plaats waar belasting betaald wordt. Spaanse fiscale residenten hebben er voor gekozen om bij te dragen aan het land waarin zij wonen; dat is dan niet meer mogelijk. Ook voor de gezondheidszorg van deze residenten zal dit wel weer vervelende gevolgen hebben.

Erfbelasting

In tweede instantie is het terugvallen op de Nederlandse fiscale residentie zeer nadelig op het moment van het afwikkelen van een nalatenschap. De Spaanse belastingdienst hanteert sinds kort nagenoeg zonder uitzondering de regel dat degene die in Spanje inkomstenbelasting betaalt (na een bepaalde periode) automatisch als resident kan worden beschouwd. Die residentie geeft recht op kortingen op een dermate manier dat een langstlevende echtgenoot in de Comunidad Valenciana op dit moment in de meeste gevallen geen erfbelasting hoeft te betalen indien het gemeenschappelijke familievermogen onder de 500.000 euro ligt. Zodra de fiscale residentie weer in Nederland ligt, zal de Spaanse belastingdienst geen kortingen meer op de erfbelasting aan de langstlevende echtgenoot verlenen en moet er door de voorgenoemde langstlevende echtgenoot een bedrag van ongeveer 39.000 euro aan erfbelasting in Spanje betaald worden. Verder is er over de nalatenschap van een Nederlander die langer dan tien jaar uit Nederland is vertrokken geen erfbelasting meer in Nederland verschuldigd. Door het weer aangeven van inkomstenbelasting in Nederland wordt er aan de Nederlandse fiscus een bewijs gegeven van residentie in Nederland waardoor de residentie in het buitenland weer moeilijker aan te tonen is.

CONCLUSIE

Kortingen op de erfbelasting zijn sterk gekoppeld aan de fiscale residentie van de overledene. Mocht Nederland de bronstaatheffing doorvoeren, dan moeten de fiscale residenten zich goed laten voorlichten over de gevolgen van het opnieuw aangeven van inkomstenbelasting in Nederland. Ik houd u zoals gebruikelijk op de hoogte en hoop voor u dat de Spaanse overheid in deze kwestie niet overstag gaat.

Hak & Rein Vos juridisch adviseurs en notarissen te Benidorm en Lelystad) en Erik de Haan (Kompas Consulting te Benidorm


Regeling koopkrachttegemoetkoming niet-KOB-gerechtigden met een AOW-pensioen (12-09-2013)

klik hier voor pdf


STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND  (SBNGB)  (09-09-2013)

WAARSCHUWING

ONZORGVULDIGE REISKOSTENVERZEKERAARS VERKOPEN GEBAKKEN LUCHT

Veelvuldig wordt bij gelegenheid van vakantie of een andere reis, een reiskostenverzekering afgesloten en ook doorlopende reisverzekeringen zijn veel gevraagd. Een van de risico´s die daarin worden afgedekt, betreft de ziektekosten en daarop doelen wij in deze waarschuwing, die geldt voor z.g. verdragsgerechtigden, Nederlandse gepensioneerden die in een van de verdragslanden wonen en daarom in het bezit zijn van een EHIC, een European Health Insurance Card die hun noodzorg garandeert in genoemde landen. Wij richten ons hierbij dan ook tot deze groep personen.

Reeds enkele jaren geleden stelden wij vast dat bij praktisch alle reiskostenverzekeringen in de z.g. kleine lettertjes wordt vermeld dat de afgesloten verzekering slechts werking heeft onder de voorwaarde dat een “onderliggende ziektekostenverzekering aanwezig is”.

In eerdere publicaties van onze stichting hebben wij erop gewezen dat de verdragsgerechtigden “recht op zorg in het woonland hebben ten laste van Nederland” waartoe een bijdrage op onze pensioenen in rekening wordt gebracht. Wij betalen geen premie hetgeen reeds aangeeft dat wij niet verzekerd zijn doch slechts recht op zorg hebben.

Onderzoek bij reiskostenverzekeraars heeft ons na heel lang aandringen duidelijk gemaakt dat ons verdragsrecht niet voldoet aan in de polis vereiste onderliggende ziektekostenverzekering waarbij dus duidelijk wordt dat men ons verzekeringsproducten verkoopt waarvan men op voorhand weet dat de houder nooit aan deze voorwaarde zal kunnen voldoen. Immers op 1.1.206 zijn we bij de introductie van de ZVW onze ziektekostenverzekeringen kwijtgeraakt. Reiskostenverzekeraars hebben bij verdragsgerechtigden geen recht van regres d.w.z. de mogelijkheid ziektekosten terug te claimen bij de ziektekostenverzekeraar.

Wij hebben hen gewezen op zeer onzorgvuldig gedrag waarbij men zich probeerde te verschuilen achter agenten en verzekeringsmakelaars. Ook trachtte men dit gedrag te rechtvaardigen door te wijzen op de coulance die regelmatig betracht werd. De reiskostenverzekeringen zijn kennelijk zo winstgevend dat men op voorhand voorzieningen kan maken voor deze coulance in geval van (beperkte) schade bij verdragsgerechtigden. Wanneer wij ons denken te hebben verzekerd willen we de zekerheid ook gedekt te zijn en niet afhankelijk te moeten zijn van coulance van de verzekeraar c.q. het risico te lopen door verwijzing naar de kleine lettertjes geen vergoeding voor gemaakte ziektekosten te krijgen.

Wij hebben deze problematiek voorgelegd aan VWS en CVZ die reageerden door te stellen dat de overheid in deze geen verantwoordelijkheid draagt. De EU in Brussel noemde het een “weeffout in de verordening”. Wij hebben toen herhaald contact gezocht met het Verbond van Verzekeraars die zich niet verwaardigt zelfs maar te antwoorden. Betreffende correspondentie kunt u lezen op onze website www.vngsint.com (ZIE ONDERAAN DEZE BRIEF)

Bij reizen binnen de verdragslanden biedt de EHIC soelaas voor noodhulp. Uit het bovenstaande blijkt echter dat wij ons dus kennelijk niet kunnen verzekeren tegen ziektekosten via een reiskostenverzekering voor reizen buiten Europa waar de EHIC geen enkele dekking biedt. Onnodig te stellen dat dit een onacceptabele situatie is.

Conclusie

Sluit u dus geen reiskostenverzekering af zonder dat u de schriftelijke zekerheid hebt van uw verzekeraar dat uw ziektekostenverzekeringsituatie ook daadwerkelijk voldoet aan de kleine letters in hun polis. Voor reizen buiten de verdragslanden mogen o.i. aan verdragsgerechtigden zonder een extra particuliere ziektekostenverzekering geen reiskostenverzekeringen verkocht worden, tenzij expliciet ziektekosten daarin gedekt zijn en de eis van een onderliggende ziektekostenverzekering niet in de polis is opgenomen.

 

Het bestuur.

Altea, 09 september 2013

KLIK OP ONDERSTAANDE STUKKEN


STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND  (16-08-2013)

Ten tijde van het kabinet Rutte 1 werd besloten de z.g. KOB toeslag, die tot dan alle AOW gerechtigden betrof, niet langer uit te betalen aan de verdragsgerechtigden van wie niet ten minste 90% van hun inkomen belast werd in Nederland. De KOB uitkering bedroeg oorspronkelijk 33,09 euro per maand, welk bedrag onafhankelijk was van de hoogte van de eigen AOW. 

Deze uitkering, die in het leven geroepen was als compensatie voor AOW gerechtigden in het algemeen, werd ombenoemd tot een compensatie voor een eerdere belastingmaatregelen met het doel een opening te creëren ons deze betaling te kunnen ontnemen.

Op initiatief van onze Stichting met een daartoe door onze advocaat opgesteld bezwaarschrift, hebben verschillende getroffenen zich gewend tot de Nederlandse rechter die oordeelde dat deze maatregel onrechtmatig was en ongedaan diende te worden gemaakt. De Staat, vertegenwoordigd door de SVB die daartoe gedwongen werd, ging in hoger beroep.

Parallel aan de actie diende onze Stichting een formele klacht in bij de Europese Commissie die ontvankelijk werd verklaard hetgeen voor de Staat nog geen aanleiding was tot ongedaan making. Eerst toen de EC aankondigde naar het EU Hof van Justitie te gaan, werd besloten het besluit terug te draaien.

Toegezegd werd over te zullen gaan tot terugbetaling van de verschuldigde bedragen vanaf de datum van stopzetting inclusief wettelijke rente. Diegenen in beroep waren gegaan bij de rechtbank Haarlem hebben merendeels hun geld reeds ontvangen.

Inmiddels ontvingen wij bericht van de directie juridische zaken van de SVB dat de ministeriële regeling, waarin met terugwerkende kracht een bedrag ter hoogte van de tegemoetkoming KOB wordt betaald aan betrokkenen die niet in beroep gingen, in concept gereed is. Men verwacht bij de SVB vanaf september de toelage maandelijks te kunnen gaan betalen en hoopt in oktober de nabetaling te kunnen doen.

 

Het bestuur


 

Beste ouders,

Soms gaan dingen langzamer dan je denkt, soms gaan ze sneller. Het bericht dat we jullie eerder deze week stuurden gaf aan dat het besluit over de bezuinigingen doorgeschoven was. Dat doorschuiven is nu voorbij; vandaag is het besluit genomen door de ministerraad om de volledige subsidie voor Nederlands onderwijs in het buitenland te schrappen.

Het is nu dan ook tijd voor actie. De Stichting NOB (die scholen zoals de onze ondersteunt) heeft een petitie online gezet. Het is erg belangrijk dat zoveel mensen deze petitie ondertekenen. Wij willen jullie dan ook vragen om de petitie te ondertekenen, en zo breed mogelijk onder familie, vrienden, collega's etc te verspreiden. 

De petitie staat op: 

Meer informatie (inclusief een filmpje met goede uitleg) staat op:

Vriendelijke groeten,

Richard van Oorschot

Voorzitter NTC La Moraleja


Bron: RTL nieuws  30-05-2013

Kabinet kiest eieren voor zijn geld

Broddelwerk Kamp kost honderden miljoenen

Minister Kamp heeft in het vorige kabinet de export van uitkeringen naar landen als Marokko aan banden gelegd. Nu blijkt dat de wet juridisch niet deugt. Het gevolg: het kabinet moet zo'n 300 miljoen plus rente alsnog overmaken naar het buitenland.

Minister Asscher van Sociale Zaken concludeert dat na een aantal verloren rechtszaken over deze wet.

Asscher kiest eieren voor zijn geld. Als de minister verder gaat met procederen, loopt hij het risico dat de strop nog groter wordt.

Geen recht meer op bonus

Het gaat om de beperking van een bonus voor oudere belastingplichtigen om te voorkomen dat zij te hard in hun koopkracht worden geraakt. Ouderen die over minder dan 90 procent van hun inkomen in Nederland belasting hebben betaald, hadden geen recht meer op die bonus.

Gedupeerden vochten die maatregel met succes aan. Asscher zou nog in beroep kunnen gaan bij Europese rechters, maar ziet daar van af. Volgens hem zou die procedure te lang duren en bestaat de kans dat ook een Europese rechter de gedupeerden in het gelijk stelt. Dan zou de tegenvaller nog groter zijn.

Nu krijgen de ouderen in het buitenland met terugwerkende kracht hun bonus tot 1 juni 2011 terug.

Asscher heeft de strop van 300 miljoen al verwerkt in zijn begroting.


MEDEDELING STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND (SBNGB).  (25-05-2013)

Grote overwinning voor de Stichting/VNGS ten behoeve van alle verdragsgerechtigden

Ongetwijfeld herinnert u zich dat als bezuinigingsmaatregel, met ingang van juni 2011 de tegemoetkoming AOW van € 33,11 per maand, de z.g. KOB uitkering, niet langer uitbetaald wordt aan Nederlanders die buiten Nederland in één van de verdragslanden wonen en waarvan niet tenminste 90% van hun inkomen in Nederland belast wordt.

Aangezien dit besluit indruist tegen bestaande wetgeving en onze insteek is dat praten en onderhandelen met de overheid meestal niet erg effectief is, ondernamen wij tevens juridische stappen. Op instigatie van onze Stichting/VNGS en met behulp een concept bezwaarschrift opgesteld door onze advocaten, maakten velen hun bezwaar hiertegen kenbaar bij de SVB en gingen na afwijzing hiervan in beroep bij de rechtbank in Haarlem. Uit de vele beroepen selecteerde de rechtbank er een beperkt aantal en kwam voor wat betreft deze zaken tot de uitspraak dat de inhouding van deze toelage op de AOW onrechtmatig is. De Sociale Verzekeringsbank werd niettemin door het ministerie gedwongen in hoger beroep te gaan.

Parallel daaraan diende onze Stichting een formele klacht in bij de Europese Commissie in Brussel aangezien deze maatregel ook indruist tegen EU wetgeving. De Commissie verklaarde onze klacht ontvankelijk en droeg de Nederlandse regering op genoemde wetgeving ongedaan te maken en met terugwerkende kracht de uitkering alsnog toe te kennen.

De overheid bepleitte haar zaak nogmaals bij de EU Commissie maar werd daarbij opnieuw geconfronteerd met hetzelfde oordeel ter ondersteuning waarvan de EU Commissie een infractieprocedure is gestart bij het EU Hof van Justitie in Luxemburg.

Overtuigd inmiddels van de onhaalbaarheid van hun standpunt, heeft de regering eieren voor haar geld gekozen en inmiddels aangekondigd de maatregel ongedaan te zullen maken. De uitbetaling zullen worden hervat en wel met terugwerkende kracht vanaf juni 2011.

De officiële mededeling van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vindt u hier als PDF.

U begrijpt dat wij ons enorm verheugen op dit nieuwe succes van onze Stichting/VNGS die ook achter de schermen doorgaat de belangen van de verdragsgerechtigden te verdedigen.


Het Bestuur


 

Mededeling Stichting Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland

13-03-2013

Het Gerechtshof Amsterdam verstuurt op dit moment brieven aan diegenen die een verweerschrift  hebben ingediend tegen het hoger beroep van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) in verband met de MKOB zaak.

In de brief wordt vermeld dat er te zijner tijd een zitting zal plaatsvinden. De termijn waarop dat zal gebeuren is niet vermeld.  In de brief vraagt het Gerechtshof toestemming aan beide partijen, diegene die het verweerschrift heeft ingediend en de SVB, om af te zien van de mondelinge behandeling en de zaak zonder zitting af te doen. Dit zou de afdoening kunnen bespoedigen en de kosten voor alle partijen kunnen verminderen. Alleen als beide partijen daar toestemming voor geven zal de zaak zonder zitting kunnen worden behandeld.

De SBNGB heeft in het verleden een model verweerschrift gepubliceerd. In dat model verweerschrift zijn de feiten voldoende onderbouwd. Bovendien heeft de Europese Commissie, ondermeer op verzoek van de SBNGB, een procedure aangespannen bij het Europese Hof van Justitie in Luxemburg. Om die redenen is de SBNGB van mening dat aan het Gerechtshof toestemming kan worden verleend de zaak zonder zitting af te doen. Wel adviseert zij om de bijgaande modelbrief toe te voegen aan het daartoe in te vullen formulier, alsmede het persbericht van de EU commissie dat separaat is gepubliceerd.

 

Het Bestuur

modelbrief (word)

persbericht van de EU (PDF)


24-03-2013

STICHTING BELANGENBEHARTIGING  NL GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND

(SBNGB)

VERENIGING NL GEPENSIONEERDEN IN SPANJE

(VNGS)

Toen minister Donner van Sociale Zaken in het Kabinet Rutte 1 naarstig op zoek was naar besparingen, was een gewillig en politiek volstrekt ongevaarlijk slachtoffer snel gevonden; de in het buitenland wonende gepensioneerden. Nog voor de wet een feit was hebben we op 4 mei 2011 de EU commissie verzocht handelend op te treden tegen de inbreuk op de EU verordening 883/2004 met als resultaat de zojuist door de EU commissie aangekondigde  gang naar het Europese Hof in Luxemburg

Een eerdere koopkrachttegemoetkoming voor ouderen werd omgetoverd tot een belastingmaatregel en, aangezien onze doelgroep in het licht van bestaande verdragen niet belastingplichtig is in Nederland, kwamen deze gepensioneerden daarvoor verder niet meer in aanmerking. Een besparing van ruim 110 miljoen euro was snel verdiend.

Onze Stichting adviseerde belanghebbenden een bezwaarschrift in te dienen hetgeen leidde tot een vonnis van de rechtbank in Haarlem, waarin werd geoordeeld dat deze maatregel strijdig was met EU regelgeving en moest worden teruggedraaid. De minister weigerde zijn verlies te erkennen en gaf de SVB opdracht in hoger beroep te gaan. Deze procedure loopt nog.

Teneinde niet het risico te lopen opnieuw geconfronteerd te worden met “bestuurlijke naïviteit” besloot onze Stichting ook een formele klacht in te dienen via onze advocaat in Brussel bij de Europese Commissie.  Dit initiatief heeft inmiddels geleid tot dagvaarding van Nederland voor het   EU Hof in Luxemburg zoals blijkt uit het onderstaande perscommuniqué.

Bij ons eerder proces voor het Hof bepleitten wij met succes een voorrangsbehandeling gezien de kwetsbaarheid van de klagers. Helaas kunnen natuurlijke personen zich niet mengen in de procedure tussen de Commissie en Nederland voor het Hof, dus de snelheid zal vooral afhangen van de Commissie. Uiteraard zullen wij proberen daarop invloed uit te oefenen.

 


Verslag Algemene Ledenvergadering VNGS dd. 18.02.2013

klik hier voor pdf


Persbericht EC inzake Wet MKOB  (21-02-2013)

Pensioenen: Commissie daagt Nederland voor het hof wegens discriminatie van gepensioneerden in het buitenland.

klik hier voor PDF

zie ook: Brussel dwingt koopkrachtbonus af (klik hier voor PDF)


Waarschuwing aan alle CVZ-verzekerden die buiten Europa willen reizen (18-03-2013)

Weest U alert indien U voor een reis buiten Europa een reisverzekering afsluit met dekking voor zorgkosten. Vaak zijn dit complementaire verzekeringen, dus aanvullend op een onderliggende zorgkostenverzekering, in het algemeen de verzekering van het U door het CVZ aangewezen ziekenfonds in Uw woonland. Echter in diverse EU lidstaten weigert dit fonds zorgkosten aangegaan buiten het woonland (gedeeltelijk) te vergoeden. In geval waarvan ook de reisverzekeringsmaatschappij weigert te betalen.
De Heer Guido Smorenburg, voorzitter van de FANF, een overkoepelende organisatie van verenigingen van Nederlanders in Frankrijk, schreef hier een stukje over en stond ons toe dit over te nemen op onze site. Zijn stuk is specifiek gericht op de Franse situatie, U vindt het hier. De ICNG paste het stuk aan voor het deel van onze achterban dat woonachtig is buiten Frankrijk. Deze versie vindt U hier.


Voortgang wet MKOB  (14-01-2013)

Op 31 mei 2012 berichtten wij U dat de Europese Commissie in een met redenen omkleed advies aan de Nederlandse regering de wet MKOB heeft afgekeurd.
De Nederlandse regering heeft hier eind vorig jaar op geantwoord. De beslissing van de Commissie in reactie hierop wordt eind februari 2013 verwacht.
De Commissie kan ofwel besluiten de procedure stop te zetten (als zij genoegen neemt met het antwoord van de Nederlandse regering) ofwel een procedure starten bij het Hof van Justitie van de EU in Luxemburg.

In het jaarplan en begroting 2013 van de SVB is het volgende vermeld :

MKOB
Bij de SVB zijn tussen mei 2011 en augustus 2012 circa 8.300 bezwaarschriften
ontvangen tegen het niet betalen van MKOB (Mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming
voor oudere belastingplichtigen). Het merendeel van deze zaken wordt met toestemming
van de bezwaarmakers aangehouden totdat in rechte onaantastbaar is beslist over het
onderwerp.

Bij de rechtbank Haarlem zijn (augustus 2012) circa 90 zaken aanhangig tegen
beslissingen op bezwaar inzake de MKOB. Deze rechtbank heeft inmiddels 36 zaken
gegrond verklaard. Tegen deze gegrondverklaring is de SVB in hoger beroep gegaan bij
het Gerechtshof te Amsterdam.

De Europese Commissie heeft de Nederlandse regering laten weten dat een
infractieprocedure tegen Nederland wordt gestart over de MKOB. De verwachting is dat
het Gerechtshof de behandeling van de hoger beroepen zal aanhouden totdat is beslist in
de infractieprocedure. De rechtbank Haarlem heeft aangegeven dat de zaken niet
aangehouden worden. Deze zullen dus in het laatste kwartaal van 2012 en in 2013
worden behandeld. Na ommekomst van de verschillende procedures zullen de
bezwaarzaken afgedaan moeten worden.


STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND (SBNGB)

Betalingsachterstanden

Tijdens eerder overleg in oktober jl. heeft het CVZ ons erop gewezen dat er nog een fors bedrag te vorderen is aan achterstallige verdragsbijdragen. Sinds aanvang januari is CVZ begonnen aanmaningsbrieven te verzenden aan de betroffen verdragsgerechtigden.

In deze herinneringsbrief geeft het CVZ expliciet aan dat er een betalingsregeling kan worden getroffen. Het CVZ heeft een procedure opgesteld voor het aanbieden van betalingsregelingen  die  is afgestemd met de Nationale Ombudsman. Uitgangspunt is dat de betalingsregeling - binnen de vastgestelde richtlijnen - zoveel mogelijk aansluit bij de wensen van de klant. De voorwaarden zijn:

*          het minimum termijnbedrag is 50 euro;

*          het maximum aantal termijnen is 12 maanden bij een hoofdsom tot en met 2400 euro;

*          het maximum aantal termijnen is 24 maanden bij een hoofdsom groter dan 2400 euro.

 Het CVZ is via hun website en telefoon goed bereikbaar om vragen over de vordering en verzoeken om een betalingsregeling adequaat af te handelen.

Mocht binnen 6 weken niet adequaat gereageerd worden, dan zal een aanmaningsbrief volgen

Het Bestuur


EHIC aanvragen voor 2013

Als U ook in 2013 de mogelijkheid wilt hebben buiten Uw woonland bij verblijf in een van de lidstaten van de EU/EER of Zwitserland verrekening van Uw zorgkosten rechtstreeks tussen de zorgverlener en het CVZ/AGIS te doen plaats vinden, dan dient U bij het CVZ een EHIC (European Health Insurance Card) aan te vragen.

Klikt U op www.cvz.nl/formulieren/ehicformulier.html en vult U vervolgens het aanvraagformulier in.

Het eerste dat hierbij van U gevraagd wordt is Uw Cvz-ID. U vindt dit getal op Uw EHIC van 2012 onder 6 Personal identification number en ook op sommige brieven die U van het CVZ in 2012 ontvangen heeft. In zo’n brief wordt het getal achter  “verzekerde-Id” vermeld. Tevens kunt U het Cvz-Id opvragen bij het CVZ via telefoonnummer +31 (0) 20 797 8083.

Na verzending van het “aanvraagformulier EHIC” kunt U de card binnen ca twee weken bij U thuis verwachten.


 

Rekenmodel verdragsbijdrage 2012 (28-11-2012)

Bijgaand het rekenmodel dat gebruikt kan worden om de individuele bijdrage te kunnen bepalen die een verdragsgerechtigde aan Nederland moet betalen.  Dit model is wederom door Hans Berg samen met Jan de Voogd opgesteld.

 
De heren hebben daar weer heel veel tijd in moeten steken vanwege de vele wijzigingen die regelmatig worden aangebracht in de regelgeving.  Graag wil ik beide heren dan ook bedanken voor hun geweldige inzet.
 

(Klik hier voor rekenmodel)

Advies: Dit gaat het beste met Google Chrome als browser


Klacht bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens niet ontvankelijk verklaard.

Wij ontvingen een ontvankelijkheidbeslissing van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens met betrekking tot de klachtprocedure van de heren Ramaer en Van Willigen.

 De klacht met betrekking tot het recht op ongestoord eigendomsgenot als bedoeld in art. 1 EP:     Hiervan heeft het EHRM geoordeeld dat de (particuliere) zorgverzekeringen niet vallen aan te merken als ‘possession’ als bedoeld in art. 1 EP. Hoewel wij volgens het Hof mochten hopen dat deze verzekeringen ook na 1 januari 2006 onder vergelijkbare voorwaarden zouden worden verlengd, kwalificeert dat volgens het EHRM namelijk niet als ‘legitieme verwachting’ waarvoor art.1 EP bescherming biedt. Dit onder meer omdat noch in de wet noch in de jurisprudentie ‘hard’ was bepaald dat zorgverzekeringen (altijd) onder vergelijkbare  voorwaarden jaarlijks moesten worden gecontinueerd.

Het gelijkheidsbeginsel: Het EHRM heeft onderkend dat niet-ingezetenen anders zijn behandeld dan ingezetenen bij de herziening van het zorgverzekeringsstelsel, maar volgens het EHRM is er echter geen sprake van ‘vergelijkbare gevallen’. Volgens het EHRM was de Zorgverzekeringswet primair bedoeld om een zorgverzekeringssysteem te creëren voor het Nederlandse grondgebied, niet voor het buitenland. Niet-ingezetenen vallen volgens het EHRM – door hun keuze om in een ander EU-land te gaan wonen – ook niet onder die wet maar onder de Europese verordening die bepaalt dat zij recht hebben op de zorg van dat EU-land. Dit maakt volgens het EHRM de situatie van ingezetenen anders dan die van niet-ingezetenen, wat er dan automatisch in resulteert dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel wordt verworpen (omdat er geen sprake is van gelijke gevallen).  

      Het recht op een eerlijk proces. Wij hadden nog geklaagd over de overweging van de CRvB dat sprake is geweest van ‘bestuurlijke naïviteit’, zonder dat daar gevolgen aan zijn verbonden. Dit heeft het EHRM terzijde geschoven met de overweging dat sprake is geweest van uitvoerige nationale procedures en dat het niet zijn taak is om deze procedures (als vierde instantie) nog eens opnieuw te doen.

      Bestuur SBNGB

               (voor pdf klik hier)


 

De SBNGB en de inkomensafhankelijke zorgpremie (06-11-2012)

De SBNGB en de inkomensafhankelijke zorgpremie
 
De maatregelen in het regeerakkoord die betrekking hebben op de zorgpremie werken ook door in de bijdrage die de verdragsgerechtigden moeten betalen.  Als SBNGB hebben wij voor een aantal inkomensgroepen berekend wat die maatregelen voor ons zouden betekenen. Het resultaat is ronduit onthutsend.
Iedereen met een inkomen tot € 26.880 gaat er op vooruit. Dat is het goede nieuws. Vanaf dat inkomen gaat men er op achteruit. Kennelijk vindt men dat men dan rijk genoeg is om geplukt te worden. De inkomensgrens wordt verhoogd naar € 70.000 nadat die in 2012 al is verhoogd van € 33.427 naar € 50.064. Het resultaat daarvan is een zeer sterke stijging van de te betalen bijdrage. Voor de groep met inkomen van € 70.000 betekent het een verdubbeling van de bijdrage sinds 2011.
Wij hebben de minister van VWS van onze bevindingen op de hoogte gesteld en uitdrukkelijke onze zorg hierover kenbaar gemaakt. Voor de brief met bijlage zie hierna.
 
Het Bestuur


2) de brief aan de Minister           (klik hier voor PDF document)
3) de vergelijking van de kosten  (klik hier voor XLS document)
 


MEDEDELING STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE

                                 GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND (SBNGB)

(klik hier voor pdf)

Op 4 en 5 oktober vond in Alicante een bijeenkomst plaats waaraan deelnamen vertegenwoordigers  van het ministerie van VWS, CVZ en de Sociale Attachees van de ambassades in Ankara, Casablanca en Madrid alsmede afgevaardigden van de diverse organisaties die de belangen vertegenwoordigen van de verdragsgerechtigden in de betreffende verdragslanden. Ook de Stichting Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland was vertegenwoordigd met 3 bestuursleden.

Wij hebben ons bewust om reden van zorgvuldigheid onthouden van het inhoudelijk publiceren omdat persoonlijke interpretaties kunnen leiden tot onjuist conclusies.  Nu echter overeenstemming is tussen alle partijen over de verslaggeving zoals opgesteld door CVZ, willen wij u de samenvatting van genoemde bijeenkomst niet onthouden.

Uit de inhoud zult u kunnen vernemen dat alle probleemgebieden, zowel op het terrein van VWS alsmede CVZ, op een openhartige manier aan de orde zijn gekomen. Wij zijn verheugd dat deze uitwisseling tot stand is gekomen temeer daar afgesproken werd deze bijeenkomst van structurele aard te maken.

 

De besproken onderwerpen zullen in de komende periode opvolging krijgen waarover wij zullen berichten indien daartoe aanleiding zal zijn.

 

Het bestuur.

 

Bevindingen en afspraken bijeenkomst Alicante 4 en 5 oktober 2012

 

Aanwezig namens:

-          de Belangengroep KB 746: Max Dhoolaeghe, Sonja van der Heijden, Myra Koomen en Lisette de Leeuw;

-          de Fédération des Associations Néerlandaises en France (FANF): Guido Smoorenburg;

-          de Vereniging van Nederlands Gepensioneerden in Spanje (VNGS): Hans Hueber,

Albert Kiffen en Cees van der Wiel;

-          de Ambassade in Marokko: Gerard Dijkhuis;

-          de Ambassade in Spanje: Jeanine Maas;

-          de Ambassade in Turkije: Selma Schuurman;

-          het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS): Gelle Klein Ikkink;

-          het College voor zorgverzekeringen (CVZ): Marian Grobbink, Gerard Miltenburg,

Ad Schuurman en René van der Wissel.

De heer F. Brouwers als vertegenwoordiger in België van de Stichting Belangenbehartiging Nederlands Gepensioneerden in het Buitenland (SBNGB) heeft afgezegd.

Uitvoering CVZ

-          Het CVZ hanteert sinds kort een nieuwe procedure bij de aanmelding. Er vindt een vooronderzoek bij betrokkene plaats naar mogelijk prevalerende verzekering in het woonland. Als betrokkene niet reageert gaat het CVZ ambtshalve over tot registratie (bij het CVZ) en start met de inhouding van de verdragsbijdrage. Het CVZ zendt niet op eigen initiatief een formulier 121 naar het ziekenfonds in het woonland. Alleen op verzoek van de betrokkene of als dat ziekenfonds daar zelf om verzoekt.

-          Aan het CVZ is verzocht om bij de telefonische klantcontacten beter rekening te houden met de (soms hoge) leeftijd van de klant. Voorgesteld wordt dat het CVZ een klant-tevredenheidsmeting houdt. Het CVZ neemt dit in overweging.

-          Het CVZ stelt zich formeel op door geen persoonsgegevens in het email-verkeer te gebruiken. Verdragsgerechtigden kunnen echter zelf aangeven hiertegen geen bezwaar te hebben. CVZ onderzoekt de mogelijkheden naar het gebruik van persoonsgegevens bij email.

-          Voor wat betreft de schriftelijke communicatie waarbij gebruik wordt gemaakt van standaardteksten, zal het CVZ dergelijke teksten in het vervolg gaan voorleggen aan daartoe te selecteren klanten. Ook de sociaal attaché’s zal om commentaar worden gevraagd.

-          Het CVZ heeft nog een fors bedrag te vorderen aan achterstallige bijdragen. Er kan een betalingsregeling worden getroffen; het CVZ onderzoekt nog op welke wijze incasso het meest doelmatig is. In overleg met de SVB en UWV wordt bezien of nog na te betalen bijdrage op het pensioen/uitkering kan worden ingehouden (met instemming van betrokkene).

Er wordt in dit verband aandacht gevraagd voor de bejegening van betrokkenen, met name als de persoon in kwestie al een zeer laag inkomen heeft. Het CVZ beschikt niet over de middelen om alle debiteuren telefonisch te benaderen bij de start van een inningsprocedure. Het CVZ neemt in overweging om zoveel mogelijk spontaan een betalingsregeling aan te bieden. Volgens de huidige procedure moet de debiteur namelijk zelf hiertoe het initiatief nemen.

-          Omdat het bijdrage-inkomen over de jaren 2006/2007 niet meer kan worden vastge-steld, gaat het CVZ een praktische oplossing zoeken voor de gevallen waarin over die jaren nog geen jaarafrekening is opgesteld. Dat moet leiden tot zo min mogelijk naheffingen.

-          In verband met de in te houden bijdragen komen zeer lage AOW-pensioenen niet tot uitbetaling. Bij de uitbetaling van het vakantiegeld over een dergelijk pensioen moet de gerechtigde een naheffing voor de verschuldigde –relatief zeer lage- bijdrage betalen. Dit zou voorkomen kunnen worden door het vakantiegeld niet tot uitbetaling te laten komen. Het CVZ zal dit bespreken met de SVB.

-          Geconstateerd wordt dat veel gepensioneerden feitelijk buiten Nederland wonen, maar niet als verdragsgerechtigden worden aangemerkt omdat ze –veelal ten onrechte- nog in de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA) in Nederland staan geregistreerd. Deze personen genieten de volledige dekking van de Zvw en AWBZ. Het CVZ zelf heeft niet de bevoegdheden om hier verandering in te brengen. Deze problematiek raakt echter de uitvoering van meerdere Nederlandse uitvoeringsorganisaties, zoals de Belastingdienst, de SVB en het CVZ. In het belang van een goede uitvoering is een expertise werkgroep opgericht, bestaande uit de diverse organisaties en waar in het bijzonder deze proble-matiek op de agenda staat.

-          Het CVZ doet onderzoek naar de mogelijkheid om de uitvoering van de verdrags-regelingen te vereenvoudigen. Ideeën in dit verband zijn: een andere verdeling van werkzaamheden tussen Belastingdienst en CVZ, andere toepassing van de heffings-kortingen en het alleen nog maar op verzoek versturen van het NiNbi formulier.

-          De AWBZ-component in de bijdrage wordt nog steeds als zeer verwarrend ervaren. Gezien de gekozen bijdrage-systematiek kan echter niet worden voorkomen dat de AWBZ in de beslissingen van het CVZ wordt genoemd. Anders zou die beslissing niet aan de wettelijke eisen van een goede motivatie voldoen. Het CVZ blijft zich inspannen om dit zo goed als mogelijk toe te lichten.

Er wordt op gewezen dat de voorlichting op CVZ-website over AWBZ-zorg in geval van terugkeer naar Nederland voor wat betreft de eventuele wachttijd, geen rekening houdt met de afwijkende positie van verdragserechtigden. Het CVZ zegt toe de voorlichting op dit punt aan te passen.

Evaluatie buitenlandtaak CVZ

-          Uit berichten in Spaanse kranten zou blijken dat Spanje verdient aan de verdrags-gerechtigden. Het CVZ wijst erop dat de kosten die Spanje aan de andere lidstaten in rekening brengt in de Rekencommissie worden gecontroleerd door de andere lidstaten, door een speciale financiële rapporteur en uiteindelijk door de Administratieve Commissie worden goedgekeurd. Het CVZ heeft geen reden om te twijfelen aan de juistheid van de voor Spanje geldende kostenberekening. Bovendien is het gevolg van afrekening op basis van vaste bedragen (in tegenstelling tot werkelijke kosten) dat een woonland in het ene jaar geld over kan over houden maar in een ander jaar te kort komt. De VNGS zal de betreffende artikelen ter beschikking van het CVZ stellen.

-          Uit de Verzekerdenmonitor 2012 van VWS blijkt niet duidelijk waarom de kosten van de zorg in Nederland (pensioenlandzorg) zou moeten leiden tot een hogere woonlandfactor. Het gevolg is immers –met name bij woonlanden waarmee Nederland inmiddels op basis van werkelijke kosten afrekent- dat minder aan die landen hoeft te worden betaald. Bovendien blijkt dat de zorg in Nederland vooral wordt geconsumeerd door verdrags-rechtigden die in België en Duitsland wonen. Het is dan niet eerlijk dat gerechtigden in andere landen moeten meebetalen via een hogere woonlandfactor. VWS zal worden gevraagd om hier op te reageren.

-          Het CVZ zal bij VWS onder de aandacht brengen dat de Verzekerdenmonitor 2012 ten aanzien van de kosten alleen de kosten weergeeft van de vaste bedragen. De werkelijke kosten worden niet genoemd. Dit geeft een vertekend beeld.

-          Gezinsleden met een eigen Nederlands pensioen kunnen niet als meeverzekerd gezinslid in het woonland worden aangemerkt. De verordening 883/2004 kent voor deze situatie een voor-rangsbepaling. Het gezinslid is dan een zelfstandig gepensioneerde en is daarmee verdragsgerechtigd voor Nederlandse rekening. Op basis van dit recht ontstaat bijdrage-plicht in Nederland. Het woonland mag geen premie heffen. Voorzover het woonland hier anders mee omgaat, zal de kwestie op bilaterale basis  of eventueel in Brussel kunnen worden aangekaart. De VNGS biedt aan om over deze kwestie een toelichtende notitie naar het CVZ te sturen.

Vrijwillige verzekering

Tijdens de bijeenkomst in november 2011 zijn bij de vertegenwoordigers van de verdragsgerechtigden verwachtingen ontstaan over een door Nederland in te voeren vrijwillige verzekering. Met de ontvangst van de brief van de minister van 18 januari 2012 is deze hoop de kop ingedrukt. Er bestaat hierover een gevoel van onrecht-vaardigheid. Dat gevoel wordt versterkt door het feit dat veel gepensioneerden ten onrechte worden aangemerkt als nog woonachtig in Nederland en daardoor de volledige aanspraken op Nederlands niveau in het woonland hebben. Bovendien hebben ambtenaren van de Europese Commissie bevestigd dat een vrijwillige verzekering niet in strijd is met de verordening 883/2004.

De brief van de minister geeft de argumenten waarom niet wordt overgegaan tot de introductie van een vrijwillige verzekering naast het verdragsrecht. Ook door alle inmiddels gedane rechterlijke uitspraken bestaat er voor VWS geen aanleiding om dit hernieuwd op de agenda te zetten. Eventuele verandering zal vanuit de politiek zelf moeten komen. Het argument dat een vrijwillige verzekering kostenverhogend zou werken wordt volgens vertegenwoordigers van verdragsgerechtigden onvoldoende gemotiveerd. Ook andere argumenten worden als onvoldoende steekhoudend ervaren. VWS zal op korte termijn hierover een nadere toelichting geven waarbij ook wordt ingegaan op de brief van de SBNGB van 4 maart 2012 aan de minister.

De behoefte aan een vrijwillige verzekering is overigens afhankelijk van wat het wettelijke stelsel van het betreffende woonland te bieden heeft. Als dat voldoende is, zoals bijvoorbeeld in Frankrijk, zal van die optie geen gebruik worden gemaakt, met name niet als dit leidt tot een premie/bijdrage naar Nederlands niveau.

Reisverzekering

-          Reisverzekeringen (voor dekking buiten EU) geven onjuiste informatie omdat gesugge-reerd wordt dat alle kosten worden vergoed, terwijl achteraf blijkt dat als voorwaarde geldt dat een onderliggende wettelijke zorgverzekering aanwezig moet zijn (m.n. in geval van hoge kostendeclaraties wordt dit door reisverzekeraars als argument gebruikt om niet uit te hoeven keren). Verdragsgerechtigden kunnen niet voldoen aan de voor-waarde van een onderliggende verzekering en zijn daardoor bij voorbaat uitgesloten. VWS zal hiervoor aandacht vragen bij het Verbond van Verzekeraars.

-          De relatief lage huidige prijzen van Nederlandse reisverzekeringen staan kennelijk in relatie tot de mogelijkheid om een deel van de kosten af te wentelen op de standaard buitenlanddekking van de Zvw. VWS wordt verzocht om bij het verbond te informeren naar de gevolgen van de afschaffing van buitenlanddekking voor de Nederlandse reisverzekeringen.

-          Frankrijk vindt dat Nederland de kosten moet dragen voor zorg in een land waarmee Nederland een bilateraal verdrag heeft gesloten. Nederland is de tegengestelde mening toegedaan. In een vergelijkbaar geval is door de Europese Commissie een klacht bij Nederland ingediend. Nederland vindt dat Frankrijk de kosten van zorg bij Nederland mag declareren als de kosten zijn ontstaan in een land waarmee Frankrijk een bilateraal verdrag heeft. Het CVZ zal hierover contact opnemen met het Franse verbindingsorgaan.

-          De EHIC wordt alleen op aanvraag door het CVZ verstrekt. Het CVZ zal nagaan of auto-matische afgifte na afloop van de geldigheid van een EHIC mogelijk is. Verder wordt bezien of de Agis-folder over zorg in Nederland bij de EHIC kan worden meegestuurd. Voor tips over de inhoud kan het CVZ worden benaderd. Omdat een folder niet alle bijzonderheden kan geven, geldt wel het algemene advies bij zorg in Nederland om bij twijfel contact op te nemen met Agis.

Communicatie CVZ

-          Het is een maatschappelijke tendens dat er voor de informatieverstrekking een ver-schuiving plaatsvindt naar dienstverlening via het internet. Ook financiële redenen spelen hierbij een rol. Risico bestaat dan dat bepaalde groepen niet worden bereikt omdat die geen toegang hebben tot internet. Het zou als facultatief kunnen worden aangeboden, maar daarbij ontstaat het risico van 2 groepen: de traditionele groep die relatief gebrekkige dienstverlening krijgt en een groep die goede dienstverlening krijgt. De behoefte aan communicatie zal overigens sterk afhankelijk zijn van de kwaliteit van de primaire uitvoeringsprocessen. Als die voldoet, dan vertaalt zich dat in een afname van de klantcontacten.

-          Digitale dienstverlening zal voor landen als Marokko geen uitkomst kunnen bieden.

-          Klantcontacten voor het CVZ kunnen ook afnemen door overheveling van (een deel van) de bijdrageheffing naar de Belastingdienst. CVZ wil de mogelijkheden onderzoeken. Er vindt reeds overleg plaats met de Belastingdienst over de eventuele mogelijkheden van overheveling. De uitkomsten daarvan zijn ongewis.

-          DigiD is op dit moment nog geen optie voor CVZ omdat DigiD gekoppeld is aan de GBA. In verband hiermee gebruikt de SVB een pseudo-DigiD. Er wordt gewerkt aan een aanvulling op de GBA in de vorm van een RNI (Register Niet Ingezetenen). Het is echter niet zeker of deze aanvulling voldoende is voor het kunnen krijgen van een DigiD.

Keuzerecht pensioenlandzorg / woonlandzorg

Het recht op pensioenlandzorg heeft tot gevolg dat op die zorg in Nederland de voor-waarden van de Zvw van toepassing zijn. De Zvw biedt een buitenlanddekking. Dat zou betekenen dat via het recht op pensioenlandzorg ook vergoeding van kosten op basis van de Zvw buiten Nederland mogelijk is

De pensioenlandzorg is echter gebaseerd op de verordening 883/2004 en is beperkt tot zorg die tijdens een verblijf in het pensioenland wordt genoten. Daar wordt tegen in gebracht dat de verordening 883/2004 minimum rechten regelt. Een lidstaat mag daar zelf uitbreiding aan geven. Aan VWS zal worden gevraagd om aan te geven of dit keuzerecht volgens de verordening 883/2004 mogelijk is en zo ja, hoe dit dan verder kan worden geregeld.

Evaluatie verordening 2013 – 2015

De evaluatie van de verordening 883/2004 kan voor VWS aanleiding zijn om de opzegging van de vrijwillige AWBZ-verzekering te heroverwegen. Niet geheel duidelijk is wat de reikwijdte is van de evaluatie(-s). In ieder geval zijn noch VWS, noch CVZ op de hoogte van internationale conferenties die over de evaluatie (-s) zouden zijn gehouden. Hetzelfde geldt voor conferenties die gaande zijn over de mogelijke strijdigheid van richtlijn nr. 2004/38 met de verordening 883/2004. De VNGS zal hierover nog stukken toezenden.

Wel duidelijk is, is dat in 2015 een evaluatie plaatsvindt van de afrekeningsbepalingen. Dit is echter een kwestie tussen de lidstaten en staat los van nationale verzekeringen of bijdrageheffingen.

Als lidstaten niet afrekenen, omdat de verdragsgerechtigde zich in het woonland niet als rechthebbende op zorg heeft geregistreerd, dan mag het pensioenland toch heffen volgens het arrest Van Delft. Hiermee vervalt dan in feite de functie van art. 33 van verordening 1408/71, resp. art. 30 van verordening 883/2004. Volgens deze bepalingen mag het pensioenland alleen heffen als er wordt afgerekend. Het CVZ licht toe dat deze bepalingen voor het pensioenland een rechtsgrond vormen om te kunnen heffen als er nationaalrechtelijk geen verzekering bestaat en om te voorkomen dat het woonland heft.

VWS zal nog reageren op de vraag of de evaluatie(-s) invloed hebben op de situatie van verdragsgerechtigden, maar er zal door VWS geen heroverweging plaatsvinden van de beëindiging van de vrijwillige AWBZ-verzekering.

Aantekeningen FANF

De Federatie van Nederlandse Verenigingen in Frankrijk (FANF) heeft bij zijn leden geïnformeerd naar de ervaringen met de uitvoering van de verdragsregelingen door het CVZ. De samenvatting van de gemaakte opmerkingen is besproken en waar nodig beantwoord. De meeste onderdelen zijn bij de andere agendapunten al aan de orde geweest. Daarnaast is nog specifiek aan het CVZ verzocht om op de beschikkingen duidelijker aan te geven dat het aantekenen van bezwaar niet kan leiden tot uitstel van betaling. Verder is voor veel mensen onduidelijk op welke zorg waar in Europa recht bestaat. Ook voor (het gebrek aan) acceptatie van de EHIC door zorgverleners is de aandacht gevraagd.

Conclusies en follow-up bijeenkomst

De aanwezigen zijn positief over de bijeenkomst, alhoewel bij sommige organisaties van verdragsgerechtigden teleurstelling bestaat over het resultaat van de besproken principiële aspecten van het verdragsrecht. Het CVZ krijgt complimenten voor de positieve vooruitgang van de kwaliteit van de uitvoering. Het wordt zinvol geacht het overleg een meer structureel karakter te geven. Er moet dan naar worden gestreefd om uit meer landen een vertegen-woordiger te hebben. Nu lag de nadruk vooral op Frankrijk en Spanje. De gedachten gaan uit naar een bijeenkomst per anderhalf à twee jaar.


MEDEDELING  08-10-2012

STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND  (SBNGB)

Op donderdag 4 en vrijdag 5 oktober vond in Alicante een bijeenkomst plaats, waarbij aanwezig waren enerzijds vertegenwoordigers van het College voor Zorgverzekeringen en het Ministerie van Volksgezondheid, Wetenschap en  Sport (VWS) en anderzijds organisaties die op verschillende wijze de belangen behartigen van voornamelijk de z.g. verdragsgerechtigden. Het bestuur van de VNGS alsmede de Stichting BNGB waren uiteraard daarbij ook vertegenwoordigd.

De bijeenkomst bestond uit 2 delen. Allereerst een evaluatie van de voortgang geboekt  door CVZ in hun verbeteringsproces aangaande de afwikkeling en uitvoering van de implementatie van de ZVW.

Het andere gedeelte was van informatieve en oriënterende aard  en betrof een gedachte-uitwisseling met de vertegenwoordiger van het Ministerie als voorbereidende instantie van toekomstige wet- en regelgeving alsmede vertegenwoordiger van Nederland in de Administratieve Commissie in Brussel ter voorbereiding van de komende aanpassing van de Verordening.

Deze gedachte-uitwisseling moet worden gezien  als een verdere stap in de richting van een definitieve oplossing van de negatieve gevolgen van de ZVW voor de verdragsgerechtigden.  Er was dan ook geen sprake van beloftes of toezeggingen, slechts de intentieverklaring om onze voorstellen nader te bestuderen. Heel duidelijk kwam daarbij naar voren dat de politieke wil en de financiële gevolgen van onze wensen bepalend zijn voor de uitkomst.

Het bestuur is van mening dat informatie over deze gespreken aan de achterban op dit moment niet gewenst is omdat dit alleen maar zou kunnen leiden tot ongerechtvaardigde verwachtingen.

Wij roepen in herinnering de bijeenkomst begin december 2011 waarbij voor een groot gehoor de z.g. opt-in regeling werd gepresenteerd, die meteen daaropvolgend door de minister in haar brief van 18 januari 2012 aan de 2e Kamer als onacceptabel werd afgewezen.

Wij hebben ons van genoemde bijeenkomst indertijd volledig afzijdig gehouden omdat wij geen deelgenoot wilden zijn van de presentatie van, zoals later bleek, onhaalbare beloftes.

Het is daarom dat wij ook over bovenstaande gespreksronde terughoudendheid zullen betrachten in de berichtgeving totdat het moment daar is dat definitieve antwoorden gegeven zullen kunnen worden. Het zoeken naar publiciteit in deze kan onze zaak slechts schade berokkenen.

 

MEDEDELING STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND.  14-09-2012

VOORRANGSBEHANDELING

Begin augustus hebben wij een persbericht uit doen gaan waarin mededeling werd gedaan van het feit dat,onder auspiciën van onze stichting, enkele van onze participanten uit verschillende verdragslanden een formele klacht hebben  ingediend bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) tegen de Nederlandse Staat. De invoering van de ZVW resulteerde voor de pensionados in een ontneming van immaterieel eigendom, zijnde een particuliere ziektekostenverzekering,  alsmede in een ontzegging van verdere participatie in de leeftijdssolidariteit bij het contracteren van een zorgverzekering, een door ons eerder verworven recht. Daarnaast zijn wij slachtoffer geworden van oneerlijke procesvoering zoals wij in genoemd persbericht uitvoerig meldden. Al deze punten vormen een schending van de protocollen van  het EHRM.

Bij onze eerdere gang naar het EU Hof van Justitie in Luxemburg hebben wij de aandacht gevestigd op de kwetsbaarheid van de doelgroep die het betreft namelijk personen van gevorderde leeftijd. Bij die gelegenheid hebben we  bepleit een  voorrangspositie toegewezen te krijgen teneinde de behandelingstermijn van onze klacht door het Hof tot het minimum noodzakelijke te beperken.

De huidige situatie aangaande de klacht bij het EHRM is identiek;  reden waarom onze advocaat ook hier heeft gepleit voor een voorrangsbehandeling.  Inmiddels ontvingen wij bericht van het Hof, gedateerd 6 september, waarin wordt medegedeeld dat ons verzoek om voorrang in deze ontvankelijk is verklaard en derhalve zal worden gehonoreerd.

Het bestuur.

PERSBERICHT

02-08-2012 

STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND

(SBNGB)

KLACHT PENSIONADOS TEGEN NEDERLANDSE STAAT WEGENS SCHENDING VAN HET EUROPESE VERDRAG VOOR DE RECHTEN VAN DE MENS (EVRM)

Sinds de invoering van de Zorgverzekeringswet bestrijdt de Stichting Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland ("SBNGB") de gevolgen daarvan voor de in de z.g. verdragslanden woonachtige gepensioneerde Nederlanders die in enigerlei vorm pensioen ontvangen uit Nederland. Deze Nederlanders werden op genoemde datum beroofd van hun particuliere zorgverzekering en ontheven van hun rechten op deelname aan de Nederlandse leeftijdssolidariteit in de zorg waaraan zij hun gehele werkzame leven hadden bijgedragen. In ruil daarvoor werden zij gedwongen zich aan te sluiten bij de publieke zorg van hun resp. woonlanden ten laste van Nederland, ten behoeve waarvan Nederland automatisch 'bijdragen' ging inhouden op hun pensioenen, lijfrentes en AOW-uitkeringen. Deze inhoudingen overstegen de oorspronkelijk zorgpremies, terwijl de pensionado's daarvoor een zorg terugkregen die dikwijls duidelijk van een veel lager niveau was dan waartoe men eerder – tot 1 januari 2006 – toegang had. Voor gepensioneerden in Nederland was dit anders; zij kregen per 1 januari 2006 een nieuwe verzekering met een vergelijkbare dekking als voorheen tegen vergelijkbare kosten.

De SBNGB procedeert al zes jaar tegen de onrechtmatige invoering van de ZVW en de nadelige gevolgen die dit had voor de pensionado's in het buitenland. In 2010 leidde dit tot een arrest van het Europese Hof van Justitie in Luxemburg, waarin het Hof oordeelde

dat de Nederlandse regering bij de invoering van de ZVW mogelijk haar geëmigreerde gepensioneerden heeft gediscrimineerd ten opzichte van de inwoners van Nederland. Volgens het Hof was het echter aan de nationale rechter – in dit geval de Centrale Raad van Beroep – om hierover een definitief oordeel te geven. De Centrale Raad deed zijn uitspraak uiteindelijk op 13 december 2011. Deze uitspraak bevatte het ontluisterende oordeel “Dat achteraf bezien wellicht sprake is geweest van een zekere mate van bestuurlijke naïviteit, maakt niet dat moet worden geoordeeld dat sprake is geweest van de vooropgezette bedoeling van de Nederlandse regering om ingezeten en niet ingezeten verdragsgerechtigden (ongerechtvaardigd) ongelijk te behandelen”.

Wél ongelijke behandeling maar aangezien slechts naïef en zonder bewezen opzet, is deze ongelijke behandeling kennelijk toch acceptabel voor de Centrale Raad. Voor de SBNGB en de gepensioneerden in het buitenland is deze uitspraak van de CRvB onbegrijpelijk. Twee pensionado's, ondersteund door de SBNGB, hebben hierover daarom op 7 juni 2012 een klacht ingediend bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Deze klacht is op 31 juli 2012 officieel doorgezet door toezending van een verzoekschrift aan het EHRM waarin het Hof wordt gevraagd om de Nederlandse Staat te veroordelen voor een schending van het Europese Verdrag van de Mens.

In hun verzoekschrift klagen de pensionado's onder meer over de ongelijke behandeling bij de invoering van de ZVW tussen Nederlandse gepensioneerden in het binnenland en Nederlandse gepensioneerden in het buitenland. Hiernaast wordt aan de orde gesteld dat het van rechtswege komen te vervallen van bestaande zorgverzekeringen, en daarmee ook van reeds eerder verworven rechten, een vorm van eigendomsregulering is die onrechtmatig is. Hiernaast klagen de pensionado's erover dat de uitspraak van de Centrale Raad in strijd is met het recht op een eerlijk proces. ( Zie voor een uitgebreidere samenvatting van de klacht het vervolg op dit persbericht: (klik hier voor worddocument)

Dat de SBNGB tot het EHRM moet procederen, laat zien dat de Nederlandse Staat weinig oog heeft voor de belangen van haar gepensioneerde staatsburgers in het buitenland. Hoewel de EU juist de migratie binnen de EU wil bevorderen, bewerkstelligt de Nederlandse interpretatie van het speciaal daarvoor gecreëerde EU recht (in dit geval: verordening 1408/71) juist het omgekeerde, waarmee de Nederlandse Staat dit streven in zeer ernstige mate bemoeilijkt.

Een ander symptomatisch voorbeeld daarvan is het onverwachts onthouden aan de geëmigreerde gepensioneerden, sinds juni 2011, van de zogenaamde “tegemoetkoming KOB” die juist mensen met slechts een AOW pensioen in de grootste problemen brengt.

Daarbij dient aangetekend te worden dat de Raad van State in zijn advies aan de regering dit besluit ernstig ontraadde. Recentelijk verbood de Rechtbank in Haarlem bij vonnis deze ontzegging. Ook de klacht daartegen van de Stichting bij de EU Commissie werd ontvankelijk verklaard en de Nederlandse overheid werd gesommeerd deze wetgeving binnen 2 maanden, uiterlijk 31 juli 2012, ongedaan te maken en deze betalingen onmiddellijk te hervatten. Tot op heden is, ondanks alle genoemde terechtwijzingen, geen enkel ander besluit door de regering genomen.

Gezien het voorgaande, is het beleid van de Nederlandse regering er kennelijk systematisch op gericht de vrije vestiging/migratie van gepensioneerde Nederlanders te bemoeilijken c.q. onmogelijk te maken. De SBNGB zal daartegen blijven strijden.

Het bestuur

01.8.2012


Een stap verder in de zaak MKOB  22-07-2012

Ter herinnering. Met ingang van juni 2011 werd de tegemoetkoming AOW van € 33,11 per maand niet langer uitgekeerd aan Nederlanders die buiten Nederland in één van de Europese lidstaten wonen. Velen maakten hun bezwaar hiertegen kenbaar bij de SVB en gingen na afwijzing hiervan in beroep bij de rechtbank in Haarlem. Uit de vele beroepen selecteerde de rechtbank er een beperkt aantal en kwam voor wat betreft deze zaken tot de uitspraak dat de inhouding van deze toelage op de AOW onrechtmatig is.
De SVB ging daarna in hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam. En het Hof verzocht vervolgens het beperkte aantal mensen wier beroep door de rechtbank was beoordeeld een verweerschrift tegen het hoger beroep van de SVB in te dienen. Onze advocaat heeft zo'n verweerschrift opgesteld en het is op onze website gepubliceerd. Het verweerschrift kan dus alleen worden ingediend door die personen waarover de rechtbank een uitspraak heeft gedaan en waartegen de SVB in hoger beroep is gegaan. Die moeten allemaal bericht hebben gehad van het Gerechtshof. Weest U er attent op dat de data vermeld in deze briefd af kunnen wijken van de data vermeld in het door ons gepubliceerde verweerschrift. U moet dan de data uit de brief in het verweerschrift overnemen.
Ook de Europese Commissie tikte de Nederlands overheid op de vingers met betrekking tot de wet MKOB. Deze moet uiterlijk 31 juli 2012 hierop reageren.


MEDEDELING STICHTING BELANGENBEHARTING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND.

BESTUURSWISSELING  (01-07-2012)

Met vonnis van de Centrale Raad van Beroep van 13 december 2011, naar aanleiding van de opdracht daartoe gegeven door het EU Hof van Justitie, is een einde gekomen aan een procesgang  in Nederland die onze Stichting eind 2005 opstartte tegen de o.i. volstrekt onrechtvaardige en discriminerende gevolgen van de Zorgverzekeringswet voor de gepensioneerde Nederlanders in de z.g. verdragslanden.

Successen werden geboekt zoals het afdwingen van de z.g. woonlandfactoren en  het recht op pensioenlandzorg, terwijl ook teleurstellingen moesten worden verwerkt zoals het onbegrijpelijk vonnis van de CRvB waarbij discriminatie door de Staat niet werd ontkend maar gedoogd werd, aangezien geen opzet kon worden bewezen doch slechts sprake was van bestuurlijke naïviteit.

Na afloop van die periode heeft het Stichtingsbestuur een inventarisatie gemaakt  en is daarbij tot de conclusie gekomen dat er een onverminderd breed scala van onderwerpen, inclusief een reactie op genoemd vonnis, een continuering van de Stichting rechtvaardigt. Als eerste stap in deze 2e fase werd besloten tot de gang naar het EU Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg, waartoe inmiddels onze klacht aldaar is neergelegd terwijl intussen ons bezwaar tegen de inhouding tegemoetkoming KOB door de EU Commissie als rechtmatig is beoordeeld.

Zoals bekend is onze Stichting gebaseerd op een samenwerkingsverband tussen gelijkgerichte belangengroeperingen in België, Frankrijk, Portugal en Spanje die ook samen het bestuur vormen.

De beide bestuursleden van de Belgische tak en tevens van onze Stichting, de heren Frans Andriessen en Coen Ramaer, hebben gezien hun hoge leeftijd te kennen gegeven dat dit moment een geschikte gelegenheid is de Belgische representatie over te dragen aan hun opvolgers, te weten de heren Frans Brouwers en Wim Harkx die zich al geruime tijd hebben warmgelopen.

Namens het bestuur en uiteraard allen die hun belangen vertegenwoordigd hebben gezien door beide heren, een woord van enorme dank voor hun inzet, betrokkenheid en strijdvaardigheid gedurende de afgelopen ruim 6 jaar betoond. Daarbij moet vooral ook grote erkentelijkheid worden uitgesproken voor het werk dat werd verricht in het kader van de fondswerking ter verkrijging van de gelden die helaas onontbeerlijk en essentieel zijn voor onze strijd.

Wij wensen hen beiden het allerbeste toe in een goede gezondheid opdat zij nog heel veel jaren mogen meegenieten van de successen die wij nog hopen te boeken.

Het bestuur.


STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND

VERENIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN SPANJE

08-06-2012

Op 25 mei 2011 stelden wij U bezwaarschriften ter beschikking tegen het o.i. onrechtmatig inhouden van de toelage op Uw AOW door de Sociale Verzekeringsbank. Over deze aangelegenheid berichtten wij recentelijk inzake het vonnis van de Rechtbank in Haarlem alsmede het verzoek van de Europese Commissie aan Nederland een eind te maken aan de discriminatie van gepensioneerden in het buitenland. Zoals bekend heeft de SVB hoger beroep aangetekend tegen de gerechtelijke uitspraak. Het verzoek van de EC heeft er voor de SVB vooralsnog niet toe geleid dit hoger beroep in te trekken.

Teneinde verdere druk uit te oefenen en de uitkering van (achterstallige) betaling van de tegemoetkoming KOB voor zoveel mogelijk mensen te bevorderen stellen wij voor dat diegenen die vorig jaar geen bezwaarschrift hebben ingediend de volgende brief naar de SVB sturen:

Sociale Verzekeringsbank,

Postbus 1100,

1180 BH Amstelveen (NL)

Betreft: onterechte inhouding  tegemoetkoming KOB

Burgerservicenummer   ……………………

Geboortedatum   …………………………..

Recent heeft de Rechtbank Haarlem vastgesteld dat de zogeheten  tegemoetkoming KOB een ouderdomsuitkering krachtens Verordening 883/2004 is en derhalve te exporteren is naar het buitenland.

Ook de Europese Commissie kwam tot dezelfde opvatting. Op grond daarvan verzoek ik u mij vanaf 1 juni 2011 deze tegemoetkoming te doen toekomen en dit verzoek als een aanvraag van de tegemoetkoming KOB te beschouwen. Mocht u anders willen beslissen, zo wens ik daarover schriftelijk geïnformeerd te worden.

Hoogachtend,

Uw naam

(uw adres)

Attentie: voor degenen die na 1 juni 2011 65 jaar werden zal een latere ingangsdatum in de brief moeten  worden vermeld.
 
Het bestuur.


Persbericht AD  31-05-2012
Discriminatie
Nederland wordt vandaag door de Commissie ook in gebreke gesteld wegens discriminatie van gepensioneerden die in het buitenland wonen. Het gaat om een koopkrachttegemoetkoming van €33,65 per maand waar ze geen recht op hebben als ze niet 90% van hun inkomen in eigen land genieten.
De Europese Commissie zegt dat dat discriminatie is die in strijd is met de EU-regels. Nederland krijgt twee maanden om zich te schikken naar het oordeel van de Commissie. Daarna kan de Commissie naar het EU-Hof stappen.
De Raad van State had al gewaarschuwd dat de betrokken wetgeving in strijd was met de EU-verplichtingen.

Persbericht Europese Commissie (klik hier)


MEDEDELING SBNGB DD. 22-04-2012

Bij herhaling bereikt  ons in diverse vormen de opmerking  dat wij wel AWBZ “premie” moeten betalen via de CVZ inhoudingen, maar daar geen recht op kunnen maken in onze woonlanden c.q. deze zorg daar niet bestaat.  Wij hebben CVZ derhalve voorgesteld duidelijk te maken dat deze voorstelling van zaken niet juist is. In antwoord daarop suggereerde men ons  volgende tekst op onze sites over te nemen:

U betaalt geen AWBZ-premie, u betaalt een verdragsbijdrage. Op grond van verdragsregels hebt u recht medische zorg in uw woonland voor rekening van Nederland. U betaalt hiervoor aan het CVZ de verdragsbijdrage (Zvw-bijdrage, of ook wel buitenlandbijdrage).

In Nederland is de dekking voor medische zorg verdeeld over twee verzekeringen: de Zvw en de AWBZ. De hoogte van de verdragsbijdrage is afgeleid van de premies die gelden voor deze twee verzekeringen. Het CVZ berekent deze afzonderlijk, omdat er verschillende percentages gelden. Verder past het CVZ de zogenoemde woonlandfactor toe. Hierdoor staat uw bijdrage beter in verhouding tot de kosten voor medische zorg in uw woonland.

Buiten Nederland kunt u geen AWBZ-zorg krijgen. Echter, als u tijdelijk in Nederland verblijft, kunt u wél aanspraak maken op AWBZ-zorg.


Als parttime pensionista in Spanje wonen  14-04-2012


Oud worden in Frankrijk: AWBZ betalen zonder zorgrecht   10-04-2012


MEDEDELING

STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND.  (06-04-2012)

Met ingang van juni 2011 ontvangt de AOW gerechtigde, die buiten Nederland woonachtig is, maandelijks niet langer de “Koopkrachttegemoetkoming Oudere Belastingplichtigen” (tegemoetkoming KOB) ten bedrage van € 33.09 per gerechtigde ongeacht de hoogte van te ontvangen AOW.

Eerder berichtten wij over de totstandkoming van dit besluit. Wij adviseerden alle betroffen personen een bezwaarschrift in te dienen, waartoe wij een model beschikbaar stelden via de pers en onze website.

Tegelijkertijd richtten wij ons tot de Europese Commissie met het verzoek deze maatregel ongedaan te maken, aangezien deze strijdig is met het vrije verkeer van personen binnen de EU. De EC vroeg opheldering aan de Nederlandse regering waarop binnen de gestelde termijn van 3 maanden werd gereageerd. De inhoud daarvan is bij ons nog niet bekend en de EU heeft, voor zover wij weten, nog geen uitspraak in deze gedaan.

Ondertussen heeft de Rechtbank in Haarlem vonnis gewezen in een individueel aangespannen zaak in deze waarbij de uitspraak luidt:

LJN: BW0678, Rechtbank Haarlem, AWB 11/5215

Datum uitspraak: 03-04-2012
Datum publicatie: 04-04-2012
Rechtsgebied: Belasting
Soort procedure: Eerste aanleg – meervoudig
Inhoudsindicatie:

De weigering om een tegemoetkoming KOB op grond van de Wet mogelijkheid Koopkrachttegemoetkoming Oudere Belastingplichtigen van maandelijks € 33,09 te verstrekken aan een AOW-gerechtigde, die niet in Nederland woont maar wél inwoner van de EU is, vormt een ongeoorloofd onderscheid naar woonplaats als bedoeld in artikel 7 Vo 883/2004. Artikel 3 van WmKOB is in strijd met artikel 7 Vo 883/2004, omdat aan binnenlandse belastingplichtigen, behoudens de eis dat zij ouder zijn dan 65 jaar, geen nadere voorwaarden worden gesteld en aan buitenlandse belastingplichtigen wel de nadere voorwaarde wordt gesteld dat 90% van hun wereldinkomen in Nederland aan belastingheffing is onderworpen. De tegemoetkoming KOB is een socialezekerheidsuitkering in de zin van artikel 3, eerste lid, Vo 883/2004 en niet een fiscale maatregel

De SVB heeft de mogelijkheid om binnen 6 weken beroep aan te tekenen, hetgeen ongetwijfeld zal gebeuren gezien de importantie van dit besluit voor de schatkist.

De rechter heeft beslist dat de oude situatie moet worden hersteld. Zolang er echter nog beroepsmogelijkheden zijn, zal dat niet daadwerkelijk worden uitgevoerd. Niettemin is dit zeker een voor ons zeer gunstig vonnis.

Daarnaast zal zeker ook de uitspraak van de EC in deze van doorslaggevend aard kunnen zijn. U wordt niet verwacht actie ondernemen.

Het bestuur


Onderstaand de beslissing van de Rechtbank Haarlem in de zaak tegen de SVB met betrekking tot de MKOB.

5. Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- herroept de beschikking;
- stelt vast dat eiseres recht heeft op de tegemoetkoming KOB vanaf 1 juni 2011;
- bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van het vernietigde besluit;
- gelast dat verweerder het door eiseres betaalde griffierecht van � 41 vergoedt.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.H.M. Bruin, voorzitter, mr. S.K.A. Efstratiades en mr. R. van Scharrenburg, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J. de Jong, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 april 2012.

Afschrift verzonden aan partijen op:

De rechtbank heeft geen bezwaar tegen afgifte door de griffier van een afschrift van de uitspraak in geanonimiseerde vorm.

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Amsterdam (belastingkamer), Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.

Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:
1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd;
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
b. een dagtekening;
c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;
d. de gronden van het hoger beroep.


STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND (SBNGB)

Secretariaat: Apartado 59, Carrer dels Arbocers 65, 03740 Gata de Gorgos (Alicante), Spanje. Telefoon 0034 966197023 Email MrJHueber@cs.com

Aan de Minister van Volksgezondheid,

Welzijn en Sport.

Postbus 20350

2500 EJ Den Haag

Nederland

Datum: 4 maart 2012.

Betreft: uw brief aan de Voorzitter van de Tweede Kamer, kenmerk Z/VV- 3098451

Geachte mevrouw,

 

Met grote belangstelling hebben wij uw bovenvermelde brief gelezen.

Het oordeel van de Centrale Raad van Beroep is duidelijk, maar naar ons oordeel toch zeer onbevredigend. Te meer daar de motivering “Bestuurlijke naïviteit” wel erg naïef is gezien de uitspraak van het Europese Hof van Justitie onder de punten 128 en 129 en het Zorgvuldigheidsbeginsel zoals vastgelegd in de Algemeen Bestuurswet artikel 3.2.

“Bestuurlijke naïviteit”, een beschamende kwalificatie. De CRvB vindt dus wel dat er iets niet klopt en wijt dat vervolgens aan een onnozelheid die altijd een gebrek aan kritiek en bewuste doordenking insluit. (zie Van Dale )
Hoewel de CRvB niet vindt dat er sprake is geweest van de vooropgezette bedoeling van de Nederlandse regering om ingezetenen en niet ingezeten verdragsgerechtigden (ongerechtvaardigd) ongelijk te behandelen, was ze dus een beetje naïef of in koninklijke termen "een beetje dom". Dit legt naar onze mening een morele plicht op de regering verbeteringen in het gehele systeem van de buitenlandregeling te realiseren die voor alle partijen gunstig zijn.

Het verheugt ons dat u schrijft dat hiermede de dialoog met de verdragsgerechtigden niet ten einde is. Die dialoog heeft van uw kant, voor zover ons bekend, plaats gevonden met een enkele landenorganisatie en met enkele personen die geen binding hadden met een specifieke overkoepelende organisatie. Onze Stichting heeft die binding wél, namelijk met de landenorganisaties in een viertal landen, t.w.: België, Frankrijk, Portugal en Spanje.  Daarnaast worden wij gesteund door veel Nederlandse verdragsgerechtigden uit de andere Europese landen. Wij zouden derhalve een gericht communicatiekanaal kunnen zijn naar een grote groep verdragsgerechtigden en uit dien hoofde kunnen wij een nuttige functie vervullen in die dialoog. Wij zouden u dan ook willen verzoeken onze Stichting formeel in die dialoog te betrekken.

U stelt in uw brief dat een vrijwillig voortgezette verzekering voor verdragsgerechtigden een precedent kan scheppen. Mogen wij u er op wijzen dat er reeds vele uitzonderingen zijn opgenomen in de bijlagen bij de Verordeningen. Bovendien zou het van solidariteit getuigen die vrijwillige verzekering juist wel toe te staan, daar die Nederlandse verdragsgerechtigden veelal hun hele werkzame leven hebben bijgedragen aan de solidariteit die hen per 1 januari 2006 is ontnomen.

Het is zonder meer juist dat er slechts een beperkt aantal personen hebben deelgenomen aan de vrijwillige AWBZ-verzekering. U stelt dat de verzekering “fraudegevoelig” was. Door dit zo te stellen geeft u de indruk, zoals met opvallende regelmaat wordt geïnsinueerd,  dat fraude plegen specifiek voor komt bij de verdragsgerechtigden. Die “fraudegevoeligheid” is in Nederland minstens zo groot.

In een recent artikel in de Telegraaf werd het navolgende vermeld:

Zorgdeclaraties miljard te hoog

door Arnoud Boer en Patricia Boon

AMSTERDAM -  Zorgverzekeraars vergoeden op grote schaal behandelingen die patiënten helemaal niet hebben gekregen.

Veel declaraties zijn uit de lucht gegrepen of worden zodanig uitgebreid dat een veel grotere beloning voor de behandelend arts of instelling overblijft. Ook zijn de manieren van declareren vaak zo ingewikkeld, dat het bijna onmogelijk is om een rekening zonder fouten in te leveren. Koepelorganisatie Zorgverzekeraars Nederland en de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie bevestigen de misstanden.

In 2010 wisten zorgverzekeraars voor ruim een miljard euro aan fout gedeclareerde rekeningen boven water te krijgen. Sindsdien lijkt het slechte declaratiegedrag alleen maar toe te nemen. Iedere Nederlander betaalt hierdoor meer zorgpremie dan nodig is.

Ligt het dan niet meer in de lijn die “fraudegevoeligheid” uit het systeem te halen en niet als excuus te gebruiken

U stelt dat door de invoering van een vrijwillige Zvw en AWBZ er een toename is van het Budgettair Kader Zorg.  Die stelling wordt niet door feiten onderbouwd.

In de VWS Verzekerdenmonitor 2011 zijn de bedragen opgenomen die moeten worden betaald aan de landen en ook welke bijdragen zijn ontvangen van de verdragsgerechtigden. Voor een drietal landen die al afrekenen op basis werkelijke kosten hebben we die gegevens hieronder vermeld.                           

 

Land            Aantal      Ontvangen  Gemiddelde      Betaald     Verbruik      Totaal      Gemiddeld

                  betalende      bijdrage      bijdrage                in            in               kosten          per

                verdragsger.     2010        per persoon          2010      Nederland                      persoon

 

België           18.434     27.700.000        1.503        20.100.000   2.900.000  23.000.000     1.248

Duitsland      15.320     20.700.000        1.351        12.200.000   3.100.000  15.300.000        999

Frankrijk        7.573      17.800.000        2.350        10.600.000      200.000  10.800.000     1.426

 

Totaal            41.327     66.200.000        1.602        42.900.000    6.200.000  49.100.000    1.188

N.B. Het aantal verdragsgerechtigden is exclusief het aantal grensarbeiders en hun gezinnen.

De grensarbeiders zijn normaal verzekerd in Nederland en betalen daar de normale premie etc.

Hieruit blijkt dus overduidelijk dat voor die drie landen de kosten € 49,1 miljoen waren en de ontvangen bijdragen € 66,2 miljoen, een voordelig saldo van € 17,1 miljoen, ofwel 35%.  Het is niet aannemelijk dat door invoering van een vrijwillige Zvw die kosten fors zullen stijgen.

Ook de uitvoering van de contracten, die vele Nederlandse verzekeringsmaatschappijen hebben afgesloten met particuliere ziekenhuizen in Spanje voor behandeling van Nederlandse patiënten met een bij hen afgesloten zorgpolis onder de ZVW, toont aan dat ook daar geen hogere doch eerder lagere kosten uit voortvloeien. Dit wordt nog eens bevestigd doordat in de Spaanse kranten breed wordt uitgemeten dat er een forse winst wordt gemaakt op de bijdragen van de verdragsgerechtigden.

Bovengenoemde cijfers geven alle aanleiding de bijdrage op basis van de woonlandfactoren te herzien. De woonlandfactoren zijn destijds door u voorgesteld mede naar aanleiding van het Kort Geding dat door ons was aangespannen tegen de hoge geëiste bijdragen. Bovendien tonen zij aan dat er geen enkele noodzaak bestaat de in Nederland genoten zorg nog eens extra door te berekenen bovenop de toch al te hoge bijdrage. De geëiste bijdragen zullen daarnaast ook nog eens toenemen door de verhoging van het maximum inkomen voor de inkomensafhankelijke bijdrage.

In de uitspraak van de voorzieningenrechter van 31 maart 2006 werd over het heffen van bijdragen, volledig in overeenstemming met artikel 33 van VO 1408/71 of thans artikel 30 van VO 883/2004, het volgende opgemerkt:

4.26. Deze bevinding rechtvaardigt een voorziening in dit kort geding die, samengevat, hierop neerkomt dat aan de Staat het gebod wordt opgelegd om de regeling van de artikelen 6.3.1 e.v. Rzv buiten toepassing te laten voor zover daarmee wordt bewerkstelligd dat in het buitenland wonende gepensioneerden die zich op de voet van artikel 69 lid 1 Zvw hebben aangemeld bij het CVZ, op het hier aan de orde zijnde punt een hogere bijdrage moeten betalen dan die welke de Staat ter zake moet doorbetalen aan het woonland in kwestie.

Graag delen wij uw mening dat het belangrijk is met betrokkenen in gesprek te blijven. Zoals eerder vermeld zouden wij het op prijs stellen als gesprekspartner te fungeren om verbeteringen in het gehele systeem van de buitenlandregeling te realiseren die voor alle partijen gunstig zijn.

Hoogachtend,

C.H. van der Wiel, voorzitter

c.c. Voorzitter Tweede Kamer


Belastingdienst geeft pensionado's Zvw-bijdragen terug    17-03-2012

Bron: De Nationale ombudsman

De Belastingdienst heeft voor het eerst automatisch de Zvw-bijdrage terugbetaald aan Nederlanders in het buitenland. Er is in december 2011 € 983.254 uitbetaald aan 3.961 personen over het bijdragejaar 2010. De Nationale ombudsman had de minister van Financiën hier om gevraagd in juni 2011. 

Automatische teruggaaf

De automatische teruggaaf over het bijdragejaar 2011 zal in de tweede helft van 2012 plaatsvinden. En ook over latere jaren zal de Belastingdienst dit herhalen. Automatische teruggaaf over de jaren 2006 tot en met 2009 heeft het Ministerie van Financiën afgewezen.

Brief voorgaande jaren

Wel is toegezegd dat het CVZ in de periode december 2011 tot en met december 2012 13.384 personen zal aanschrijven en informeren over hun mogelijk recht op teruggaaf Zvw-bijdrage over die jaren.

Bij die brief zit een formulier waarmee men de teruggaaf over één of meerdere jaren kan aanvragen. Eerder werd al bekend dat de Belastingdienst in de jaren 2006 tot en met 2009 ten onrechte een bedrag van € 6.075.000 bijdragen Zorgverzekeringswet (Zvw) had ontvangen.

De Nationale ombudsman zal begin 2013 aan het ministerie vragen om over de respons op deze mailing te rapporteren.


 

BESLUITENLIJST van de  ALGEMENE LEDENVERGADERING  van de VERENIGING  NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN  in SPANJE

gehouden op  VRIJDAG  20 JANUARI  2012  in het “AUDITORI” van Ayuntamiento La Nucia

Aanwezig:

Bestuursleden:     Cees van der Wiel (voorzitter),  Albert  Kiffen (penningmeester), 

      Hans Hueber (secretaris),   Gerard Schnitfink (lid)   - 

      Hannie Schnitfink-Nendels (notuliste)         

Leden:                     52  personen

Afwezig met bericht van verhindering:  16 personen.

De voorzitter Cees van der Wiel,  opent om 15.00 uur de vergadering  en zegt dat gezien de omstandigheden met betrekking tot de rechtspraak, wij dit keer vroeg in het nieuwe jaar reeds de Algemene Ledenvergadering hebben uitgeschreven.

Omdat  -zoals verwacht-  het statutair vereiste quorum niet aanwezig is, sluit de voorzitter de vergadering en stelt voor  een uur later een nieuwe vergadering te openen.

Op dit moment is ook aanwezig, de Nederlandse Wethouder in La Nucia de heer Bart Gommans.

Hij heeft vorig jaar samen met o.a. onze voorzitter de heer C.van der Wiel  in het Auditori in La Nucia een symposium betreffende Gezondheidszorg georganiseerd en heeft derhalve nauwe betrekkingen met onze vereniging.

De heer Gommans heeft vernomen dat de VNGS voornemens is door te gaan en wenst eenieder een heel goed, gezond maar vooral in dit verband ook een succesvol 2012.

De voorzitter dankt de heer Gommans voor zijn betrokkenheid met onze vereniging en spreekt zijn waardering uit dat de heer Gommans  ons ieder jaar kosteloos een vergaderaccomodatie ter beschikking stelt. Via de heer Gommans zijn wij de gemeente La Nucia dan ook zeer erkentelijk.

Alle aanwezigen stemmen in om conform het gestelde in de uitnodiging, de volgende vergadering om 16.00 uur te doen plaatsvinden,  waarvan u onderstaand het verslag aantreft.

1.    Opening.

De voorzitter Cees van der Wiel opent met een hartelijk welkom aan de aanwezigen  de vergadering en wenst eenieder een gezond 2012 toe.

Deze vergadering moet niet gezien worden als een sluitingsbijeenkomst, maar wij willen proberen de VNGS met nieuwe moed weer nieuw leven, of wel het “feu sacré”  in te blazen.

Ons doel is “doorgaan”, mits er voldoende middelen ter beschikking komen.

De penningmeester Albert Kiffen vertelt in grote lijnen de mogelijkheid om ons te wenden tot  EHRM  (Europese Hof voor de Rechten van de Mens).

Alvorens met het EHRM contact op te nemen  zal een nog te formeren bedelbrief worden gezonden aan al onze  e-mail adressen, met de vraag ons te laten weten of men weer wil meedoen. Deze brief zal ook geplaatst worden in de “Hallo” en “De Week”

2.    Ingekomen stukken  en mededelingen.

*)    Voor deze vergadering hebben zich 16 mensen afgemeld. Reden van de afmeldingen is in

       bijna alle gevallen de té grote afstand  of vakantie. 

*)   De publicaties voor deze vergadering  in de “Hallo” en “De Week” (gedurende drie  weken)

       werden voor ons  geheel kosteloos geplaatst.

3.    Verslag Algemene Ledenvergadering  d.d. 28 april 2011

Door de vergadering wordt dit verslag zonder verdere op- of aanmerkingen goedgekeurd en aldus vastgesteld en getekend.         

4.    Jaarverslag 2011  Vereniging Nederlandse Gepensioneerden  in Spanje V.N.G.S.

De secretaris Hans Hueber leest ter vergadering het Jaarverslag van de VNGS voor.

Desgevraagd heeft geen der aanwezigen op of aanmerkingen en wordt het verslag voor kennisgeving aangenomen en getekend.

       De voorzitter dank  de heer Hueber voor dit Jaarverslag.

5.    Financiële rapportage

Vóór de aanvang van de vergadering is aan alle aanwezigen een door de Penningmeester  Albert Kiffen opgestelde lijst van Baten en Lasten  en een  Balans uitgereikt.

De penningmeester geeft een uitgebreide toelichting. 

In afwachting van de uitspraak van het EHvJ werd voor het jaar 2010 in eerste instantie besloten voorlopig geen bijdrage te vragen. In de Ledenvergadering van 7 december 2010 werd alsnog besloten wél een bijdrage te vragen, waarvan veel in 2011 binnen kwam.

De processen tegen de Nederlandsed Staat werden gevoerd door Adv.kantoor De Brauw Blackstone Westbroek namens de SBNGB.  In 2011 vonden twee zittingen plaats bij de CRvB, die op 13 december 2011 een teleurstellende uitspraak deed.

Het aandeel van de VNGS in de kosten was  47,05%.

Het totaal overzicht  2005-2011 geeft het volgende beeld :

Inkomsten   €  356.000,=, 

Proceskosten tegen verzekeraars   €  26.000,=,

Aandeel VNGS proceskosten tegen de Staat   €  272.000,=,

Saldo nog beschikbaar per 31-12-2011  €  14.000,=.

De voorzitter dankt de penningmeester voor zijn werkzaamheden en uiteenzetting.

6.    Verslag over 2011 van de Kascommissie

Namens de Kascommissie voert  mevrouw J.Busch het woord. 

Zij hebben met drie personen  t.w.  Mevrouw J.A.Busch,  de heer  G.J.Ruizendaal  en de heer J.F.van der Meer,  de controle van de financiële verantwoording over de periode 1-1-2011 t/m 31-12-2011 uitgevoerd op 13-1-2012. 

Naar aanleiding van deze controle verklaart de kascommissie dat het financiële verslag met de toelichting een juist en volledig beeld geeft van de werkelijkheid en dat de opgevoerde kosten passen binnen de doelstelling van de Vereniging.

Zij stellen de vergadering dan ook voor het bestuur décharge te verlenen voor het gevoerde beleid.

De penningmeester Albert Kiffen dankt de Kascommissie voor de verrichte werkzaamheden en het in hem gestelde vertrouwen.

Desgevraagd heeft niemand van de aanwezigen vragen hieromtrent, waarna de financiële jaarstukken 2011 worden geaccepteerd.

Voorzitter Cees van der Wiel dankt de Kascommissie en vraagt de vergadering het bestuur décharge te verlenen aan de hand van de verklaring van de Kascommissie.

De décharge wordt verleend.

Voorzitter Cees van der Wiel dankt penningmeester Albert Kiffen  voor het vele werk dat hij heeft verricht in het afgelopen jaar  waarop de zaal reageert met een welverdiend applaus.

7.    Uitleg over het vonnis Centrale Raad van Beroep van 13-12-2011  

De penningmeester Albert Kiffen geeft een uiteenzetting waar de CRvB is tekortgeschoten.

Het EHvJ in Luxemburg gaf opdracht aan de CRvB te onderzoeken of er mogelijk sprake was van discriminatie en zo ja om dat te herstellen. 

Wij kregen een uitnodiging van de CRvB om uit te leggen waarom wij worden gediscrimineerd.

De CRvB had  o.m. een delegatie van Volksgezondheid uitgenodigd en vragen gesteld, waarbij het altijd ging over de ingezetenen in Nederland. Over de mensen buiten Nederland werd bijna niet gesproken.

Groot was onze verbazing toen wij op 13 december 2011 de negatieve uitslag kregen.

De CRvB vond alles niet overtuigend genoeg en werd afgedaan met  “bestuurlijke naïviteit”.

Ons hebben berichten bereikt dat het CVZ reeds op 15 december 2011 (2 dagen ná het vonnis) brieven heeft gestuurd aan allerlei mensen met de mededeling  dat wij de zaak verloren hebben.

In het eerste Kort Geding hebben wij al de woonlandfactoren bereikt wat wil zeggen dat b.v. een echtpaar met uitsluitend een AOW-uitkering al € 2.400,= per jaar minder premie betaalt.

Dit dankzij ons proces. Voor mensen met een hoger pensioen is dit veel meer.

Wij zullen formeel een eigen conclusie voorbereiden en deze voorleggen aan het EHvJ.

Albert Kiffen vervolgt dat de kosten van de pensioenlandzorg  worden verdeeld over alle verdragsgerechtigden.  Hiertegen hebben wij bezwaar aangetekend.

Nederland rekent af met Spanje op basis van vaste bedragen.

AGIS heeft toegezegd een kostenverzameling te zullen maken.

8.    Toekomst Vereniging en relatie tot de Stichting.

Recentelijk hebben wij met het bestuur van de SBNGB besloten om door te gaan.  Aan de nu   hier aanwezige mensen richten wij de vraag of wij ook met de VNGS moeten doorgaan.

In de komende periode moet nog aandacht worden besteed aan:

-  de wet KOB (Koopkrachttegemoetkoming Oudere Belastingplichtigen)  inzake het bedrag van €  33,09 hetwelk wij per maand minder aan AOW ontvangen.  Hieromtrent hebben wij via onze advocaat een klacht ingediend bij het Eu-Hof en zijn in afwachting van antwoord.

-   verder houden wij de woonlandfactoren in de gaten die zijn vastgesteld tot 2015.

-   bestrijding van het dubbel betalen.

-   wij dienen als gesprekspartner naar de overheid.

-   betreffende het EHRM (Europese Hof voor de Rechten van de Mens) zijn wij bezig te onderzoeken wat onze kansen zijn.

Wij hebben al aan 2 zeer gespecialiseerde advocaten om kostenopgave gevraagd.

Van onze franse zusterorganisatie hebben wij reeds bericht ontvangen dat zij met ons samen zullen doen.

Wij hebben het voorstel om de VNGS te laten voortbestaan.  Op dit moment hebben wij nog € XXXXX in kas. Omdat wij niet weten wat e.e.a zal gaan kosten  impliceert dit dat wij weer contributie gaan vragen.  Als de Fransen ook nog een flinke inspanning doen  zou het mogelijk een haalbare kaart kunnen zijn.

 Betreffende de gemiddelde zorgkosten legt de heer Kiffen uit dat er in 2015 een wijziging zal komen. Men wil in Europa toe naar afrekening op werkelijk gemaakte kosten.

De gemiddelde zorgkosten voor de betalende verdragsgerechtigden in België, Duitsland en Frankrijk bedroegen in 2010  € 1.038,= per persoon. In totaal  € 42,9 miljoen.  Nederland ontving aan verdragsbijdrage in 2010 voor die drie landen  € 1.602,= per persoon,  of in totaal  € 66,2 miljoen. Voor die 3 landen een winst voor Nederland van  € 23,3 miljoen.

In ons eerste Kort Geding heeft de rechter bepaald dat Nederland niet meer mag betalen dan de werkelijke kosten.

Bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens schijnen alle contacten schriftelijk te gaan.

Een verzoek moet worden gedaan binnen 6 maanden nadat de hoogste rechter een uitspraak heeft gedaan.  Daar zal men bekijken of de zaak voor verdere behandeling in aanmerking komt.

Besloten wordt om een klacht in te dienen bij het EHRM, hetgeen naar verluidt wel een jaar gaan duren.

Ook zal gezocht worden naar een geschikte advocaat met ’n redelijk kostenplaatje.

Onder meer wordt een opmerking gemaakt dat,  stel dat zowel de stichting als de vereniging  de handdoek in de ring gooien,  dan kunnen wij verwachten dat de arrogantie in Nederland nog groter wordt.

9.    Vaststelling Contributie 2012

De penningmeester deelt mee dat wij de contributie voor 2012  wederom zullen vaststellen op € 100,= per persoon

10. Benoeming Kascommissie 2012

De kascommissie bestaat uit:  mevrouw J.Busch, en de heren  H.Berg en G.Ruizendaal.

Dit jaar zal mevrouw Busch aftreden.

De heren Ruizendaal en van der Meer stellen zich herkiesbaar.

Vervolgens is een nieuwe kandidaat  bereid zitting te nemen in de Kascommissie t.w.: de heer K.Roosjen  die met een hartelijk applaus uit de zaal wordt begroet.

De vereniging besluit tot installatie van deze Kascommissie voor het jaar 2012.

11   Bestuursverkiezing

Formeel treedt het volledige bestuur af.

Aangezien zich geen nieuwe kandidaat-bestuursleden hebben aangemeld, besluiten de huidige bestuursleden om zich weer kandidaat te stellen.

De vergadering stemt in met de herbenoeming van het zittende bestuur.

12.  Rondvraag.

Op de vraag onder welk criterium afdracht aan Spanje wordt gedaan zegt de penningmeester dat dit in de orde van grootte is van € 2.800,=. De mensen die niet ingeschreven staan kan Nederland niet aan Spanje betalen.

In de meeste buitenland polissen staat zelfs dat als je recht hebt op zorg in je woonland, dan moet je daarvan gebruik maken.

12.  Sluiting

Met dank aan alle aanwezigen sluit de voorzitter deze vergadering en wenst iedereen  wel thuis.

 

Aldus vastgesteld en getekend in de Algemene Ledenvergadering van  . . . .


 

NEDERLAND EEN DICTATUUR?

Op 13 december 2011 heeft de Centrale Raad van Beroep een uitspraak gedaan met verstrekkende gevolgen. Onder meer werd gesteld dat, als er al sprake is van discriminatie door de overheid, dit het gevolg is van “bestuurlijke naïviteit”. En aangezien er dus geen opzet in het spel is, kan dit de staat niet worden aangerekend.

Onze hoogste rechterlijke instantie op administratief gebied heeft met deze uitspraak niet alleen een gevaarlijke motivering neergezet, maar bovendien een vonnis gewezen dit college onwaardig.

Het is onwaardig omdat onze overheid, naast een uitgebreide denktank van ambtenaren, over een keur aan externe adviseurs beschikt, die nu blijkbaar over het hoofd worden gezien, bij de stelling: Bestuurlijke naïviteit.

Volgens het woordenboek betekent dit bestuurlijke onkunde! Dit kan niet worden volgehouden als je ziet welke informatie-mogelijkheden de overheid ter beschikking staan.

Het vonnis is bovendien gevaarlijk, omdat met dit vonnis eenvoudig kan worden gesteld dat alle deskundigen, zowel binnen als buiten de overheid afgeschaft kunnen worden. (Een giga-besparing!). Tevens wordt iedere burger of instantie, die zijn recht zoekt in een procedure tegen de overheid en belandt bij de administratieve rechter, met deze uitspraak buiten spel gezet. De overheid heeft altijd gelijk met als laatste redmiddel de bestuurlijke naïviteit.

Dit geeft de overheid een onevenredig grote macht, die, tot het uiterste doorgedacht, een dictatuur betekent!

Hoe is het mogelijk dat een belangrijk rechtscollege tot een dergelijke ondoordachte uitspraak komt. Het is te hopen dat ieder zichzelf respecterend jurist – van ombudsman tot 1e jaars rechten-student, van advocatuur tot bedrijfsjurist – afstand neemt van deze uitspraak.

Laat als beroepsgroep zien en horen dat er grenzen zijn aan de naïviteit van de burger, anders ziet het er somber uit voor de rechtstaat Nederland.

Leny Turnsek – de Rouw


 

OPGAVE WERELDINKOMEN 2011

Onderstaand  bericht ontvingen wij met betrekking tot de verzending van de formulieren Opgaaf Wereldinkomen

Belastingdienst/Limburg/kantoor buitenland is belast met het vaststellen van het Niet in Nederland belastbaar inkomen op grond van art. 8A Awir. Elk jaar stuurt Team NiNbi daartoe aan ca 120.000 klanten van het CVZ en van Toeslagen het formulier Opgaaf Wereldinkomen. De verzending van deze formulieren voor het jaar 2011 zal dit jaar eerder plaatvinden dan u gewend bent. De reden hiervan is dat veel klanten en consulenten/adviseurs hebben aangegeven dat zij het formulier liever gelijk met het aangiftebiljet Inkomstenbelasting ontvangen. Ook team NiNbi is gebaat bij een vroegere verzending, omdat in oktober van dit jaar wordt overgestapt naar een nieuw computerprogramma voor het vaststellen van het NiNbi. Daarom zal de verzending plaatsvinden in de eerste weken van de maand maart Om de Belastingtelefoon Buitenland enigszins te ontlasten, zal de verzending verspreid over 10 werkdagen plaatvinden.

Wij adviseren diegenen met een wereldinkomen dat beneden de maximale grens ligt opgave te doen om het risico te voorkomen dat men voor het maximum aangeslagen wordt. Ter informatie onderstaand het overzicht van de heffingen voor 2012:

Bijdragen Zvw & woonlandfactoren en heffingskortingen 2012.

Nominale bijdrage Zorgverzekeringswet.

  • per maand € 107,58 (dit bedrag dient als basis voor de toepassing van de woonlandfactor)

Inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet.

  • inhouding op loon, WAO-/WAZ-uitkering, Anw-/AOW-pensioen 7,1 %;
  • inhouding op overige inkomsten: 5,0 %;
  • inkomensgrens: € 50.064.-

Inkomensafhankelijke bijdrage AWBZ.

  • inhouding op inkomen in eerste en tweede belastingschijf 12,15 % (ook als in Nederland geen belastingplicht bestaat)
  • geboren vóór 1 januari 1946    : € 34.055.-;
  • geboren nà 31 december 1945 :  € 33.863.-

Bestuur VNGS/SBNGB


 

Pensionado’s zijn de pineut 27-01-2012

Bron: Steven Adolf (www.elsevier.nl)

Klik hier voor PDF


MEDEDELING STICHTING BELANGENBEHARTGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND (SBNGB)

VERENIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN SPANJE (VNGS)

 

Verzoek CVZ tot intrekking ingediende bezwaarschriften

Naar aanleiding van het vonnis van de CRvB van 13 december 2011 heeft CVZ besloten diegenen, die over de loop van de afgelopen procesjaren bezwaarschriften hebben ingediend, te benaderen met het verzoek deze formeel te willen intrekken. Er is zelfs al een dergelijk verzoek opgedoken met als dagtekening 15 december 2011; nauwelijks  1 ½ dag na het vonnis!

In het licht van plannen die binnen de Stichting op dit moment worden onderzocht, om alsnog actie te ondernemen tegen het  onacceptabele vonnis van de Centrale Raad van Beroep, acht het bestuur het niet in het belang van genoemd initiatief om gevolg te geven aan dit  verzoek. Wij suggereren u dan ook niets te ondernemen, welke optie door CVZ inderdaad ook in de brief als zodanig wordt vermeld.  In dat geval dient u aan te geven of u van de gelegenheid gebruik wilt maken gehoord te worden. Ook als u dat niet wenst, wat wij waarschijnlijk achten, dan is die mededeling eigenlijk ook niet vereist omdat CVZ in ieder geval een beslissing gaat nemen op uw bezwaarschriften.

Op korte termijn hopen wij u te kunnen berichten over welke mogelijke actie de Stichting/vereniging denkt over te gaan.

 Voorst maken wij u attent op de brief van 18 januari 2012 van de Minister van VWS aan de Tweede Kamer met betrekking tot het vonnis in deze zaak. U vindt deze weergegeven op onze website www.vngsint.com.

Bij lezing daarvan zult u tot de conclusie komen dat daarin, kort gezegd, de eerder uitvoerig aan de orde geweest zijnde opt-in regeling voor de Minister volstrekt onacceptabel is. Daarmee komt het in Alfaz del Pi gehouden symposium, georganiseerd door Mw. Myra Koomen in het juiste daglicht te staan. Deze bijeenkomst was juist georganiseerd om deze regeling in het vooruitzicht te stellen, terwijl nu blijkt dat er daarbij voor de muziek werd uitgelopen en verdragsgerechtigden alleen maar iets is voorgespiegeld dat niet haalbaar is gebleken.

Het bestuur.


 

UITNODIGING

 voor de ALGEMENE LEDENVERGADERING  2012  van de

VERENIGING  NEDERLANDSE  GEPENSIONEERDEN IN SPANJE  ( V.N.G.S.)

Secretariaat: Carrer dels Arbocers 65,   3740 Gata de Gorgos,  tel.9661974023

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

Het bestuur van de Vereniging Nederlandse Gepensioneerden in Spanje nodigt u hierbij uit voor de Algemene Ledenvergadering 2012,  welke zal worden gehouden op VRIJDAG  20 JANUARI 2012,  aanvang 15.00 uur  in de zaal “Ponent” van “L´AUDITORI de la Mediterránia” Avda Porvilla  in  La Nucia;  de ingang zich bevindt  aan de andere kant op de Plaza de Almessera 1.

 

Volgens art.19 en art.20 van de Statuten zal de vergadering rechtsgeldig zijn als tenminste 1/3 van de leden aanwezig is.  

Gezien het grote aantal leden dat op grote afstand van La Nucia woonachtig is,  zal mogelijkerwijs dit aantal niet gehaald  worden.  

Mocht dit daadwerkelijk het geval zijn, dan zal onmiddellijk daaropvolgend de volgende vergadering plaatsvinden en wel om 16.00 uur, eveneens in L’Auditori.

 

De  AGENDA  voor deze Ledenvergadering treft u onderstaand aan.

Parkeren is mogelijk in de parkeergarage van het Auditorium waarvan de ingang zich bevindt aan de overkant van het gebouw.

Komende vanuit Benidorm volgt u de rotondeweg richting Polop/Callosa alsmaar rechtdoor tot het eind van La Nucia, waar u plotseling het gehele dorp Polop ziet liggen. Juist op dat moment slaat u rechtsaf, de laatste straat van La Nucia in, dat is de Avda Porvilla.

 

Graag willen wij in dit verband vermelden dat de AYUNTAMIENTO LA NUCIA de zaal in het Auditori  aan de VNGS wederom geheel gratis ter beschikking stelt, evenals de benodigde apparatuur. 

Ook het weekblad “HALLO” is zoals gewoonlijk zo vriendelijk deze advertentie met bijlage gratis te plaatsen. Chapeau!!

 

Voor het bijwonen van deze vergadering kunt u ook plaatsen reserveren door een e-mail te sturen aan   gerard70@telefonica.net 

Graag hopen wij u op 20 januari 2012 te mogen verwelkomen.

 

Bestuur V.N.G.S.


                                 A G E N D A

1.    Opening.

2.    Ingekomen stukken en Mededelingen     

3.    Vaststelling verslag Algemene Ledenvergadering d.d. 28-4-2011

        (Dit verslag is u in de maand mei 2011 reeds per email toegezonden) 

4.    Jaarverslag V.N.G.S.  2011

5.    Financiële rapportage 

6.    Verslag over 2011  van de Kascommissie

7.    Uitleg over het vonnis Centrale Raad van Beroep van 13-12-2011

8 .   Toekomst  Vereniging en relatie tot Stichting

9.    Vaststellen Contributie  2012

10. Benoeming Kascommissie verenigingsjaar 2012

11. Bestuursverkiezing

12.  Rondvraag 

13   Sluiting


 

70.000 GEPENSIONEERDEN BEDROGEN

Stel U eens voor: U had een goede particuliere medische kostenverzekering. In Uw jonge jaren betaalde U meer dan wat U toen gemiddeld kostte aan medische behandelingen. Aldus werd een spaarpot gevormd voor de ouderdom wanneer U hogere medische kosten zou hebben.

De overeenkomst was onopzegbaar o.a. om uit te sluiten dat de verzekeraar de overeenkomst zou opzeggen als U met het verstrijken van de jaren duurder werd.

.......En toen greep de Nederlandse verzorgingsstaat in! Iedereen moest verplicht in de Zorgwet.

 Alle particuliere verzekerings-contracten werden opgezegd door de verzekeraars per 1 januari 2006. Men kwam onder de volksverzekering van “de Zorg”. Het spaarpotje uit de jonge jaren verdween.....

De medische- en zorg-voorzieningen in Nederland waren echter van een zodanig niveau dat de voorheen particulier verzekerden er nauwelijks op achteruit leken te gaan. Men was niet ontevreden – voorlopig althans.

De ca. 70.000 gepensioneerden in het buitenland met een in Nederland uitbetaald pensioen en AOW  vielen onder een Nederlandse zorg-toepassingswet. De expat-gepensioneerden werden verplicht zich in te schrijven bij een ziekenfonds van hun woonland – op straffe van een boete.

Nederland zou zogenaamd “de kosten van medische behandeling in het woonland” betalen. In feite was dat de dekking van de minimum sociale verzekering in dat woonland.

De expat gepensioneerde moest natuurlijk “bijdragen” en dit geschiedde in de vorm van een aftrek van zijn in Nederland uitbetaalde pensioen en AOW. Deze bijdrage wordt bij ministerieel decreet vastgesteld en zij is aanzienlijk hoger dan de bedragen die Nederland aan de woonlanden betaalt.

De bijdrage wordt berekend op een kafkaesk ingewikkelde manier met dito onzekerheid en verwarring tot gevolg – “service” aan oude mensen.....

Er gaapt in vele landen in Europa een groot gat tussen die minimale sociale verzekeringen en het zorgniveau in Nederland. Kan men bij-verzekeren? Voor gepensioneerden is dat óf exorbitant duur, óf onmogelijk wegens leeftijd en/of  medisch dossier. De Nederlandse “Zorg” laat de aldus gedupeerde in de kou staan. Hij zou eventueel terug kunnen verhuizen naar Nederland. Dat doen velen omdat zij geen keus hebben, blijven wonen buiten Nederland is te duur geworden – over vrijheid van vestiging gesproken als grondrecht van de Europese Unie.

Bij de behandeling in de kamer zegde de minister bij herhaling toe dat de expat-gepensioneerden “gecompenseerd” zouden worden voor het verlies in dekking. In een motie, o.a. ingediend door mevr. Schipper, thans minister, werd ongerustheid uitgesproken. Er gebeurde niets. Het grote gat in dekking bleef bestaan.

 Onder dwang van een uitspraak van de Haagse rechtbank in een proces van de expats tegen de staat werd de “bijdrage” gecorrigeerd met een “woonlandfactor”,(niet correct  berekend door de staat). In België betekende dit een besparing met ca. één-derde op de “bijdrage” aan Nederland; in andere landen meer. Echter, in de meeste landen betaalt men in feite dubbel of meer als gevolg van belastingen en het z.g. “remgeld” .

Het was zonneklaar dat de expat-gepensioneerden gediscrimineerd werden vergeleken met degenen die in Nederland wonen. Zij werden gedwongen een veel slechtere dekking te aanvaarden die veel duurder is – in vele gevallen 2 tot 3 keer zo duur.

In zes jaren voerden de expats zes processen ten koste van meer dan een half millioen Euro - tot

aan  het Europese Hof. Dat stelde vragen: “Was er sprake van discriminatie?!” Een nieuwe vraag!

 De Nederlandse rechter moest de vraag beantwoorden...

Na uitstel om onduidelijke redenen kwam de uitspraak eerst op 13 december 2011 en deze luidde o.m.:

 “Dat achteraf bezien wellicht sprake is geweest van een zekere mate van bestuurlijke naïviteit, maakt niet dat moet worden geoordeeld dat sprake is geweest van de vooropgezette bedoeling van de Nederlandse regering om ingezetenen en niet ingezetenen verdragsgerechtigden (ongerechtvaardigd) ongelijk te behandelen.”

 Kortom: Bewijs dat er sprake is van opzet, en zolang dat niet kan worden bewezen, is er geen sprake van onrechtmatigheid. Hiermee is de overheid wel verlost van grote verplichtingen en kunnen de verzekeraars de spaarpotten van de gepensioneerden behouden.

Tegen de uitspraak is geen beroep mogelijk.

Door de burgerrechter van de Centrale Raad werden de expats verwezen naar de burgerrechter – en daarmee naar de verzekeraars als tegenpartij. De staat kan geen blaam treffen – zou dat teveel kosten?

Hoe dan ook: na zes jaren duurt het bedrog van 70.000 gepensioneerden voort.

Mr. F.H.J.J. Andriessen                                                Dr. J.C. Ramaer                December 2011 


 

ZVW-bijdrage buitenlandse pensionado niet strijdig met EU-recht           20-12-2011
 

19 december 2011 Bron: Elsevier FiscaalTotaal

De ZVW-bijdrage die Nederland inhoudt op (onder meer) het AOW-en WAO-pensioen van in andere EU-lidstaten wonende Nederlanders is niet strijdig met het EU-recht.

Pensioen

Burgers die in een ander EU-land wonen maar wel een Nederlands wettelijk pensioen ontvangen, hebben op grond van Europese regels recht op zorg in het EU-land waarin zij wonen. Omdat Nederland voor die zorg moet betalen aan het woonland, mag Nederland een bijdrage inhouden op het pensioen.

Zorgverzekeringswet

De Centrale Raad van Beroep (CRvB) stelde daarover vragen aan het Hof van Justitie van de EU. Het Hof van Justitie oordeelde in het Van Delft-arrest van 14 oktober 2010, dat de Zorgverzekeringswet op zich niet in strijd is met de Europese regels.

De wetgever heeft een overgangsregeling getroffen waarmee is beoogd dat de globale dekking die ingezeten en niet-ingezeten verdragsgerechtigden voor de inwerkingtreding van de Zvw hadden op grond van hun Nederlandse particuliere verzekering, zoveel mogelijk werd behouden.

Ondanks de wettelijke regeling, op grond waarvan slechts een deel van de overeenkomst verviel, moesten om praktische redenen feitelijk veelal nieuwe verzekeringsovereenkomsten worden gesloten. Het valt niet uit te sluiten dat sommige niet-ingezeten verdragsgerechtigden zijn benadeeld maar de CRvB acht van belang dat dit niet was beoogd.

Geen beperking

Dat de Nederlandse overheid naïviteit kan worden verweten betekent niet dat sprake is van een bedoelde ongunstigere behandeling. Verder is een premieverhogend effect op een benodigde aanvullende verzekering inherent aan de ZVW waarin volgens het Hof van Justitie terecht een onderscheid wordt gemaakt tussen ingezetenen en niet-ingezetenen, en is reeds daarom geen sprake van ongerechtvaardigde beperking van het vrije verkeer van EU-burgers.

De gepensioneerden krijgen een schadevergoeding van 500 euro toegekend voor zover de behandeling van de bezwaarschriften door het College voor zorgverzekeringen (Cvz) langer dan één jaar heeft geduurd.

De CRvB heeft op dezelfde datum ook het hoger beroep ongegrond verklaard in de vergelijkbare zaken.


 

Onwetendheid

Waarde lezers,

Het is heel lang geleden, dat ik iets heb geschreven over het Nederlandse beleid aangaande de zorgverzekeringen in het buitenland en het verzet daartegen van de VNGSINT, maar nu de bestuursrechter heeft gemeend alles goed te kunnen praten middels het kennelijk al eerder ingevoerde begrip bestuurlijke naïviteit, sloeg de woede over zoveel onrecht bij mij weer toe.

Als ik het goed begrijp heeft het landsbestuur het gevolg van zijn handelen in deze niet goed kunnen overzien en kan daarvoor ook niet aansprakelijk worden gesteld voor de daardoor veroorzaakte schade en ellende, die soms leidde tot armoede, ziekte en dood.

Het landsbestuur was naïef en wel omdat het incompetent is en dat laatste mag kennelijk nu ook van de bestuursrechter.

Zo verder redenerend mag het bestuur kennelijk handelingen verrichten die in strijd zijn met de wet en hoeft het zich niet te houden aan de wet. Aangezien het bestuur bestaat uit bestuurders, de kamers, regering en ambtelijke top, hoeven bestuurders zich dus ook niet aan de wet te houden. Immers zouden zij dat wel doen, dan is het bestuur niet naïef.

We gaan nog verder. Rechters die dit soort bestuurlijk gedrag goedpraten, maken zich daarbij schuldig aan het afdekken van deze handelingen, hetgeen alleen kan worden goedgepraat door invoering van het begrip rechterlijke naïviteit, oftewel rechtsweigering. Daarmee heeft de rechter dan de afbouw van de rechtsstaat voltooid en kunnen we overgaan tot een officiële diocecratie (Grieks voor bestuurs-dictatuur. In dit geval uit naïviteit geboren). Vroeger voor de Franse revolutie was dat vooral uit hebzucht.

Hoe kan de burger zich hier tegen verdedigen? Dat kan mijns inziens door de invoering van het begrip burgerlijke naïviteit. Dat wil zeggen dat iedere overtreding, belastingontduiking, diefstal, moord en verkrachting kan worden goedgepraat door middel van dat begrip. Ook burgerlijke ongehoorzaamheid kan hier aan worden geweten. Een belangrijk deel van de bevolking (de bestuurders) is al naïef. Daarmee is de weg geopend tot de totale anarchie en wel dankzij de zogenaamde onafhankelijke rechter, zo langzamerhand een belachelijk begrip. U kunt zich dus nu ook rustig inschrijven in Nederland, waarbij u zich, mocht u gesnapt worden, kan beroepen op burgerlijke naïviteit.

Beste lezers, het is heel erg wat er in Nederland gebeurt. Toch heb ik lang geaarzeld, of ik dit hele verhaal zou samenvatten in dat ene alles verklarende zinnetje, waarmee ook al eens gepoogd werd een zwart verleden goed te praten: “Wir haben es nicht gewusst”

Dr. M.Vasbinder


   STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN  IN HET BUITENLAND (SBNGB).

Epiloog van een proces dat nooit gewonnen kon worden

Bij de inwerkingtreding van de Zorgverzekeringswet op 1.1.2006 werd de  verdrags-gerechtigden (geëmigreerde Nederlandse gepensioneerden binnen de verdragslanden met inkomen uit Nederland) hun particuliere ziektekostenverzekering ontnomen en werden zij gedwongen zich in te schrijven bij de publieke zorg van hun woonland. Ter dekking van de daaruit ontstane kosten werd bij hen een plaatsvervangende premie ingehouden op hun pensioenen, AOW,  lijfrentes etc. 

Eind 2005 werd door de Stichting een Kort Geding aangespannen tegen de Nederlandse verzekeraars om te voorkomen dat daadwerkelijk op 1.1.2006 die opzeggingen plaats zouden vinden; het betrof immers een privaatrechtelijke overeenkomst. Ëén verzekeraar deed ter zitting een aanbod waarvan de rechter aannam dat daarmee de problematiek zou worden opgelost. De rechter sprak tijdens de zitting de mening uit dat de verkeerde partij gedagvaard was aangezien zijns inziens de overheid de veroorzaker was.

 Tijdens de Kamerdebatten beloofde de minister van VWS ervoor zorg te dragen dat verzekeraars verzekeringen zouden aanbieden die het per woonland aanwezige pakket in de publieke zorg zou ophogen naar het niveau van het Nederlandse basispakket. Verzekeraars weigerden dat, immers de implementatie daarvan was bedrijfseconomisch onverantwoord. VWS heeft, ondanks vroegtijdige inbreng onzerzijds, volledig nagelaten hierop toe te zien zoals uiteindelijk jaren later volmondig en bij herhaling werd toegeven  voor het EU Hof van Justitie.

 Wel werden als vermeend substituut de z.g. aanvullende verzekeringen uitgebracht, echter de premies en de voorwaarden daarvan waren volstrek onrealistisch. Immers de verdragsgerechtigden waren uit de zorgsolidariteit gestoten en moesten op die 65+ risicobasis hun eigen verzekeringsbroek ophouden, wat tot onaanvaardbare premies leidde. Bovendien was daarin  de z.g.  “samenloopclausule”  opgenomen die de verzekering in feite tot nul en generlei waarde degradeerde.

Ingehouden plaatsvervangende premies voor de lokale publieke zorg stonden in geen enkele relatie tot de kwaliteit voor de daarvoor geboden zorg: Griekenland en Zweden  zijn onvergelijkbaar in deze, maar verdragsgerechtigden betaalden wel hetzelfde.

De Stichting slaagde erin voor de rechter af te dwingen dat de inhoudingen per land werden aangepast aan de uitgaven voor publieke zorg per woonland. De woonlandfactoren ontstonden daardoor, die later als zodanig werden opgeëist door de overheid ten bewijze van hun zorgvuldigheid. Vanaf dat moment besparen verdragsgerechtigden  b.v. in Spanje iedere maand € 100,00 hetgeen sinds onze actie begon nu al tot meer dan € 8.000 is opgelopen.

In veel verdragslanden wordt de publieke zorg betaald uit de algemene middelen waardoor iedere belastingplichtige via de IB zijn bijdrage aan de publieke zorg betaalt. Genoemde inhoudingen voor diezelfde zorg betekenen dus voor de verdragsgerechtigden een dubbele betaling.

De overheid erkent dit ernstige probleem maar verschuilt zich gemakshalve achter een gebrek aan voldoende fiscale harmonisatie en coördinatie binnen de EU en sluit de discussie met de mededeling namens het Ministerie van Financiën: op grond hiervan kan helaas geen oplossing geboden worden hoewel ik begrip heb voor deze onwenselijke situatie”.

Daarna kwam onze zaak voor de Raad van State, het hoogte rechtscollege voor het bestuursrecht. Tevens is dit instituut het adviesorgaan van de overheid voor het toetsen van nieuwe wetgeving dat niet lang daarvoor dezelfde ZVW die wij bestreden, had goedgekeurd. De slager die eigen vlees keurt, zoals juist op dit moment weer actueel is gezien de voorgekookte politieke benoeming van de nieuwe vicevoorzitter van dit orgaan.

Na herhaald uitstel van het vonnis en uiteindelijk een vol jaar later werd onze eis niet ontvankelijk verklaard; wij hadden geprocedeerd op basis van een “aanwijzing” (aankondiging van inhouding) maar hadden dit moeten doen op grond van een “besluit” (rekening van de uiteindelijke inhouding). Dit vonnis werd later in gerechtelijke kringen gekwalificeerd als rechtsweigering. Het ergste dat een rechtbank kan overkomen.

Daarna werd de zaak doorverwezen naar de Rechtbank in Amsterdam. Daar stond centraal o.a. art. 33  VO 1408: wanneer het woonland niet belast aan het pensioenland (NL), mag het pensioenland niet inhouden; er behoeft immers niet betaald te worden. De voorzitter stelde de vraag aan CVZ hoe dit artikel anders geïnterpreteerd kon worden dan dat eisers dat deden; hij persoonlijk kon er zich niets anders bij voorstellen. Resultaat: over het art. 33 werd in het vonnis niet gerept.

Uiteindelijk belandden we bij de Centrale Raad van Beroep; de Hoge Raad voor het bestuursrecht. Daar werd uiteindelijk beslist dat over onze zaak prejudiciële vragen gesteld zouden worden aan het EU Hof van Justitie in Luxemburg. Zeer onprettige bijkomstigheid en ontdekt door een procederende appellant, was dat de helpdesk van CVZ geruime tijd vóór publicatie van het vonnis al op de hoogte was van de inhoud daarvan.

Inmiddels kregen wij na uiterst gedegen onderzoek de onvoorwaardelijke steun van de Ombudsman die persoonlijk de minister benaderde teneinde de aandacht te vestigen op de onrechtmatigheid van de gevolgen van de ZVW voor onze doelgroep. Zijn oproep bleef onbeantwoord hetgeen de arrogantie van de macht nog eens onderstreept.

 

In haar vonnis meldde het EU Hof dat tijdens de hoorzitting er duidelijke aanwijzingen waren geconstateerd die mogelijk op discriminatie van onze doelgroep zouden kunnen wijzen. De Centrale Raad van Beroep werd opgedragen dat te onderzoeken en eventueel de gronden voor die discriminatie weg te nemen.  Immers het EU Hof kan niet zelf ingrijpen in wetgeving. Opgemerkt dient te worden dat aan het einde van de zitting de advocaat van de staat desgevraagd volmondig moest beamen dat “de overheid op geen enkel moment zich ook maar enige rekenschap had gegeven van wat de consequenties van de invoering van de ZVW zouden zijn voor de verdragsgerechtigden”. Dat geeft al het niveau van zorgvuldigheid van de overheid aan.

Genoemde opdracht tot onderzoek aan de C.R.v.B. leidde uiteindelijk tot het vonnis van 13 december waarop we wat meer gedetailleerd ingaan. Nogmaals gesteld: het ging uitsluitend en alleen over de vraag of de Nederlandse overheid de verdragsgerechtigden op 1.1.2006 in een discriminatoire positie had geplaatst.

Wij lezen in het vonnis:

Dat achteraf bezien wellicht sprake is geweest van een zekere mate van bestuurlijke naïviteit, maakt niet dat moet worden geoordeeld dat sprake is geweest van de vooropgezette bedoeling van de Nederlandse regering om ingezeten en niet ingezeten verdragsgerechtigden (ongerechtvaardigd) ongelijk te behandelen.

Kort gezegd komt het erop neer dat de overheid zich iedere onrechtmatigheid kan veroorloven zolang maar niet bewezen kan worden dat er van opzet sprake is.

Al datgene dat gedurende 6 jaar en ten koste van vele tonnen geld door ons is aangedragen als bewijs van discriminatie wordt afgedaan met “een zekere mate van bestuurlijke naïviteit waarbij van opzet geen sprake is geweest”. Een overheid die op het zo essentiële gebied van toegang tot gezondheidszorg, in tegenstelling tot de residenten van Nederland,  haar geëmigreerde gepensioneerden berooft van hun solidariteitsbijdrage waaraan ze hun hele leven lang hebben bijgedragen.

Die naïviteit had wel tot gevolg dat ze in een klap verlost waren van al die dure gepensioneerden en dat de vele tientallen miljoenen die op de balansen van de verzekeringsmaatschappijen voor ons waren gereserveerd aan diezelfde verzekeraars werden geschonken, zodat deze met peperdure advertentiecampagnes elkaar een paar euro´s konden afsnoepen op de basispremie bij de introductie van de ZVW met de bedoeling op deze manier de nieuwe wetgeving beter te kunnen “verkopen”

Naïviteit? Nee, gecalculeerde opzet. Wij verwijzen naar de brief van de heer Wiegel, toenmalig voorzitter van de koepelorganisatie van Zorgverzekeraars Nederland van 16 december 2005  aan de leden van de vaste Commissie voor Volksgezondheid Welzijn en Sport van de Tweede Kamer der Staten – Generaal.  Wij citeren:

 

Gegeven het bovenstaande heeft bij de zorgverzekeraars dan ook de idee postgevat dat de wettelijke bepalingen zodanig zijn ingevuld, dat men als verzekeraars wordt opgezadeld met een problematiek die men niet zelf heeft veroorzaakt, maar waar men wel mee geconfronteerd wordt, zonder dat men in de mogelijkheid verkeert om alle partijen daarbij te contenteren.

 

Wij dachten er goed aan te doen u van deze cri-du-coeur van de zijde van de zorgverzekeraars op de hoogte te stellen. Zou de wetgever fundamenteel tegemoet willen komen aan de zorg en de wensen van de landgenoten, die in het buitenland woonachtig zijn, dan is in deze brief een concreet voorstel verwoord. Het is aan de volksvertegenwoordiging samen met de regering hierover een besluit te nemen, al was het alleen maar als overgangsmaatregel voor de specifieke groep van verzekerden die zich thans gedupeerd voelen door de invoering van de Zorgverzekeringswet.

Deze brief is in het bezit van de Centrale Raad van Beroep maar niettemin spreekt deze in haar vonnis van een “niet opzettelijke bestuurlijke naïviteit”.

Toen wij van onze instemming met deze brief  betuigden bij de directie van ZN werd ons geadviseerd deze maar beter direct weg te gooien, want dit schrijven was slechts bedoeld voor de “Bühne” maar zou verder van geen enkele invloed zijn op het te voeren beleid.  ZN dekte zich hiermee in tegen mogelijke repercussies. Was ook hier van bestuurlijke naïviteit sprake?

Met de wetenschap van bovenstaande brief schrijft de persrechter van de Centrale Raad van Beroep: “de enige mogelijkheid voor de pensionado´s is nog naar de burgerrechter te stappen”. Tegen wie?  Weer de verzekeraars??

Deze uitspraak ondermijnt volledig het vertrouwen in de bestuursrechtspraak die de burger de mogelijkheid zou moeten bieden bij een objectieve rechter  zijn recht te halen indien de overheid hem of haar onrecht aandoet, maar op deze manier verwordt tot een instituut dat de burger moet bewijzen dat de staat altijd gelijk heeft. De geschetste gang van zaken bevestigt onze aanhef: Dit was een proces dat nooit gewonnen kon worden. In de verwachting dat dit wél mogelijk zou moeten zijn, is het bestuur van de stichting naïef gebleken.

Het bestuur.


Pensionado's ernstig gedupeerd 16-12-2011

Ongeveer 70.000 Nederlandse gepensioneerden die in het buitenland wonen, zijn enkele honderden euro's per maand kwijt aan een ziektekostenverzekering waarvan ze geen gebruik kunnen maken. Dat stelt bestuurslid Albert Kiffen van de stichting Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland.

Kiffen reageert op een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Die bepaalde dinsdag dat de Nederlandse Staat geld mag invorderen op de AOW van de pensionado's. De Centrale Raad van Beroep is in deze kwestie de hoogste rechter. De pensionado's kunnen, volgens Kiffen, “geen kant meer op''. De bezwaarmogelijkheden zijn volgens hem uitgeput. Volgens hem hebben veel gepensioneerde Nederlanders besloten terug te keren naar Nederland omdat ze de hoge kosten niet meer kunnen opbrengen.

Beroep

In Spanje, waar Kiffen woont, moeten Nederlandse gepensioneerden 250 euro per maand aan Nederland afdragen. “Maar in Zweden en Noorwegen gaat het om 800 euro per maand.'' De problemen voor de pensionado's ontstonden in 2006, toen het nieuwe zorgstelsel in Nederland werd doorgevoerd. Volgens regels van de EU moet Nederland geld betalen aan het land waar de Nederlandse gepensioneerde woont. Die gepensioneerde kan daar immers een beroep doen op zorgvoorzieningen. De rechter heeft nu gesteld dat Nederland dat bedrag bij de gepensioneerde mag opeisen.

Mindere kwaliteit

Volgens de stichting moeten gepensioneerden betalen voor zorg op Nederlands niveau die in het land waar zij verblijven, vaak niet bestaat. “Ik betaal in Spanje dus ook nog voor een Spaanse ziektekostenverzekering. Daarbij betaal ik belasting waaruit het Spaanse ziekenfonds wordt betaald. Ik betaal dus drie keer'', zegt Kiffen. “En dat voor zorg die veel minder van kwaliteit is dan in Nederland.'' Volgens Kiffen zijn bijvoorbeeld Spaanse gastarbeiders met een Nederlands pensioen ook de klos. In totaal gaat het volgens hem om ongeveer 100.000 personen. (ANP)


Bron: Wereldomroep 14.12.2011

CRvB: Pensionado’s niet gediscrimineerd

Er heeft geen discriminatie plaatsgevonden van Nederlanders in het buitenland bij de invoering van de verplichte zorgverzekering in 2006. Dat zei de Centrale Raad van Beroep in Utrecht dinsdag in zijn vonnis.  'Onbegrijpelijk', zegt Cees van der Wiel van de Stichting Belangenbehartiging Nederlandse gepensioneerden in het buitenland.

De uitspraak volgt op gezag van het Europese Hof van Justitie, dat in zijn arrest van 14 oktober 2010 de opdracht gaf om mogelijke discriminatie te onderzoeken, omdat er bij de invoering van de Zorgverzekeringswet in 2006 geen verschil in behandeling mag zijn geweest tussen burgers die in Nederland wonen, en degenen die in een ander EU-land wonen.
 
'Het Hof kwam op grond van de hoorzittting op eigen initaitief tot de veronderstelling dat er sprake van discriminatie kon zijn,' zegt Cees van der Wiel. 'Maar De Centrale Raad van Beroep ontkent nu dat er sprake was van discriminatie.'

Slechtere zorg
Bij de invoering van de Zorgverzekeringswet op 1 januari 2006 werden alle particuliere verzekeringen opgeheven. Voor gepensioneerden en uitkeringsgerechtigden in Nederland veranderde alleen de verzekering zelf, maar niet de zorg.

Anders was dat bij de pensionado's, die voorheen particulier verzekerd waren. Hun particuliere verzekering werd op instructie van de overheid (art. 2.5.2 ZVW) eenzijdig opgezegd. Hun premie werd vanaf dat moment door het CVZ ingehouden. In plaats daarvan werd men verplicht zich bij de publieke zorg van het woonland in te schijven ten laste van Nederland. Om de kosten daarvan aan het woonland te kunnen vergoeden ging vanaf die datum CVZ over tot het inhouden van plaatsvervangende premies op AOW, pensioenen, lijfrentes etc.

In Spanje en in veel andere EU-landen is de publieke zorg aanzienlijk slechter dan de particuliere. Wilden de pensionado’s toch het hoge niveau van zorg behouden dat ze vóór 2006 hadden, dan dienden zij bij een verzekeraar een extra, zogenaamde buitenlandpolis, af te sluiten.

16.000 euro per jaar
Omdat de pensionado's niet meer in de leeftijdssolidariteit van de zorg delen, stegen hun premies exorbitant.

'Die extra buitenlandpolis voor mij en mijn vrouw kost ons zo’n 12.000 euro per jaar,' zegt Van der Wiel. 'Dat komt dus bovenop de ongeveer 4000,- euro premie die jaarlijks door het CVZ van ons pensioen wordt ingehouden voor de betaling van de publieke zorg in het woonland.'

Daarmee heeft Van der Wiel overigens nog geluk gehad, want de meeste ouderen worden afgewezen omdat er geen acceptatieplicht bestaat.

Zware klap
Voor Van der Wiel en zijn Stichting betekent het vonnis een zware klap. Zij hebben sinds december 2005 geprocedeerd tegen de in hun ogen onrechtvaardige gevolgen van de Zorgverzekeringswet. Maar de uitspraak van dinsdag van de Centrale Raad van Beroep is definitief. En zeer onbevredigend, wat betreft Van der Wiel.

Volgens de persrechter van de Centrale Raad van Beroep is de enige mogelijkheid voor de pensionado's nog dat zij naar de burgerrechter stappen. 

Nog meer spookburgers
Volgens Van der Wiel is een neveneffect van de uitspraak van dinsdag dat nog minder Nederlanders in het buitenland zich zullen uitschrijven bij vertrek uit Nederland, dwz dat de bevolkingsregisters nog meer vervuild zullen worden met zogeheten spookburgers. Van der Wiel: 'Wie zich niet uitschrijft, kan zorg krijgen op basis van een Europese Zorgpas van zijn Nederlandse verzekeraar. De facto betekent dat betere zorg, voor veel minder geld. Diegenen die de wet respecteren en zich inschrijven in hun woonland, worden daarvoor gestraft met torenhoge premies.'


Pensionado’s krijgen in hoger beroep geen gelijk 

Utrecht  , 13-12-2011 

In zijn uitspraak van 13 december 2011 oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat gepensioneerde burgers met een Nederlands wettelijk pensioen die in een ander EU-land wonen voor ontvangen zorg in die lidstaat een bijdrage moeten betalen.

De Centrale Raad van Beroep is de hoogste rechter op het gebied van het sociale bestuursrecht, het burgerlijke en militaire ambtenarenrecht en delen van het pensioenrecht.

Het gaat in deze uitspraak om burgers met een Nederlands wettelijk pensioen die in een andere EU-lidstaat wonen. Burgers die in Nederland wonen, vallen onder de wettelijk verplichte zorgverzekering. Burgers die in een ander EU-land wonen maar wel een Nederlands wettelijk pensioen ontvangen, hebben op grond van Europese regels recht op zorg in het EU-land waarin zij wonen. Omdat Nederland voor die zorg moet betalen aan het woonland, mag Nederland een bijdrage inhouden op het pensioen.

Door invoering van de Zorgverzekeringswet in 2006 zijn meer burgers onder de verplichte zorgverzekering gaan vallen en daardoor ook onder de Europese regels. Zij moesten een bijdrage gaan betalen.

De gepensioneerden zijn van mening dat de bijdrage in strijd is met de Europese regelgeving. De Centrale Raad van Beroep stelde daarover vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie. Het Hof van Justitie van de Europese Unie oordeelde in zijn arrest van 14 oktober 2010 (Van Delft C-345/09) dat de Zorgverzekeringswet niet in strijd is met de Europese regels. In zijn uitspraak van 15 juli 2011 (BR1934) oordeelde de Centrale Raad van Beroep op dit punt overeenkomstig het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie.

Wel stelde het Hof van Justitie van de Europese Unie in het arrest Van Delft dat er ook bij de invoering van de Zorgverzekeringswet in 2006 geen verschil in behandeling mag zijn geweest tussen burgers die in Nederland wonen en burgers die in een ander EU-land wonen. De Centrale Raad van Beroep moest dat aan de hand van het arrest Van Delft zelf beoordelen.

De Centrale Raad van Beroep komt in deze uitspraak tot het oordeel dat bij de invoering van de Zorgverzekeringwet in 2006 geen sprake is geweest van ongunstiger behandeling van burgers die met een Nederlands wettelijk pensioen in een ander EU-land wonen ten opzichte van burgers die in Nederland wonen.

Utrecht, 13 december 2011.

Klik hier voor pdf van de uitspraak van de CRvB


 

Zorg in het buitenland

Visie Myra Koomen op haar website over symposium KB 746!

In de Tweede Kamer had ik als dossier “grensoverschrijdende zorg”. Een onderwerp dat buitengewoon actueel werd toen de zorgverzekeringswet (ZVW) werd ingevoerd en we allemaal verplicht verzekerd moesten zijn voor één en dezelfde basisverzekering. Het verschil tussen ziekenfonds, particulieren en ambtenaren werd opgeheven en in Nederland is deze wet zonder al teveel problemen ingevoerd. Echter, voor de Nederlanders die buiten Nederland, verblijven of wonen, had dit in veel gevallen desastreuze gevolgen. Erger nog was het gebrek aan communicatie hierover met deze mensen.

Op 23 februari 2006 was ik in Spanje om aan te geven waarom ik voor de ZVW heb gestemd in de Kamer maar waarom ik door zou blijven strijden voor een goede regeling binnen de Europese Verordening en voor betere communicatie vanuit de Nederlandse Overheid.

In een recent geschreven artikel, dat u ook kunt lezen op mijn site onder “publicaties”, treft u de huidige stand van zaken aan. Mijn onvermoeibare strijd lijkt vruchten af te kunnen werpen en op het gebied van communicatie is er absolute verbetering.

Vorige week was ik in aanwezigheid van het ministerie van VWS en het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) in Spanje en hebben we daar niet alleen 3 werkbezoeken aan zorgaanbieders gebracht maar tevens een groot symposium gehouden waar zo’n 400 Nederlanders zijn gekomen om hun persoonlijke ervaringen met ons te delen.

Ik heb een heel goed gevoel aan dit bezoek aan Spanje over gehouden. De beide belangenverenigingen (KB 746 en VNGSint) waren aanwezig en we hebben goede gesprekken kunnen voeren over mogelijke toekomstige veranderingen in het stelsel.

Het blijft intens jammer dat ik dit niet allemaal heb kunnen realiseren op 1 januari 2006 en dat het nog tot 2015 duurt voordat er echt andere mogelijkheden zijn, maar beter laat dan nooit en we krijgen tenslotte ook nog veel toekomstige generaties voor wie het op een goede manier mogelijk moet zijn om je binnen Europa te vestigen en je te kunnen verzekeren van goede, bereikbare en betaalbare zorg!!!


 

KAPING!

Diegenen die op dinsdag  22 november aanwezig waren bij het optreden van het circus Dhoolaeghe waren getuige van een schaamteloze en volstrekt mislukte poging van het genoemde echtpaar, ook wel KB 746 genoemd, het werk en de inspanningen over een periode van 6 jaar  van de VNGS en de Stichting  BNGB  in één klap te kapen.  Daarvoor was van stal gehaald Myra Koomen die,  na eerder uit de Kamerfractie van het CDA te zijn gezet , op deze manier verwoede pogingen doet haar politieke carrière, inmiddels afgegleden naar het wethouderschap in Enschede, nieuwe glans te geven. De grootste indruk die zij maakte was op het gebied van zelfverheerlijking.

Myra Koomen

Myra of Marilyn?      ZIE: http://www.twentelife.nl/1243

Het enige resultaat van de bijeenkomst was dat de aanwezigen een worst voorgehouden kregen waaraan geroken mocht worden, bestaande uit een  mogelijke wijziging van de uitvoeringsverordening die in 2015 aan de orde komt maar waar het ministerie van Financiën en het Ministerie van Economische zaken nog zeker niet akkoord zijn en waarna dan Spanje zeker tegen zal zijn. Had men over de periode nà 2006 maar naar de suggesties van de VNGS geluisterd, dan waren onze zorgverzekeringperikelen al lang opgelost en waren de kosten voor Nederland aanmerkelijk lager geweest.

Onbegrijpelijk dat het Ministerie van VWS zich voor dit karretje heeft laten spannen. Misschien was het een vlucht naar voren nu het EU Hof van Justitie Nederland van mogelijke discriminatie heeft beticht. Hopelijk boekt de VNGS op 13 december een positief resultaat dan hoeven we niet tot 2015 met alleen maar gebakken lucht te wachten op iets dat hoogst twijfelachtig is, maar zal de Nederlandse regering actie moeten ondernemen en wel in daad en onmiddellijk.

C.Verweij (lid eerste uur VNGS)

Beniarbeig


Het symposium over de zorgwet in Costa Blanca, gebakken lucht!

In tegenstelling tot de eerste berichten na de zitting was de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep(CRvB) over discriminatie van verdragsgerechtigden in het buitenland niet eind september, niet 2 november maar 13 december. Zoals u weet heeft de Stichting Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland (SBNGB) dit proces tegen het Ministerie van WVS gevoerd. De advocaat kosten waren 500.000 euros. Het wekt daarom verbazing dat dit Ministerie van WVS met twee leden van de directie verzekeringen en het College van Zorgverzekeraars (CvZ) met mw mr.Grobbink als lid van de raad van bestuur met medewerking van de lobbygroep KB 746,  dhr Dhoolaeghe , op 22 november in de Costa Blanca een symposium belegde over een mogelijke toelating tot de Nederlandse Zorgverzekeringswet, de "opt-in" zonder deze Stichting in te lichten.

Jaren geleden heeft het toenmalige CDA kamerlid Myra Koomen enige zinvolle, doch door haar partij niet gesteunde gedachten over dit onderwerp geschreven en met KB746 samengewerkt. Zij is daarna wethouder in Enschede geworden maar kennelijk bij de lobby actief gebleven, gezien haar recente artikel en het feit dat zij nu in dit symposium optrad. De bijeenkomst had de schijn van een vlucht naar voren door de gedaagde partij die gedacht had dat het vonnis al uitgesproken was. Het symposium kan afgedaan worden als weinig zinvol. Behalve  zelfpromotie door de forumleden was hun enige boodschap de mogelijkheid die door WVS kon worden geboden dat misschien in 2015, als landen de financiering van de “verplichte” Europese verordening gaan herbezien én de verzekeraars daar zin in hebben én de politiek er in geinteresseerd is, er een  “opt-in” naar de Nederlandse zorg in het buitenland zou kunnen worden georganiseerd. Zoals het dus was geregeld in de standaardpakketpolis van vóór 2006, het jaar dat deze verzekeraars met steun van de regering de Nederlanders in het buitenland eruit gooiden. Weinig kans dus. Een eenvoudige vraag zoals hoeveel draagt Nederland af aan Spanje en wat gebeurt er met dat geld als men niet is ingeschreven in de plaatselijke zorg kon of wilde het forum niet beantwoorden. De eenvoudige oplossing om met het verzekeringspasje dat zorg in Nederland voor ex-pats levert ook in het buitenland zorg te verstrekken, zoals dat ook wordt verstrekt aan vakantiegangers, was voor het forum niet opportuun.

Bij het “werkbezoek” heeft men alleen privé klinieken bezocht waar de ziekenfondspatiënten niet naar toe kunnen. Een bezoek aan het regionale Seguridad Social hospitaal vond men niet nodig. De zuidelijke landen vinden deze bijdrage van Nederland aan hun zorgstelsel te mooi om te laten lopen. Men gaat eraan voorbij dat er een grote groep Nederlanders in Nederland “ergens” ingeschreven blijft en in het buitenland deze zorg gebruikt. De belasting van deze mensen wordt dan niet gebruikt voor de bijdrage aan de woonlasten in hun woonland maar wordt in Nederland opgemaakt. Dus als zij in hun woonland in een gat in de straat hun been breken kunnen ze op kosten van Nederland plaatselijk behandeld worden. Het gat met hun belastingopbrengsten repareren was zinvoller geweest.

 De procesgang heeft via de Raad van State, de Bestuursrechter Amsterdam en deze Centrale Raad van Beroep ruim vijf jaar geduurd. Dank zij internet connecties met de Europese doelgroep en lidmaatschap bijdragen van 500 euros p.p. heeft de Stichting het dreigement van de Minister dat het zinloos was om zich tegen deze wet te verzetten,"we roken jullie uit" getrotseerd.  Een soort Arabische lente voor gepensioneerden. De uitslag zal interessant worden. Voor bijzonderheden over het proces zie www.vngsint.com

Hans de Wilde


 

De realiteit van een non-event! ( Opt-in regeling voor verdragsgerechtigden)

Verslag van Hans Hueber.

Het met veel bombarie in de locale pers aangekondigde symposium door de belangenvereniging KB 746 op 22 november 2011 in Alfaz del Pi, betreffende een eventuele    opt-in regeling voor verdragsgerechtigden, bleek per saldo een non-event te zijn.

De toegestroomde menigte werd verwelkomd door de heer Dhoolaeghe die zei te spreken namens de belangenvereniging KB 746, die bij mijn weten in 2000 actief is geweest bij het terugverkrijgen van de AWBZ voor residenten, doch sinds oktober 2005 geen enkele inhoudelijke noch financiële bemoeienis heeft gehad met de SBNGB en/of de VNGS. Vervolgens introduceerde hij mw. Maas, sociaal attaché van de ambassade in Madrid,       mw. Myra Koomen, wethouder Werk en Inkomen in de gemeente Enschede, mw. Grobbink van het CVZ en de heer Bloemheuvel, lid van het managementteam van het Ministerie van VWS.

Als eerste gastspreker trad mw. Maas op die een verhaal vertelde over haar werkzaamheden, doch dit verhaal viel geheel buiten de inhoud van dit symposium.

Hierna kreeg Myra Koomen het woord. Ruim een half uur lang hield zij een narcistisch verhaal over wat zij niet allemaal, en met haar KB 746, gedaan hadden voor de per 1 januari 2006 door Nederland in de steek gelaten voorheen particulier verzekerden, die per genoemde datum reeds in het buitenland woonden. Mijn laatste mail contact, als secretaris van de SBNGB en VNGS, met haar dateert van februari 2006 waarna ik niets meer van haar vernomen heb. Zij bleek vrij kort hierna wethouder in Enschede te zijn geworden. In februari 2011, dus 5 jaar later verschijnt zij opeens ten tonele en werpt zich op als de voorvechtster van de zgn. verdragsgerechtigden. Voorwaar een rare opstelling daarbij bedenkend dat zij deze vermaledijde wet met haar stem in het parlement mede goedgekeurd heeft! Dit laatste werd haar door de zaal dan ook aardig ingepeperd en zeker niet in dank afgenomen. Tevens bleek de zaal niet gediend van haar lofzang over zichzelf en de belangenvereniging KB 746 en werd geapplaudisseerd toen uit de zaal de vraag kwam waar de heren van der Wiel en Kiffen (VNGS) als vertegenwoordigers van de gepensioneerden waren en wenste men de heer Bloemheuvel van het Ministerie te horen. 

De heer Bloemheuvel gaf daarna een duidelijk verhaal over de (on) mogelijkheden van een eventuele opt-in regeling en benadrukte dat als deze er ooit zou komen dit een verhaal was van lange adem en overeenstemming in Europa. Als vroegste datum werd 2015 genoemd, doch deze was afhankelijk van overeenstemming in Europa (voor Spanje ongunstiger door afrekenen op basis werkelijke kosten in plaats van vaste bedragen) en voldoende draagvlak voor verzekeraars. De keuzevrijheid en de verplichting om bijdragen aan Nederland te betalen waren door het EU Hof in het voordeel van de Nederlandse overheid beslist, doch de heer Bloemheuvel vergat te vertellen dat het discriminatieonderzoek pas op 13 december 2011 door de Centrale Raad van Beroep beslist wordt. Door de zaal werd hij op dit punt gecorrigeerd.

Mevrouw Grobbink gaf hierna een duidelijk overzicht van de problemen waarmee haar organisatie geconfronteerd werd en nog steeds is. Zij noemde een aantal punten waarmee men bij het CVZ bezig is en men hoopt langzaam maar zeker in rustiger vaarwater terecht te komen, waarbij het uitgangspunt de klant dient te zijn.

De belangrijkste vraag tijdens de vragenronde was wat er gebeurt met de premiebijdrage van mensen die zich niet hebben ingeschreven bij de Seguridad Social. Voor de mensen die zich wel hebben ingeschreven wordt een bedrag van ca. € 2800.- overgemaakt aan Spanje. Het panel wist hierop geen antwoord en zou dit uitzoeken!

Een korte reflectie werd uitgesproken door de Nederlandse consul, de heer Durieux.

Aan het einde van het symposium, toen reeds vele residenten de zaal verlaten hadden, bleef bij mij en vele anderen de vraag over wat nu de bedoeling van deze séance geweest was.

Aangekondigd als zou men hier nieuwe ontwikkelingen te horen krijgen over een opt-in regeling  bleken niet waar te zijn. De belangenvereniging KB 746 (éénmans actie!) werd door Myra Koomen op het schild gehesen, terwijl de vertegenwoordigers van de VNGS blijkbaar niet uitgenodigd waren, tenminste niet aanwezig waren achter de tafel! Het Ministerie van VWS had niets te bieden en daardoor is de vraag gerechtvaardigd waarom men aan dit symposium heeft meegewerkt. Het CVZ bij monde van mw. Grobbink heeft over haar problemen verteld, doch dat was bij alle aanwezigen meer dan bekend.

Afsluitend kan ik slechts concluderen dat hier sprake was van een non-event!    


 

BELANGRIJKE MEDEDELING  06-11-2011

STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND (SBNGB)

UITSPRAAK  CENTRALE RAAD VAN BEROEP UITGESTELD TOT 13 DECEMBER 2011

De datum van de  hopelijk definitieve uitspraak van de Centrale Raad van Beroep is van 2 november verschoven naar 13 december 2011.

Onderwerp van deze zaak is de opdracht  aan de Centrale Raad van Beroep, van het EU Hof van Justitie in Luxemburg in  haar vonnis van 14 oktober 2010, onderzoek te doen ter beantwoording van de vraag of onze doelgroep bij de invoering van de Zorgverzekeringswet  op 1.1.2006 zou zijn gediscrimineerd ten opzichte van de Nederlandse ingezetenen.

Afgelopen weken verscheen er in de Nederlandstalige pers aan de Costa Blanca, Spanje, een oproep tot bijwoning van een bijeenkomst  voor postactieve Nederlanders te houden op 22 november, waar informatie  gegeven zal worden over de stand van zaken m.b.t. de mogelijkheid van toetreding tot de Nederlandse Zorgverzekeringswet de z.g. opt-in regeling.  Deze bijeenkomst wordt  belegd door het Ministerie van VWS en het College van Zorgverzekeraars CVZ.

Het is  inmiddels al lang bekend dat het juist deze opt-in is , naast de eerder door ons afgedwongen woonlandfactoren , die onderwerp is geweest van het proces dat onze Stichting tegen de Staat sinds eind 2005 voert en nu mogelijk op 13 december zijn beslag krijgt.

De inhoud van de oproep geeft aan dat er zeer vergevorderde plannen bestaan om een vrijwillige toetreding   tot de ZVW, een z.g. opt-in, ook beschikbaar te maken voor onze doelgroep de z.g. verdragsgerechtigden, met de kennelijke bedoeling om de vermeende discriminatie zoals uitgesproken in de uitspraak van het Europese Hof ongedaan te maken.

Zouden deze plannen inderdaad werkelijkheid worden, dan is daarmee weer een van de belangrijkste doelstellingen van onze Stichting verwezenlijkt.

Er is meer goed nieuws. Zoals bekend verkregen wij eerder het z.g. recht op pensioenlandzorg waarmee vanaf 1.5.2010 de verdragsgerechtigden op basis van een “verklaring van zorg”  toegang  hebben tot het volledige basispakket in Nederland.  Die toegang wordt nu vanaf 2012 vereenvoudigd doordat de genoemde benodigde verklaring komt te vervallen en u rechtstreeks met uw EHIC aanspraak kunt maken op het basispakket in Nederland.

Het heeft allemaal lang geduurd maar uiteindelijk lijkt het er dan toch op dat al onze inspanningen worden beloond.

Het Bestuur

 

Telegraaf 05-11-2011

'Waarde huis inzetten om zorg te financieren'

DEN HAAG -  „Verbind het eigen huis en het pensioen met zorg.” Dat idee oppert Paul Schnabel, directeur van het Centraal Planbureau (CPB), zaterdag in een interview in de Volkskrant waarin hij het heeft over de stijgende zorgkosten door de vergrijzing.

Als ouderen een eigen huis hebben, zouden ze de waarde kunnen inzetten om de zorg te financieren.” Mensen zouden er dan wel in blijven wonen, maar een deel van de waarde gebruiken voor de zorg, in plaats van de opbrengst van het ouderlijk huis voor de kinderen te reserveren als erfenis.

Schnabel denkt dat het met dit mogelijk controversiële idee net zo zal gaan als met de pensioenen. Drie jaar geleden zei iedereen nog dat die veilig en gegarandeerd waren. „Maar de nood is nu zo hoog dat men dat verhaal niet kan volhouden.” Dat lot staat de zorgkosten ook te wachten, denkt hij. „Het gevoel van urgentie is er nog niet, maar er komt een moment dat het bespreekbaar wordt dat je je eigen huis aan een bank of pensioenfonds verkoopt, om er je eigen zorg mee te financieren.”

„Gezondheidszorg is ouderenzorg”, legt Schnabel uit. 15 procent van de mensen is boven de 65, maar hun zorgkosten zijn goed voor 43 procent van het totaal. Als die groep door de vergrijzing groter wordt, stijgt dus ook het totaal aan zorgkosten.

VERPLEEGPOST SPANJE

DE NEDERLANDSE THUISZORG ORGANISATIE

Medische Zorg in Nederland

01/11/2011

De Groep Buitenlands Recht van Agis Zorgverzekeringen bemiddelt in de kosten voor de in Spanje woonachtige verzekerden, die medische zorg in Nederland inroepen. Voor een aantal van deze verzekerden vindt er in 2012 een wijziging plaats met betrekking tot het verzekeringsbewijs dat nodig is voor zorg in Nederland.                                                                                                                                                                                                        

Op dit moment geeft Agis Zorgverzekeringen voor twee groepen verzekerden een verklaring af waarmee zij recht hebben op medische zorg in Nederland. Dit geldt voor gezinsleden van grensarbeiders (MVG verklaring) én voor personen die vanuit Nederland een pensioen of uitkering ontvangen (Verklaring aanspraak op medische zorg in Nederland). De zogenaamde verdragsgerechtigden. In de huidige situatie hebben deze verdragsgerechtigden twee verschillende verzekeringsbewijzen voor medische zorg in het buitenland nodig: de door de Agis afgegeven verklaring voor zorg in Nederland en een door het CVZ afgegeven EHIC voor zorg tijdens een tijdelijk verblijf in één van de andere Europese landen.                                                                                                              

Graag wil de Agis deze situatie vereenvoudigen. Om die reden hebben zij samen met het CVZ afgesproken om op grond van de EHIC, óók de kosten voor medische zorg in Nederland te vergoeden.                                                                                                                                                                

Dit betekent dat patiënten zich kunnen aanmelden bij een zorgverlener in Nederland met een Nederlandse EHIC, afgegeven door het CVZ.  De pas is herkenbaar aan de code 9990 - CVZ bij punt 7 op de EHIC.                                                                                                                                          

Net als voor andere buitenlandse verzekerden met een EHIC hebben de verdragsgerechtigden recht op zorg die wordt gedekt door de basisverzekering en de AWBZ. Voor verdragsgerechtigden geldt echter dat men ook speciaal naar Nederland mag komen voor medische zorg.


Volkskrant 01-11-2011, pagina 6

'Achtergestelde' pensionado moet uitspraak afwachten

JET BRUINSMA

AMSTERDAM

Nederlandse gepensioneerden die in het buitenland wonen, zijn vaak duizenden euro's meer kwijt aan ziektekosten dan leeftijdsgenoten in Nederland. De Centrale Raad van Beroep kijkt of dit discriminatie is.

Volgende maand, zes jaar en een reeks rechtszaken later, beslist de Nederlandse rechter of de staat zich schuldig heeft gemaakt aan het discrimineren van Nederlandse gepensioneerden in het buitenland. Want sinds de nieuwe Zorgverzekeringswet in 2006 van kracht werd, zijn 'pensionado's' vaak duizenden euro's meer kwijt aan ziektekosten dan hun leeftijdgenoten in Nederland.

Het zal je gebeuren: je woont als Nederlandse gepensioneerde in het buitenland en plotseling wordt je Nederlandse ziektekostenverzekering opgezegd. Je kunt je aanmelden bij het ziekenfonds in het land waar je woont. Je zorgpremie zal vanaf 1 januari 2006 - als in Nederland een nieuwe Zorgverzekeringswet wordt ingevoerd - voortaan automatisch worden ingehouden op je Nederlandse pensioen. Het overkwam eind 2005 zo'n 70 duizend Nederlandse pensionado's.

Stelt de rechter hen in het gelijk, dan kan de Nederlandse overheid een miljoenenclaim tegemoet zien van de gedupeerde pensionado's. De uitspraak is hun laatste kans om genoegdoening te krijgen voor het onrecht dat hun, vinden zij, is aangedaan. Beroep tegen de beslissing is niet meer mogelijk. Wellicht kunnen ze het nog hogerop zoeken bij het Europese Hof voor de Mensenrechten in Straatsburg. Maar dat lijkt zinloos: de wachttijd daar is lang en de pen- sionado's zijn oud.

De 'slachtoffers van de zorgwet' begonnen hun lange mars langs de rechters op 1 januari 2006. Toen gingen het ziekenfonds en de particuliere verzekering op in een nieuwe zorgverzekering. Voortaan was elke zorgverzekeraar verplicht om iedereen, ongeacht leeftijd en kwalen, te accepteren voor dezelfde premie. De Nederlandse ingezetenen schoven soepel door naar de nieuwe zorgverzekering; de verzekeraars accepteerden hen voor deze keer allemaal inclusief hun aanvullende polissen. Maar tienduizenden pensionado's in het buitenland met een particuliere polis raakten hun verzekering kwijt.

Als gevolg van de nieuwe zorgwet vielen zij voortaan onder de regels van de Europese Unie. Sinds 2006 houdt Nederland op hun AOW, (nabestaanden-) pensioen of WAO-uitkering maandelijks een premie in voor ziektekosten. Ze kunnen zich melden bij het ziekenfonds ter plaatse. Ook degenen die een eigen voorziening willen treffen en geen gebruikmaken van het lokale ziekenfonds, betalen die premie. Een van hun klachten is dat het ziekenfonds veel minder zorg vergoedt dan hun oude polis. Daarmee konden ze voor 2006, bijvoorbeeld in Spanje, terecht in privéklinieken, vaak bij Nederlands sprekende artsen. Maar de Seguridad Social, het Spaanse ziekenfonds, doet geen zaken met privéklinieken.

Bijverzekeren bleek nauwelijks mogelijk, tenzij voor torenhoge premies. Dat kwam doordat Nederlandse verzekeraars voor 2006 geen risico liepen op oudere (dus vaker zieke) verzekerden; dat was namelijk uitgesmeerd over het totale verzekerdenbestand. Maar in het nieuwe verzekeringsregiem vormen de pensionado's een aparte, kleine groep, die de verzekeraar verlies oplevert. Tenzij ze een kostendekkende, voor velen onbetaalbare, premie betalen. 'In 2006 werden we uit de solidariteit gegooid', zegt Cees van der Wiel, voorzitter van de Stichting Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland. 'We hebben tientallen jaren premie betaald. Nu we oud zijn, kunnen wij er niet meer van profiteren, terwijl de verzekeraar zijn reservekas kon spekken.'

De reactie van Hans Hoogervorst, de toenmalige minister van Volksgezondheid, en Hans Wiegel, voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland, was dat ze niet konden ingrijpen in het handelen van private zorgverzekeraars, op straffe van een veroordeling door Europa. In hun woonland konden de pensionado's zich evenmin bijverzekeren, omdat ook daar de verzekeraars niet zitten te wachten op dure bejaarde verzekerden uit andere Europese lidstaten.

Vanaf het begin verzetten de pensionado's zich fel tegen hun nieuwe status. In zes jaar tijd voerde hun belangenorganisatie (met steun van onder anderen voormalig Eurocommissaris Frans Andriessen, pensionado in België) een reeks rechtszaken. Kosten: een half miljoen euro. Deels met succes: hun zorgpremie, die even hoog was als in Nederland, werd onmiddellijk afgestemd op omvang en kostenniveau van de zorg in het woonland (lees: doorgaans verlaagd). Het toenmalige VVD-Kamerlid Edith Schippers (nu minister van Volksgezondheid) had daar al voor gepleit tijdens de debatten over de zorgwet. Maar het Europese Hof van Justitie in Luxemburg - de hoogste rechter in Europa - oordeelde uiteindelijk dat Nederland de zorgpremie van alle de pensionado's mocht inhouden. Het Hof sloot echter niet uit dat de 'particuliere' pensionado's in 2006 wel degelijk waren gediscrimineerd. De Centrale Raad van Beroep - de hoogste rechter in Nederland voor de sociale zekerheid - zocht het uit en doet op 13 december uitspraak.

Hoe maken de pensionado's het na zes jaar zorgwet? Een gedeelte wist zich toch bij te verzekeren of betaalt de zorg uit eigen zak. Dat kost soms duizenden euro's per jaar meer dan in de goede oude tijd. Anderen gingen terug naar Nederland: wie minder dan zes maanden per jaar in het buitenland verblijft, woont officieel in Nederland en kan zich daar gewoon verzekeren. En een onbekend aantal heeft zich wel ingeschreven en verzekerd in Nederland, maar bleef in het buitenland wonen.

Niemand weet hoeveel van die 'spookpensionado's' er zijn. Zo wonen er volgens recente cijfers van het ministerie van Volksgezondheid bijvoorbeeld in Spanje officieel bijna 13 duizend Nederlandse gepensioneerden. 'Maar het kunnen er evengoed honderdduizend zijn', zegt penningmeester Albert Kiffen van de Nederlandse belangenorganisatie. De Nationale Ombudsman, die beschikt over een megadossier met klachten van honderden radeloze pensionado's, heeft vanwege alle perikelen begrip voor de spookpensionado's.

Hoe heeft de invoering van de zorgwet zo uit de hand kunnen lopen voor de relatief kleine groep Nederlandse gepensioneerden in het buitenland?

Uit stukken en gesprekken met betrokkenen, blijkt dat de meeste politici, verzekeraars en het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) een blinde vlek hadden voor de particulier verzekerden, een minderheid. Ze waren gefocust op de de meerderheid van ziekenfondsverzekerden. Het CVZ erkent ook dat het geen enkele ervaring had met het innen van bijdragen uit het buitenland.

Tijdens de debatten tussen voor- en tegenstanders van de zorgwet werd deze kleine groep gepensioneerden overstemd. Daar kwam een negatieve beeldvorming bij: die pensionado's zaten lekker aan de Costa's in hun riante villa's, en klagen dan over hoge premies. Was het ziekenfonds hun soms te min?

Het simpelste antwoord komt van een Nederlandse verzekeraar: 'Er is gewoon niet goed nagedacht over de gevolgen voor de pensionado's.'

België, Duitsland en Spanje meest populair

Anno 2011 wonen er ruim 76 duizend Nederlandse pensionado's in het buitenland, inclusief hun gezinsleden ruim 100 duizend personen. De meesten in een van de lidstaten van de Europese Unie. Koplopers: België, Duitsland en Spanje. Zij ontvangen hun AOW, (nabestaanden-) pensioen of WAO-uitkering uit Nederland. Krachtens Europese verdragen houdt Nederland daarop een zorgpremie in, die recht geeft op de basiszorg in hun woonland. Voor pensionado's in Europese landen die niet tot de EU behoren, zijn soortgelijke verdragen gesloten, net als met Marokko en Turkije.


Vragen over MKOB DD. 20.10.2011

Vraag met verzoek om schriftelijk antwoord E-007906/2011

aan de Commissie

Artikel 117 van het Reglement

Ivo Belet (Parlementslid Europese Volkspartij)

Betreft: Nederlandse hervorming van de tegemoetkoming koopkrachtcompensatie

Heeft de Commissie reeds kunnen vaststellen of de geplande tegemoetkoming in haar nieuwe vorm een „uitkering bij ouderdom” is in de zin van artikel 3, lid 1, onder d), van Verordening (EG) nr. 883/2004, en als zodanig geëxporteerd zou moeten worden overeenkomstig artikel 7 van Verordening (EG) nr. 883/2004?

Kan de Commissie met andere woorden uitsluitsel bieden of de nieuwe Nederlandse regeling een inbreuk op EU-recht inhoudt?

Welk besluit hebben de diensten van de Commissie genomen over hun aanpak in deze?

NL

E-007906/2011

Antwoord van de heer Andor

namens de Commissie

(18.10.2011)

Op 29 september 2011 zond de Commissie de Nederlandse regering een aanmaningsbrief met betrekking tot de Nederlandse Wet koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen. Volgens de Commissie is de koopkrachttegemoetkoming waarin die wet voorziet, een uitkering bij ouderdom in de zin van artikel 3, lid 1, onder d, van verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels[1], die overeenkomstig artikel 7 van verordening (EG) nr. 883/2004 moet worden toegekend aan personen die op grond van de Algemene Ouderdomswet een Nederlands ouderdomspensioen ontvangen maar niet op het Nederlandse grondgebied wonen.

[1]     Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels, PB L 166 van 7.6.2001, blz. 1 (rectificatie PB L 200 van 7.6.2004, blz. 1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EU) nr. 1244/2010 van de Commissie (PB L 338 van 22.12.2010, blz. 35).


MEDEDELING VNGS DD. 12.10.2011

Ten onrechte aan fiscus afgedragen Zvw bijdrage verdragsgerechtigden

Er is sinds geruime tijd veel te doen geweest over de ZVW bijdragen die ten onrechte aan de fiscus zijn afgedragen. Wij nemen aan dat u daarover bent geïnformeerd.

Ook de Ombudsman heeft zich over deze materie gebogen en dat is voor hem aanleiding geweest onderstaande brief het licht te doen zien.

Teveel betaalde Zvw-bijdrage terugvragen bij Belastingdienst?

Als u emigreert naar een EU- of verdragsland of als u ‘nieuw’ inkomen krijgt uit Nederland in het buitenland, dan stelt het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) vast of u onder de verdragsregeling valt. Voor het verstrekken van het aanvraagformulier, het zogeheten E121 formulier, de wederontvangst en verwerking daarvan heeft het CVZ echter minimaal enkele maanden nodig. In het rapport 'Zorg(en) in het buitenland' gepubliceerd in september 2006 constateerde de Nationale Ombudsman al dat het CVZ aan veel mensen in het buitenland niet tijdig een E121 formulier heeft verstrekt. Ook had het CVZ in de eerste maanden van 2006 forse achterstanden in de verwerking van de ingezonden E121 formulieren.

Door deze verwerkingsproblemen bij het CVZ heeft een grote groep pensionado’s en emigranten zich niet tijdig kunnen aanmelden bij een ziektekostenverzekeraar in het verdragsland en is de inning van de Zvw-bijdrage door de inhoudende instantie, zoals de SVB, pensioenfondsen of het UWV,  ten onrechte aangemerkt als Zvw binnenland. Veel Nederlanders in het buitenland  hebben hierdoor extra moeten bijbetalen. Immers wordt de bijdrage Zvw- binnenland door de inhoudende instantie afgedragen aan de Belastingdienst waar de bijdrage Zvw buitenland wordt afgedragen aan het CVZ. In een brief van eind februari 2011 erkent het Ministerie van Financiën dat het probleem structureel is en nog actueel is, maar teruggaaf over de periode 2006 tot en met 2009 vindt het ministerie ambtshalve niet uitvoerbaar. "De mensen die hier recht op hebben moeten zelf maar om teruggaaf vragen” zo stelt het Ministerie van Financiën. 

Teruggaaf Zvw-bijdragen binnenland
U kunt nagaan of u recht heeft op teruggaaf van de Zvw-bijdrage binnenland door de volgende gegevens te controleren:

  • Heeft de SVB, UWV, pensioenfonds of verzekeringsmaatschappij Zvw-bijdrage over de jaren vanaf 2006 Zvw-bijdrage op uw Nederlands inkomen ingehouden?
  • Ziet u deze ingehouden bedragen terug in de definitieve jaarafrekening 2006 of 2007 of in de voorlopige jaarafrekening 2008 van het CVZ.

Zijn beide vragen bevestigend te beantwoorden dan heeft u geen recht op teruggaaf over de 2006 tot en met 2009
Is één van de vragen ontkennend te beantwoorden, dan heeft u waarschijnlijk recht op teruggaaf over deze jaren.
Het jaar 2009 kunt u nog niet controleren omdat u nog geen (voorlopige) jaarafrekening 2009 van het
http://www.mondi.nl/upload/cms/1887_CvZ.jpgCVZ heeft ontvangen. Wacht daarom de voorlopige jaarafrekening van het CVZ af, die u waarschijnlijk in het najaar 2011 zult ontvangen.

U kunt om teruggaaf verzoeken over de jaren 2006 tot en met 2009 door een brief te sturen aan:

Belastingdienst/ Rivierenland/kantoor Nijmegen
Afdeling EBV/EPV
Postbus 7030
6503 GM Nijmegen

Vermeld in uw brief duidelijk:
- dat u verzoekt om 'teruggaaf ten onrechte ingehouden bijdrage(n) Zvw';
- welke perioden/ jaren u via het CVZ in het buitenland verdragsverzekerd was;
- uw bankrekeningnummer.

Let op: over het jaar 2006 kunt nog tot en met 31 december 2011 teruggaaf vragen.

Bron De Nationale Ombudsman

De inhoud daarvan maakt duidelijk welke stappen genomen moeten worden om restitutie te verkrijgen. Mochten er niettemin vragen zijn dan bestaat er voor onze leden de mogelijkheid in deze advies te krijgen.

Teneinde daarvoor in aanmerking te komen dient u zich in Spanje te wenden tot het mailadres van onze secretaris mrjhueber@cs.com,waar u dan zult worden doorverwezen naar de daarvoor beschikbare assistentie.

Het bestuur


Zorgpremies stijgen fors  (Telegraaf 08.10.2011)

AMSTERDAM -  Nederlanders moeten de komende twee jaar flink meer betalen voor hun ziekteverzekering.

Dat zeggen internetvergelijkers Verzekeringssite.nl en Independer.nl in het AD. Ze verwachten dat de basispremie komend jaar met wel 50 euro kan stijgen. Daar blijft het niet bij. „Door de vele wijzigingen in de zorgverzekering zijn de kosten in 2012 veel lastiger in te schatten. Volgend jaar volgt waarschijnlijk nog eens zo'n forse stijging.” De sites, die jaarlijks alle zorgverzekeringen in kaart brengen, wijzen op de vele tarieven die worden vrijgegeven.

Bovendien eist De Nederlandsche Bank dat verzekeraars hogere reserves aanhouden.

Ook compenseert minister Schippers van Volksgezondheid hen niet meer achteraf voor kostenoverschrijdingen.


Stichting Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland (SBNGB) 04-10-2011

Eerder berichtten wij over de op 1 juni 2011 in werking getreden Wet MKOB, die erop neer komt dat op de vroeger bestaande regeling betreffende een tegemoetkoming in aanvulling op het ouderdomspensioen op grond van artikel 33b van de Nederlandse Algemene Ouderdomswet wordt bezuinigd ten laste van niet-ingezetenen van Nederland.  Kort gezegd komt het erop neer  dat hiermee, na de voor ons nadelige gevolgen van de ZVW, wij nu ook worden gekort op onze AOW pensioenen zoals wij inmiddels aan den lijve hebben ondervonden.

Wij zijn van mening dat hierbij  sprake is van  een belemmering van het recht op vrij verkeer voor burgers van de Unie reden waarom wij eerder dit jaar formeel bezwaar hebben aangetekend bij  de Commissie van de Europese Unie.

Inmiddels ontving onze advocaat van het DG Werkgelegenheid, sociale zaken en inclusie van de Europese Commissie officieel bericht  dat de commissie op 29 september heeft beslist een brief van ingebrekestelling te sturen aan de Nederlandse regering met het verzoek haar opmerkingen binnen 2 maanden aan de commissie te doen toekomen.

Het Bestuur


MEDEDELING STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND (SBNGB). 25-09-2011

In het vonnis van het EU Hof van Justitie te Luxemburg, uitgesproken  in zake de door de Centrale Raad van Beroep eerder gestelde prejudiciële vragen in onze rechtszaak tegen de Nederlandse Staat, werd genoemde rechterlijke instantie opgedragen onderzoek te doen naar mogelijke discriminatie bij invoering van de Zorgverzekeringswet op 1.1.2006 van gepensioneerden Nederlanders, met particuliere verzekering, die zich reeds op die datum in een van de verdragslanden hadden gevestigd.  

Deze opdracht heeft geleid tot een tweetal hoorzittingen waarvan de laatste plaatsvond op 29 juni 2011. Bij die gelegenheid werd als mogelijke datum van vonnis genoemd 21 september.

Inmiddels ontving onze Stichting bericht van de griffier van de Centrale Raad van Beroep, gedateerd 20 september 2011, waarin het volgende wordt medegedeeld:

Wegens bijzondere omstandigheden heeft de Raad de termijn van het doen van de uitspraak verlengd. Vermoedelijk zal de Raad 2 november2011 uitspraak doen.

Het bestuur


Raadsheer CRvB weg uit protest.

Door: Camil Driessen  
Gepubliceerd: vrijdag 9 september 2011 05:56
Update: vrijdag 9 september 2011 06:03

Burgers staan in hun hemd bij rechtszaken tegen de overheid. Raadsheer Tak kan het niet meer aanzien en stapt op uit de Centrale Raad van Beroep.

Jaren en jaren streed hij voor de rechtsbescherming van burgers die onverhoopt in een proces tegenover de overheid komen te staan. Maar vanaf nu niet meer met een hamer in de hand. Raadsheer en emeritus hoogleraar Staats- en Bestuursrecht Twan Tak heeft deze week zijn ontslag ingediend bij de Centrale Raad van Beroep: de hoogste Nederlandse bestuursrechter bij geschillen op het terrein van de sociale zekerheid en in ambtenarenzaken.

Met zijn 27 jaar ervaring was hij er een van de oudste nog dienende raadsheren. In zijn ontslagbrief schrijft Tak: ‘De veelgeprezen rechterlijke blinddoek dient in de huidige bestuursrechtspraak blijkbaar nog alleen om de rechtzoekenden aan het rechterlijk oog te onttrekken.’ De burger en de rechtvaardigheid die hij zoekt zijn ingewisseld voor onder meer algemeen belang, efficiency en kostendekkendheid.

Sinds de Algemene wet bestuursrecht in 1994 werd ingevoerd is de rechtspraak van de Raad veranderd, afgedwaald van hoe die ooit bedoeld was. ‘Rechtspraak is rechtdoen in het concrete geval. Rekening houden met de mens en de feiten waarin die terecht is gekomen, niet een doffe algemene norm toepassen’, zegt Tak telefonisch.

Alarmerend

Tak hekelt de onpersoonlijke ‘formulierencontrole’ die inmiddels ook tot de Centrale Raad van Beroep is doorgedrongen. Die Raad heeft zich moeten voegen in het spoor dat de door Tak fel bekritiseerde Raad van State heeft uitgezet.

Juist vanwege zijn kritiek op de Raad van State is de hoogleraar en raadsheer nooit populair geweest in Haagse regenteske kringen. Met zijn magnum opus Het Nederlandse bestuursprocesrecht in theorie en praktijkuit 2002 deed hij het nodige stof opwaaien. Zijn conclusie dat het systeem van rechtsbescherming van de burger tegen de overheid alarmerende vormen heeft aangenomen, werd na Kamervragen weggewuifd door premier Balkenende en ministers Donner en Remkes.

De bevindingen van de professor zouden niet ‘op gedegen wetenschappelijk onderzoek berustten, maar op impressies’. Tak diende een klacht in bij de Ombudsman wegens misleiding van de Tweede Kamer. Hij won, de klacht werd gegrond verklaard.

Tak zegt zijn besluit ‘met veel pijn en tegenzin’ te hebben genomen. De druppel die de emmer deed overlopen was de vierde druk van zijn boek waarin hij constateert dat de rechtspositie van burgers nog slechter is geworden. ‘Ik moest mezelf de vraag stellen of ik het nog wel kon verantwoorden om hier deel van uit te blijven maken.’


Telegraaf do 15 sep 2011

Zorg fors duurder

door Paul Jansen en Wouter de Winther

DEN HAAG -  De zorgkosten voor de gemiddelde Nederlander stijgen komend jaar flink. Dat blijkt uit plannen die het kabinet in het kader van Prinsjesdag bekendmaakt, en waar De Telegraaf de hand op heeft gelegd.

De zorgtoeslag wordt in 2012 flink omlaag geschroefd.

Gezinnen met een modaal inkomen moeten het met 160 euro per jaar minder doen, alleenstaanden ontvangen 100 euro minder. Ook de laagste inkomens ontspringen de dans niet, zij het dat ze minder inleveren. „Vanaf 2012 krijgen paren en alleenstaanden met een minimuminkomen respectievelijk 100 euro en ruim 40 euro minder toeslag”, valt te lezen in de nog geheime documenten.

De lage inkomens worden gespaard, terwijl midden- en hogere inkomens tot honderden euro’s meer aan zorgpremie moeten betalen.


CVZ GING IN DE FOUT VOOR WAT BETREFT GEWEZEN MILITAIREN EN AMBTENAREN

In de Europese Verordening 1408/71 bestaat een bijlage VI waarin is vastgelegd welke uitkeringen gelijk zijn gesteld met een wettelijk pensioen. Het wettelijk pensioen of daarmee gelijkgestelde uitkeringen vormden de basis voor het verdragsgerechtigd zijn en de bijdrageplicht in het kader van de Zorgverzekeringswet voor hen die in het buitenland wonen.

Tot 1 januari 2007 waren de uitkeringen van militairen en ambtenaren die een uitkering genieten ingevolge een regeling in het geval van overtolligheid, functioneel leeftijdsontslag en vervroegde pensionering NIET gelijk gesteld met een wettelijk pensioen.

Dit had tot gevolg dat men tenminste gedurende 2006 niet bijdrageplichtig en ook niet via het CVZ in het woonland voor zijn ziektekosten verzekerd was of kon zijn. Het CVZ liet de door deze groep gedane en verplicht gestelde aanmeldingen onbeantwoord.

Per 18 december 2006 heeft het Europees Parlement een wijzigingsvoorstel goedgekeurd waarbij met ingang van 1 januari 2007 de hiervoor genoemde uitkeringen WEL gelijk zijn gesteld met een wettelijk pensioen.

Het CVZ heeft de (meeste) betrokkenen hierover pas per brief van 20 maart 2007 geïnformeerd en hen pas toen verzocht om zich in te schrijven bij de verzekeringsinstelling van het woonland. In de jaarafrekening over 2007 wordt door CVZ echter wel de bijdrageplicht over een vol jaar in rekening gebracht.

Het voorgaande heeft de hiervoor genoemde groep militairen en ambtenaren om meerdere redenen gedupeerd.

Zo is men door het CVZ destijds verplicht geweest om zich aan te melden, terwijl er in 2006 voor de hiervoor genoemde groep geen verzekeringsmogelijkheid onder het regiem van de Zorgverzekeringswet bestond. Men is als gevolg hiervan onverzekerd geweest of heeft zelf een andere ziektekostenverzekering moeten afsluiten. Sommigen kozen voor een wereldpolis. Deze zelf afgesloten ziektekostenverzekering was veelal duurder dan de voorheen gangbare.

CVZ heeft niets ondernomen om de hiervoor genoemde groep militairen en ambtenaren met raad en daad bij te staan. Sterker nog CVZ heeft deze groep in het ongewisse en dus in de steek gelaten en heeft verwijtbaar haar verantwoordelijkheid niet genomen CVZ heeft deze groep ook misleid door hen via de verplichte aanmelding de gerechtvaardigde overtuiging te geven dat men verzekerd zou zijn, terwijl dit volgens de Europese Verordening in 2006 niet mogelijk was.

Als men zich in (de loop van) 2006 op een andere manier heeft verzekerd voor de ziektekosten, dan kan deze verzekering niet met terugwerkende kracht worden opgezegd. Dus over 2007 betaalt men tenminste over een aantal maanden voor de zelf afgesloten ziektekostenverzekering en CVZ brengt de bijdrage over het gehele jaar in rekening. Dus dubbele premiebetaling.

Van enkelen weet ik welke spanning en frustratie dit mogelijk onverzekerd zijn en de latere overstap naar het regiem van de Zorgverzekeringswet teweeg heeft gebracht en ik ben dan ook de mening toegedaan dat niet alleen de materiele schade dient te worden vergoed maar ook de  immateriële.

Voor leden van de VNGS geldt natuurlijk dat zij zich kunnen laten adviseren over mogelijk te ondernemen stappen tegen het CVZ. Zij dienen zich daartoe aan te melden bij het bestuur.

Theo Sanders


Oproep deelname online enquête Behoefteonderzoek DigiD-buitenland. 18-08-2011

Geachte mevrouw, meneer,

Woont u niet in Nederland, maar heeft u wel contact met Nederlandse overheden over bijvoorbeeld belastingaangifte, AOW, studiefinanciering, kinderbijslag of uitkering? Laat dan nu weten hoe u uw zaken met de Nederlandse overheid zou willen regelen door een korte enquête in te vullen.

De Rijksoverheid wil graag deze dienstverlening voor u verbeteren en is benieuwd naar uw wensen en behoeften.

Klik op onderstaande banner om deel te nemen. Dit kan tot uiterlijk 5 september. U maakt kans op één van de vijf mooie cadeaupakketten met Nederlandse producten!

Kent u andere personen die tot de doelgroep behoren, dan kunt u hen ook van deze oproep op de hoogte stellen.


1) In beroep gaan tegen Beslissing op bezwaar door SVB  (worddocument)


2) Model Beroepschrift tegen Beslissing op bezwaar door SVB
(worddocument)


Volkskrant (Van onze verslaggeefster Jet Bruinsma)   (30-07-2011)

AMSTERDAM -

Nederlandse gepensioneerden die in een ander land van de Europese Unie wonen en daar hun aow of wao-uitkering ontvangen, worden daarop terecht gekort. Die bedragen, die zijn bedoeld om de ziektekosten in het woonland van de pensionado's te kunnen betalen, mogen maandelijks worden ingehouden door het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) in Diemen, zelfs al heeft een pensionado zich helemaal niet verzekerd in het land waar hij woont.

Dit heeft de Centrale Raad van Beroep, de hoogste rechterlijke instantie voor de sociale zekerheid, vorige week beslist in een uitspraak die deze week bekend is gemaakt. De raad volgt in dat vonnis het arrest van het Europese Hof van Justitie in Luxemburg uit october 2010. Daarmee is een eind gekomen aan een jarenlange juridische strijd tussen de belangenorganisaties voor gepensioneerden en het CVZ. Zes leden hadden een proefproces aangespannen. De uitspraak geldt voor alle naar schatting honderdduizend pensionado's in het buitenland, maar heeft vooral gevolgen voor de ca 40 duizend onder hen die tot 2006 een particuliere ziektekostenverzekering hadden.

Die strijd begon in 2006, toen in Nederland de Zorgverzekeringswet werd ingevoerd. Daarbij werden alle Nederlanders verplicht een basisverzekering af te sluiten tegen ziektekosten. De tot dan toe bestaande tweedeling tussen ziekenfonds en particuliere verzekering werd afgeschaft.

De verzekering van de pensionado's – niet alleen van de ziekenfondsverzekerden onder hen, maar ook van de particulier verzekerden - werd per 1 januari 2006 door de overheid stopgezet. Zij konden zich voortaan melden bij het ziekenfonds in hun woonland, óók als zij tot dan toe particulier waren verzekerd. Medische zorg zou voortaan worden bekostigd uit het op hun pensioen ingehouden bedrag.

Een aantal gepensioneerden die tot 2006 particulier verzekerd waren, weigerden zich echter bij het ziekenfonds in hun woonland aan te melden. Daarom willen ze niet worden gedwongen daarvoor toch premie te betalen Ze willen hun eigen verzekeraar kunnen kiezen. De Centrale Raad oordeelt nu conform het arrest van het Europese Hof, dat EU-landen wel degelijk solidariteit kunnen vragen van landgenoten die in een ander EU-land wonen.

Een tweede juridisch geschilpunt tussen pensionado's en Nederland is nog niet opgelost. Voormalig particulier verzekerde pensionado's menen dat zij in 2006 anders (lees: slechter) zijn behandeld dan particulier verzekerden in Nederland. Zij wilden zich aanvullend kunnen verzekeren bovenop het in hun ogen te schrale ziekenfondspakket in hun woonland, waarvoor ze, zij het tegen wil en dank, premie betalen. Die aanvullende polissen bleken echter vrijwel onbetaalbaar, terwijl Nederlandse ingezetenen wel een redelijke premie voor zo'n polis betalen. Discriminatie, zeggen de pensionado's. De Centrale Raad heeft daar, op verzoek van het Europese Hof, wel onderzoek naar gedaan, maar is er nog niet uit. Een uitspraak wordt in september verwacht.


Uitspraak Centrale Raad van Beroep in de zaak N. (18-07-2011)


Vandaag ontvingen wij de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) in de zaak van de heer N. De Centrale Raad heeft de uitspraak van de rechtbank bekrachtigd. Dat betekent dat de Centrale Raad net als de rechtbank van oordeel is dat CVZ op grond van artikel 69 lid 2 Zvw bij de heer N. een bijdrage mocht inhouden.
 
De CRvB verwijst in zijn uitspraak uitvoerig naar de beantwoording van de prejudiciële vragen door het Europese Hof van Justitie en naar de daaraan ten grondslag liggende overwegingen. De Centrale Raad stelt daarnaast vast dat het door het Hof aan de nationale rechter opgedragen onderzoek uitsluitend betrekking heeft op het overgangsrecht op grond waarvan, bij de invoering van de Zvw, de Nederlandse particuliere ziektekostenverzekeringen (geheel of gedeeltelijk) zijn beëindigd. Nu de heer N. op 31 december 2005 geen particuliere ziektekostenverzekering had bij een in Nederland gevestigde verzekeringsmaatschappij, is een mogelijk verschil in behandeling als door het Hof bedoeld in de situatie van de heer N niet aan de orde.

Deze uitspraak heeft uitsluitend betrekking op de zaak van de heer N. De zitting van de CRvB die op 29 juni j.l. plaats vond (onderzoek naar een mogelijk verschil in behandeling bij invoering van de Zvw) had geen betrekking op de zaak van de heer N.


MEDEDELING STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND (SBNGB) DD.11.07.2011

Betreft MKOB problematiek

De reactie van de SVB is zoals inmiddels bekend een voorstel om de bezwaarschriften aan te houden totdat een uitspraak van de hoogste rechter bekend is en er dus geen beroep op niet-ontvankelijkheid zal worden gedaan. Daarmee is echter niet gezegd dat de (hoogste) rechter dit ook zo zal zien. Daarom adviseert de Stichting om het zekere voor het onzekere te nemen en derhalve alsnog de AOW-specificatie op te vragen en een tweede bezwaarschrift hiertegen te richten.

Voordat de hoogste rechter (in Nederland of in Luxemburg) een uitspraak heeft gedaan kan de nodige tijd verstrijken en het lijkt inderdaad niet bevredigend om daarop te blijven wachten terwijl de nieuwe tegemoetkoming ook al die tijd zal worden opgeschort.

Daarom overweegt de Stichting de mogelijkheid een beperkt aantal beroepen (2 of 3) in te stellen na een besluit op bezwaar. De overigen kunnen in dat geval dus instemmen met het voorstel van de SVB tot aanhouding. Het lijkt ons in dat licht verstandig ons nog niet te mengen in de bezwaarfase, die ieder voor zich kan voeren met gebruikmaking van de concept-bezwaarschriften zoals door ons opgesteld en op de website geplaatst.

Er zijn aanwijzingen dat U over juni 2011 geen specificatie van de Sociale Verzekeringsbank zult ontvangen. Mocht deze specificatie U één dezer dagen niet bereiken en wilt U toch bezwaar vraagt U dan een specificatie aan bij de SVB. Deze specificatie heeft U nodig voor Uw bezwaarschrift. Aanvragen kan per email via https://www.svb.nl/int/nl/algemeen/contact/contact_algemeen/contactformulier.jsp

Het bezwaarschrift moet vóór 4 augustus 2011 zijn ingezonden.

Het bestuur.

 


MEDEDELING STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND (SBNGB) DD. 04.07.2011.

DISCRIMINATIE DOOR NALATIGHEID?

Centrale Raad van Beroep onderzoekt feiten

Gezien de vragen van het Europese Hof, stelde de Centrale Raad  van Beroep  zich tot taak in de zitting van 29 juni 2011 onderzoek te doen naar de feiten:  Hoe was in 2004 tot 2006 de toepassingswet tot stand gekomen? De juridische kant van de zaak was voldoende duidelijk, nu ging het uitdrukkelijk om de feiten.

De kernvraag was in hoeverre het ministerie zich heeft ingespannen om discriminatie van expat-verzekerden te vermijden (kort gezegd, officieel: “de rechtspositie van de expat-gepensioneerden te waarborgen”).

De Centrale Raad had daarom ter zitting vertegenwoordigers van het Ministerie uitgenodigd om hen te ondervragen – een tamelijk unieke gang van zaken overigens.

Een belangrijk deel van de vragen gold het overleg tussen het ministerie en de verzekeraars.

Het is bekend dat al het nodige gedaan werd om de rechten van de verzekerde gepensioneerden in Nederland te handhaven, want het ging om 5 miljoen burgers. Over de gevolgen daarvan moest natuurlijk worden overlegd met de verzekeraars.

Maar, wat deed het ministerie t.a.v. de expat-gepensioneerden?

De minister had immers in een brief dd. 9 dec. 2004 aan de vaste commissie in de Kamer beloofd: dat....aan alle bestaande verzekerden vóór eind 2005 “een non-select integraal aanbod zal worden gedaan voor de hoofdverzekering en aanvullende verzekering, dat zoveel mogelijk aansluit bij de huidige dekking.”

In de Kamer schrok men van de massale eenzijdige opzegging van de verzekeringscontracten van niet-ingezetenen door de verzekeraars. Op 6 december 2005 vond een spoeddebat plaats, waarin op de gevaren voor niet-ingezetenen werd gewezen. De motie was o.a. voorgesteld door mevrouw Schippers, thans opvolger van Hoogervorst.

De regering deed niets!

De grondig voorbereide vragen van de rechters konden niet altijd eenduidig worden beantwoord door de ambtenaren. Zij konden zich niet bemoeien met de privaatrechtelijke relatie van de verzekeraars met hun klanten, dan zouden zij buiten hun bevoegdheid treden. Zij herinnerden zich eerst niet een brief van Wiegel namens de verzekeraars, als zou het verzekeren van pensionado’s in het buitenland onoverkomelijke problemen met zich meebrengen. Later herinnerde men zich de brief en werd ook gezegd dat er geregeld gecorrespondeerd was.

De Raad van Beroep wist wel beter en onze advocaat hielp een handje....

Wij willen hier niet ingaan op de details van de discussie over de historie van de bijzonder slecht doordachte toepassingswet en de vaak rampzalige gevolgen daarvan voor de expat- gepensioneerden – zowel Nederlanders als andere Europeanen die ooit in Nederland werkten.

De zitting bevestigde het beeld van een behandeling “en bagatelle” in 2004 tot 2006 door de minister en zijn ambtenaren - volgens de minister ging het om een “non-probleem”.

Na een kort reces liet de Centrale Raad weten dat er niet nog een zitting nodig was en dat de uitspraak eind september zal volgen. Zij liet ook weten dat er twee uitspraken mogelijk zijn:

-          Een niet-ontvankelijk verklaring.

-          De Centrale Raad kan ook concluderen, dat de Staat zich daadwerkelijk schuldig heeft gemaakt aan discriminatie van reeds geëmigreerde gepensioneerden bij de invoering van de Zorgverzekeringswet. In dat geval zal de Centrale Raad vaststellen dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld en de zaak doorverwijzen naar een zogenaamde bestuursrechtelijke schadestaatprocedure voor het vaststellen van de hoogte van de schade. Tegen een dergelijke uitspraak waarbij de aansprakelijkheid van de Staat wordt vastgesteld, staat geen hoger beroep meer open.

WAT DAN? Daarover valt in dit stadium alleen te speculeren en de ervaring van zes jaren heeft geleerd dat dat weinig zin heeft.

Het bestuur


Klachtafhandeling door Nationale Ombudsman inzake CVZ    03-07-2011 (PDF)


CVZ DOOR NATIONALE OMBUDSMAN TERECHT GEWEZEN

Velen hebben mij rechtstreeks of via de VNGS te kennen gegeven dat zij in hun bezwaarprocedure(s) niet juist zijn behandeld door CVZ.

Het niet juist behandelen had betrekking op de ontvangstbevestiging van bezwaarschriften en op de hiermee samenhangende hoorzittingsprocedure zoals kort beschreven in de twee onderstaande alinea’s.

Velen hebben destijds nagenoeg gelijktijdig bezwaarschriften ingediend over meerdere jaarafrekeningen en/of andere beschikkingen van CVZ. CVZ stuurde dan een ontvangst-bevestiging van het bezwaarschrift maar liet in het midden om welk bezwaarschrift het ging. Dus de relatie tussen bezwaarschrift en ontvangstbevestiging kon niet worden gelegd. Wanneer er sprake was van meerdere nagenoeg gelijktijdig ingediende bezwaarschriften gaf dit dan ook regelmatig aanleiding tot misverstanden en veel geschrijf over en weer om helder te krijgen op welk bezwaar de ontvangstbevestiging betrekking had.

Met betrekking tot de hoorzittingsprocedure liet CVZ in het midden op basis van welke gronden zij af zou kunnen zien van het houden van een hoorzitting en zo men al uitgenodigd werd, bood CVZ slechts twee mogelijkheden. Voor iedereen was het volslagen onduidelijk wanneer men niet het recht had om te worden gehoord. Als men uitgenodigd wilde worden voor de hoorzitting kon dat alleen maar door lijfelijk aanwezig te zijn op het CVZ kantoor te Diemen. Het andere alternatief was afzien van een hoorzitting. Voor diegenen die gehoord zouden willen worden werd dit vanwege reis- en verblijfkosten een (te) kostbare aangelegenheid. Het gevolg was dan ook veelal dat men er toch maar van af zag.

Het voorgaande is dan ook aanleiding geweest om de Nationale Ombudsman te vragen of deze gedragingen van het CVZ door de beugel kunnen. De Nationale Ombudsman heeft geoordeeld, dat alle voornoemde gedragingen onbehoorlijk zijn. Zie hiertoe het als bijlage gevoegde rapport van de Nationale Ombudsman van 15 juni 2011 met nummer 2011/176.

Zoals u in voornoemd rapport kunt lezen doet de Nationale Ombudsman de aanbevelingen dat

CVZ u voortaan de mogelijkheid biedt om ook telefonisch te worden gehoord en vermeldt op welk bezwaarschrift de ontvangstbevestiging betrekking heeft en wat de reden kan zijn om af te zien van een hoorzitting.

Het voorgaande toont aan dat het wel degelijk de moeite loont om te klagen als u het niet eens bent met de gedragingen van het CVZ en deze uw klacht niet naar behoren afhandelt. Schroom dan niet om dit voor te leggen aan de Nationale Ombudsman.

Op basis van een door mij gedane suggestie heeft de Nationale Ombudsman besloten om zoveel mogelijk informatie over CVZ Buitenland te bundelen in “Dossier CVZ”. Dit “Dossier CVZ” kunt u vinden op de nieuwswebsite van de Nationale Ombudsman:

http://www.nationaleombudsman-nieuws.nl/dossier/dossier-cvz

In dit dossier kunt u kennis nemen van de laatste verwikkelingen aangaande CVZ.

Theo Sanders


MEDEDELING SBNGB DD. 30.06.2011

"Er zijn aanwijzingen dat U over Juni 2011 geen specificatie van de Sociale Verzekeringsbank zult ontvangen. Mocht deze specificatie U één dezer dagen niet bereiken en wilt U bezwaar maken tegen het besluit van de Sociale Verzekeringsbank tot het niet toekennen van de koopkrachttegemoetkoming Oudere Belastingplichtigen met ingang van 1 juni 2011, vraagt U dan een specificatie aan bij de SVB. Deze specificatie heeft U nodig voor Uw bezwaarschrift.
Aanvragen van de specificatie kan per emial via https://www.svb.nl/int/nl/algemeen/contact/contact_algemeen/contactformulier.jsp
Als U over Digid beschikt kunt U de specificatie ook downloaden op http://www.svb.nl - Mijn SVB - Log in met Digid. Hier kunt U ook Digid aanvragen als U er nog niet over beschikt. Het bezwaarschrift moet vóór 4 augustus 2011 zijn ingezonden."


Het Financieele Dagblad
Nederlandse zorg peperduur
Marktwerking Hoogervorst! (JH)

Jeroen Piersma


Nederland heeft een van de allerduurste zorgstelsels ter wereld. Na de Verenigde Staten komt Nederland op plaats twee wat betreft het aandeel van de zorgkosten in de totale economie.
Nederland gaf in 2009 12% van zijn bruto binnenlands product uit aan zorg, meer dan Frankrijk en Duitsland en ruim boven het Oeso-gemiddelde van 9,5%. Dat blijkt uit de meest recente cijfers van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso) over de zorguitgaven in de groep van rijkste landen ter wereld.
Dat Nederland met zorgkosten alleen de VS voor moet laten gaan is olie op het vuur van de nationale discussie over de snelle groei van de zorgkosten. De zorgkosten groeien al jaren sneller dan de economie. Het is een ontwikkeling die volgens deskundigen op de langere termijn niet houdbaar is, zeker sinds de economische crisis en daaruit resulterende groeivertraging.
Het is de belangrijkste reden dat het huidige kabinet bezuinigt op diverse onderdelen van de zorg, zoals de persoonsgebonden budgetten en de geestelijke gezondheidszorg. Overigens groeit de zorgsector als geheel tot 2015 nog wel met € 15 mrd.
De Oeso heeft wel een kleine kanttekening bij het Nederlandse cijfer. Het cijfer van 2009 is niet vergelijkbaar met dat van de jaren ervoor omdat in dat jaar voor het eerst is gerekend met bepaalde kosten van de langdurige zorg. Een Oeso-woordvoerder geeft aan dat het gaat om een bijstelling van de cijfers door Nederland zelf. Het is een belangrijke verklaring voor de sprong van Nederland van de negende plaats in 2008 naar de tweede plaats in 2009.
 


Een korte impressie van de zitting van hedenmorgen. 30-06-2011

Van alle genoemde partijen waren uitsluitend vertegenwoordigers van de Stichting, Onno Fokkens en Jan Groeneveld aanwezig. Daarnaast natuurlijk CVZ en de drie mensen van VWS.

Door de voorzitter werd gesteld dat VWS alleen maar hier aanwezig was om vragen te beantwoorden. De vragen die werden gesteld door de rechters waren kritisch. Bij onduidelijke antwoorden werd er doorgevraagd tot er geen antwoord op kan of men niet wilde geven.

Eerst werd gevraagd hoe het proces met de Zorgverzekeraars was verlopen voor de ingezetenen van Nederland. Antwoord van de heer Klein Ikkink(VWS) dat er ca. 1 1/2 jaar met verzekeraars is gesproken met tussenpozen van twee à drie weken. Gevraagd werd of er ook over premies is gesproken. Dit werd categorisch ontkend.

Daarna werd gevraagd hoe het onderhandelingsproces voor de niet-ingezetenen was verlopen. Volgens VWS was er over vele groepen gesproken en er werd om de vraag heen gedraaid. Er kwam geen duidelijk antwoord. Op de vraag van de rechters of er onderzoek was gedaan naar de gevolgen voor de niet-ingezetenen was het antwoord een aarzelend nee. Wel had men geluiden opgevangen dat de verzekeraars goede aanbiedingen hadden gedaan. Onderzoek was er niet gedaan.

Onze advocaat citeerde uit de kamerstukken waaruit bleek dat de minister de zaak bagatelliseerde en op Kamervragen slechts antwoordde dat hij niet kon treden in prijsstelling van verzekeraars. Dit werd door de vertegenwoordigers van VWS ook weer als verdediging opgevoerd. Op de vraag van de rechter wat er was gebeurd met de brief van Wiegel deed men eerst of men niet wist welke brief dat was. Later gaf men toe dat men niets had gedaan omdat dat niet mocht en omdat sommige maatschappijen toch wel een goed aanbod hadden gedaan, zoals men had vernomen zonder dit nader te onderzoeken.

Onze advocaat gaf nog eens duidelijk aan dat er verwarring was over de aanvullende verzekering. De aanvullende verzekeringen voor ingezeten waren aanvulling boven op het basispakket. Voor niet ingezetenen zijn dat aanvulling tot aan hun vroeger bestaande dekkingen. Ook gaf hij nog eens aan dat de door de verzekeringsmaatschappijen aangeboden verzekeringen slechts konden worden aangeboden tegen een veel hogere premie vanwege het ontbreken van de leeftijdsolidariteit en de kleine doelgroep.

Een appellant gaf zijn persoonlijke situatie weer. Op zijn andere vragen werd niet ingegaan omdat ze niet pasten binnen de zitting. Het zelfde gold voor een andere appellant. Hij mocht zijn vragen nog wel op papier inleveren.

Na een korte schorsing werd bepaald dat voor de uitspraak de maximale termijn van 12 weken zou worden genomen. Welke kant het op zou gaan wist men nog niet. Het kon zijn dat geen discriminatie werd geconstateerd en dan was het afgelopen of in het andere geval zou er sprake zijn van bestuursschadeaansprakelijkheid en dan zou men VWS aanspreken.

 

Albert Kiffen


Impressie Jan de Voogd.

De hoorzitting heden, waar ik aanwezig was, spitste zich toe op het onderzoeken van het feitelijk verloop van het proces van voorbereiding en handelen van VWS ten tijde van en direct na de overgang van het vorige zorgstelsel op het nieuwe zorgstelsel zoals ontstaan met invoering van de ZVW.
De rechters stelden vragen aan drie VWS ambtenaren die nauw bij het proces waren betrokken. De vragen en discussie spitsten zich toe op het punt wat de doelstelling van VWS was geweest bij de overgang naar het nieuwe systeem ("soepele overgang waarbij de voorheen bestaande dekking globaal behouden bleef, voor zowel ingezetenen als verdragsgerechtigden", "tegengaan van dubbele verzekering – vandaar de bepalingen daarover in de IZVW"). VWS vertegenwoordigers betoogden dat VWS gedaan had wat binnen de wettelijke bevoegdheden van de staat lag om die doelstelling te bereiken, daarbij het beginsel van gelijke behandeling in acht nemend, en dat meer ten behoeve van verdragsgerechtigden onmogelijk zou zijn geweest vanwege de derde schaderichtlijn voor verzekeringen.
Zowel de rechters als de advocaat van SBNGB stelden echter kritische vragen over de premievoorwaarden voor aanvullende verzekering waartegen een en ander geregeld was, en met name of en wanneer VWS van de premievoorwaarden van nieuw aan verdragsgerechtigden aangeboden aanvullende verzekeringen op de hoogte werd en hoe en waarom daar verder niet beleidsmatig op was gereageerd, bijvoorbeeld door andere instrumenten in te zetten dan het morele appèl op verzekeraars om redelijke tarieven te hanteren.Die premievoorwaarden waren volgens de advocaat voor verdragsgerechtigden evident ongunstiger dan voor ingezetenen, wat met name toegeschreven kon worden aan de eenzijdige leeftijdsopbouw van de groep gepensioneerde verdragsgerechtigden. Dat laatste werd ook direct bevestigd en geïllustreerd door een van de in de zaal aanwezige appellanten.
Inhoudelijk- juridische aspecten die door andere appellanten naar voren werden gebracht werden door de voorzitter buiten discussie gehouden gezien de doelstelling van deze zitting (maar worden wel meegenomen door de rechters in hun besluitvorming). Reden was dat VWS hier slechts als informant optrad en de minister van VWS niet in de rol van aangeklaagde.
CvZ vertegenwoordigers waren aanwezig maar lieten het woord aan VWS. Andere appellanten die in april nog niet op de zitting aanwezig waren, waren eveneens uitgenodigd en een van hen voerde ook het woord.
Na schorsing beslisten de rechters dat de uitspraak binnen 12 weken zal zijn (dus eind september uiterlijk), zonder nog verdere zittingen. Aangekondigd werd ook dat of CVZ (de Staat) in het gelijk wordt gesteld of de klagers, zonder dat nu al enig oordeel uitgesproken werd. In het laatste geval denkt de Rechtbank voor herstel (dus gelijkberechtiging) aan "bestuursschadeaansprakelijkheid", enigszins vergelijkbaar met "redelijke termijn vonnissen". Naar mijn indruk, echter niet als zodanig genoemd door de rechter, zal dat dan gelden voor een ieder die ooit in beroep ging tegen het opleggen van de verdragsbijdrage en voor hen die een stuitingsbrief schreven om de Staat aansprakelijk te houden voor geleden schade.


Duizenden AOW'ers in buitenland verliezen tegemoetkoming 06-06-2011

Bron: door Wendy Braanker

Van uitstel kwam vooralsnog geen afstel. Sinds 1 juni is de AOW-tegemoetkoming voor een groot aantal Nederlanders in het buitenland vervallen. Alleen AOW'ers die 90 procent of meer van hun belasting in Nederland betalen komen er nog voor in aanmerking. Voor de Vereniging voor Grensarbeiders is het laatste woord er nog niet over gezegd.

Het omstreden plan om de AOW-tegemoetkoming af te schaffen werd bijna een half jaar vooruit geschoven, omdat de discussie over dit onderwerp niet wilde luwen. Maar 1 juni was het zover en is de bestaande AOW-tegemoetkoming vervangen door de KOB. Dit pakt voor zo'n 200 duizend Nederlanders in het buitenland nadelig uit, volgens Diederik Verweyen van de Vereniging voor Grensarbeiders.

Ruim 30 euro per maand
Het scheelt AOW'ers in het buitenland ruim 30 euro per maand. Volgens de oude regeling, die in 2005 werd ingevoerd na een wijziging in het  Nederlandse fiscale systeem, had iedere AOW'er in Nederland èn het buitenland recht op een tegemoetkoming. De reden: gepensioneerden hadden door de fiscale wijziging minder te besteden.

In de nieuwe regeling vallen de meeste Nederlanders met een AOW-uitkering buiten de boot als het om deze tegemoetkoming gaat. Onterecht, volgens de Vereniging voor Grensarbeiders. De Europese Commissie onderzoekt op het moment of de KOB, de nieuwe regeling, in strijd wordt bevonden met het Europees recht.

Uitspraak Europese Commissie
Diederik Verweyen vertelt dat de Vereniging voor Grensarbeiders eerst de uitspraak van de Europese Commissie wil afwachten over deze zaak, maar hij denkt dat de uitspraak genoeg ruimte zal bieden om de zaak aan te vechten. 'Ik denk dat we voldoende aanknopingspunten zullen hebben om een inbreukprocedure te starten.'

De uitvoering van de KOB ligt niet bij de belastingdienst, maar bij de Sociale Verzekeringsbank, die de AOW regelt. En de AOW is volgens Brussel een 'sociale voorziening', waar alle EU-burgers toegang toe moeten kunnen hebben, ongeacht waar ze wonen. Om deze reden zou de Europese Commissie de uitspraak kunnen doen dat ook Nederlanders in het buitenland het recht moeten behouden op deze tegemoetkoming.

De vereniging voor Grensarbeiders zegt niet te weten wanneer de Europese Commissie met een uitspraak komt.


Telegraaf 05/06/2011

CDA- en VVD-stemmers: zorgsysteem onhoudbaar

Het zorgsysteem à la Hoogervorst

RIJSWIJK -  Het kabinet zet het mes in het persoonsgebonden budget (pgb), een soort subsidie die mensen van de overheid krijgen om naar eigen inzicht zorg te organiseren voor zichzelf of hun familieleden. De kosten van dat systeem rijzen de pan uit, en met het kabinet vinden de meeste CDA- en VVD-stemmers daarom dat het zorgsysteem onhoudbaar is.

Dat blijkt uit de wekelijkse peiling van Maurice de Hond die zondag is verschenen. De meeste kiezers van de coalitiepartijen willen het pgb beperken of afschaffen, noteerde De Hond. Kiezers van PvdA, SP en GroenLinks zijn daar, met een duidelijke meerderheid, tegen.

Volgens de opiniepeiler lijkt het er niet op dat de discussies over het pgb tot grote politieke verschuivingen zullen leiden. Hij zag afgelopen week weinig politieke verschuivingen. „CDA en D66 gaan een zetel vooruit, PvdA en ChristenUnie een zetel naar beneden. De PvdA staat nu gelijk aan de SP (21 zetels)”, somt hij op.

De peiling van De Hond wordt via internet gehouden onder ten minste 2500 mensen, uit een steekproef onder ruim 40.000 personen die zich ooit voor zijn panel hebben aangemeld. De peildagen zijn vrijdag en zaterdag.


Telegraaf 25.05.2011

INGEZONDEN STUK

---------- Forwarded message ----------
From: Cornelis van Woerden <cornelisvanwoerden@hotmail.com>
Date: 2011/5/25
Subject: zorgverzekering, het ei van min. Hoogervorst
To: v.woerden@gmail.com
 

Het ei van de toenmalige minister Hoogervorst is uitgebroed. Hij was van mening, dat het beter was de toen bestaande verzekeringen voor ziekenfondsverzekerden en particulieren te doen opgaan in een basisverzekering. Het verschil tussen particulier en ziekenfondsverzekerde zou verdwijnen en ieder kreeg dezelfde behandeling in de zorg. De gedachte was leuk en aardig, maar nu de basisverzekering enige jaren van kracht is, is er nog steeds een patiënten scheiding. Degene die alles uit eigen zak betaalt heeft altijd voorrang. Een goed voorbeeld hiervan is, dat een geblesseerde profsporter bij nacht en ontij altijd kan rekenen op directe medische zorg.
De minister verzon ook het sprookje, dat de gezondheidszorg door concurrentie goedkoper zou worden. In eerste instantie was er concurrentie. De zorgmaatschappijen boden goedkope polissen aan. Men ging zelfs zover, dat er onder de kostprijs gewerkt werd om alleen maar zieltjes te winnen. Dit sprookje is al lang verleden tijd. Door fusies van de zorgmaatschappijen valt er weinig te kiezen. Een beperkt aantal maatschappijen bepalen nu de premies. Deze worden elk jaar verhoogd en de regering doet er nog een schepje bovenop met betrekking tot het eigen risico. Vooral de lagere inkomens komen hierdoor in de verdrukking. Zij zijn steeds meer afhankelijk geworden van de toegekende zorgtoeslag. Alleen die toeslag dreigt uit de hand te lopen en van regeringszijde is men druk doende ook in de zorgtoeslag te snijden.
Nu wenst de minister van Volksgezondheid, dat apotheken gaan concurreren op verstrekking van geneesmiddelen en farmaceutische zorg. Vrije marktwerking moeten leiden tot lagere prijzen, maar in dit geval lijdt de zorgverzekerde. Zijn jaarpremie wordt er 15 euro duurder door en zo zijn er nog meer voorbelden te noemen. De zorgkosten wordt door te dure managers en een grote bureaucratie onbetaalbaar

 

TOELICHTING BEZWAARSCHRIFTEN MKOB

Er zijn twee versies van het bezwaarschrift, één in antwoord op de brief van de SVB van  5 mei 2011 en één in antwoord op de AOW specificatie van juni a.s. In de eerste versie is opgenomen dat de indiener voornemens is tzt ook tegen de specificatie bezwaar te maken.

Nadere informatie die nog moet worden ingevuld door de indiener is geel gemarkeerd en tussen vierkante haken [] geplaatst. Daarnaast (eveneens tussen haken en groen gemarkeerd) dient het bezwaarschrift tijdig te worden ingediend en moet een kopie van de brief van de SVB worden aangehecht. De bezwaartermijn is zes weken na bekendmaking van een "besluit".

Omdat de brief van de SVB mogelijk nog geen "besluit" is waartegen bezwaar kan worden gemaakt in de zin van de wet, is het bezwaarschrift zo opgesteld dat dit tevens een aanvraag voor de "tegemoetkoming KOB" inhoudt. Een afwijzing van die aanvraag zou dan alsnog een besluit zijn waartegen bezwaar kan worden gemaakt. In ieder geval wordt de SVB zo ook gedwongen te reageren. Het is namelijk van belang deze bestuursrechtelijke weg (het maken van bezwaar tegen een besluit van de SVB) te bewandelen om eventuele andere wegen naar de civiele rechter op een later moment niet af te sluiten.
Voor wat betreft de termijn van zes weken, deze vangt aan met ingang van de dag na verzending. Wanneer het bezwaarschrift per post wordt ingediend, is het op tijd ingediend indien het voor het einde van de termijn ter post is bezorgd en niet later dan een week na afloop van de termijn van zes weken is ontvangen door de SVB. Vandaar dat het aan te raden is de brief aangetekend en met gevraagde ontvangstbevestiging te verzenden. Aangezien het bezwaarschrift vanuit het buitenland zal worden verzonden is het bovendien aan te raden dit enige tijd voor het einde van de termijn te versturen. Bij eventuele verzending per fax dient het bezwaarschrift vóór het einde van de termijn ontvangen te zijn door de SVB.

Word doc(klik hier)


BEZWAARSCHRIFT (TEVENS AANVRAAG) Word doc(klik hier)

BEZWAARSCHRIFT (TEVENS AANVRAAG) Word doc (klik hier)


MEDEDELING SBNGB DD: 25.05.2011

Heropening van het onderzoek voor de gevallen Ramaer en Van Willigen.

De Centrale Raad van Beroep wil nader geïnformeerd worden over "de aard en mate van de inspanningen van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in 2005 en 2006 ten aanzien van de rechtspositie van verdragsgerechtigden in het algemeen en meer specifiek over hetgeen hieromtrent in contacten en onderhandelingen met Nederlandse verzekeringsmaatschappijen is besproken". De Centrale Raad wil tijdens een op 29 juni 2011 om 10 uur ingeplande zitting bij de invoering van de Zvw betrokken vertegenwoordigers van de Minister horen.

Het bestuur


FORMELE KLACHT SBNGB BIJ EU COMMISSIE TEGEN VERLAGING AOW

Door aanneming van de wet MKOB wordt er weer een verdere aanslag gepleegd op het inkomen van de in het buitenland wonende gepensioneerde Nederlanders.

Deze wet komt erop neer dat op de bestaande regeling, betreffende een tegemoetkoming in aanvulling op het ouderdomspensioen op grond van artikel 33b van de Algemene Ouderdomswet, wordt bezuinigd ten laste van niet-ingezetenen van Nederland. De huidige tegemoetkoming zal worden afgeschaft hetgeen een inkomstenvermindering gaat betekenen van ca. € 400,00 per persoon per jaar. Tegelijkertijd wordt uitsluitend aan in Nederland woonachtige ouderen alsnog eenzelfde tegemoetkoming via een aangepaste regeling ter beschikking gesteld

Daarmee is sprake van (i) een belemmering van het recht op vrij verkeer voor burgers van de Unie, zoals toegekend onder artikel 21 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie ("VWEU") en (ii) een ongeoorloofd onderscheid naar woonplaats in strijd met EU Verordening 883/2004.

De Stichting Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland, de SBNGB, heeft daarover een klacht ingediend bij de Europese Commissie. Zie bijgaand document

Tegen de tijd dat daadwerkelijk met de inhoudingen een begin zal worden gemaakt, naar verwachting per 1 juni a.s., zal een individueel concept bezwaarschrift op onze website beschikbaar worden gesteld.

Het bestuur.

Klik hier voor de bijlage


Verslag Algemene ledenvergadering van de VNGS in SPANJE
gehouden op donderdag 28 APRIL 2011 in “El Sindicato” van de Ayuntamiento La Nucia

(klik hier voor )


Ombudsman: overheid moet zes miljoen euro terugbetalen aan Nederlandse pensionado's in het buitenland

20 april 2011 - De Nationale ombudsman, Alex Brenninkmeijer, vraagt de minister van Financiën, de minister van VWS en het College voor zorgverzekeringen om € 6.075.000 terug te betalen aan 13.500 Nederlanders in het buitenland. Gemiddeld gaat het bij deze groep om € 450 per persoon. De Belastingdienst heeft van 2006 tot en met 2009 ten onrechte deze bijdragen Zorgverzekeringswet (Zvw) ontvangen en vindt ambtshalve teruggaaf niet uitvoerbaar.

 

Brenninkmeijer: 'Ik vind de passieve opstelling van de overheid niet behoorlijk. De problematiek is veroorzaakt doordat het CVZ in 2006 grote problemen had met tijdige toezending en verwerking van de aanmeldingsformulieren. Ik vind het niet gepast, dat het ministerie de pensionado's verwijt, dat zij hun emigratie te laat aan het CVZ hebben doorgegeven. De overheid is debet aan deze problemen en moet er dan ook voor zorgen dat de Nederlanders in het buitenland 'linksom of rechtsom' hun geld terug moeten krijgen.'

Achtergrond

In de jaren 2006 - 2009 werd van circa 13.500 Nederlanders in het buitenland de Zvw-bijdrage ten onrechte als 'Zvw-binnenland' aangemerkt. Door dit verkeerde oormerk droeg de inhoudende instantie (zoals de SVB, een pensioenfonds of het UWV) deze bijdrage ten onrechte af aan de Belastingdienst. Maar omdat de verzekerde inmiddels in het buitenland woonde en onder de buitenlandregeling Zvw viel, had dit afgedragen moeten worden aan het CVZ. Daardoor had het CVZ te weinig ontvangen en moesten velen (teveel) bijbetalen. De meeste betrokkenen wisten en weten niet dat ze deze Zvw-bijdrage kunnen terugvragen bij de Belastingdienst.

Het ministerie van Financiën vindt ambtshalve teruggaaf over de periode 2006 t/m 2009 niet uitvoerbaar. De rechthebbenden moeten zelf teruggaaf vragen. Wél erkent het ministerie dat het probleem – ook ná 2009 – structureel is. Daarom gaat het ministerie onderzoeken of het mogelijk is om vanaf het belastingjaar 2010 ambtshalve teruggaaf te verlenen.


telegraaf, 20-04-2011

Ombudsman: Pensionado´s gedupeerd met zorgkosten

AMSTERDAM - 

Nederlandse gepensioneerden die in het buitenland wonen, komen in grote financiële problemen door de huidige zorgverzekeringswet. Sinds de invoer in 2006 zijn zij vaak duizenden euro’s meer kwijt aan zorgpremies. Dit schrijft de Nationale ombudsman in een brief aan de Tweede Kamer.

Bij een deel van de gepensioneerden staat het water dusdanig aan de lippen, dat zij zijn teruggekeerd naar Nederland. Volgens Nationale ombudsman Alex Brenninkmeijer miskent minister Schippers (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) de ernst en urgentie van de situatie.

Gepensioneerden die verkassen naar het buitenland, zijn nog steeds verplicht om een bijdrage te leveren aan het Nederlandse zorgstelsel. Dat komt omdat ze aow en aanvullend pensioen vanuit ons land krijgen. Het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) houdt een bedrag in op het inkomen. Een kostenpost van al snel 2000 euro per jaar.

Voor dat geld is de gepensioneerde verzekerd van zorg in zijn nieuwe woonland. Maar in de praktijk is de dekking in landen als België, Duitsland, Frankrijk en Spanje veel lager dan bij ons. Om nog maar te zwijgen over de voorzieningen in Oost-Europese landen.

Torenhoge premies

„Mensen zijn haast gedwongen om zich bij te verzekeren bij een verzekeraar in het land waar ze wonen”, zegt Brenninkmeijer. „Maar dat gaat vaak gepaard met torenhoge premies. Als het al mogelijk is om je extra te verzekeren. Gepensioneerden vormen een dure en risicovolle groep voor commerciële verzekeraars.”

Inmiddels heeft de ombudsman zijn bureau vol liggen met voorbeelden van Nederlanders die in de rats zitten door hun gestegen zorgkosten. „Het is evident dat zij meer kwijt zijn dan gepensioneerden die gewoon in ons land blijven wonen. En dan gaat het niet om een paar tientjes, maar duizenden euro’s.”

Brenninkmeijer noemt een echtpaar, 78 jaar, dat in Spanje woont. In 2005 waren zij verzekerd via een collectieve zorgverzekering bij de ex-werkgever. Dat kostte ze samen 2400 euro. Sinds 2006 houdt het CVZ 2500 euro in op het pensioeninkomen. Vanwege de lagere dekking en gezondheidsproblemen namen zij een aanvullende verzekering. Dat bedrag is opgelopen van 4242 euro in 2006 naar 7781 euro in 2011.

De ombudsman rekent voor: „De kosten voor de zorgverzekering zijn gestegen van 2400 euro in 2005 naar 10.281 euro in 2011. Dit is geen incident, maar tekenend voor een hele grote groep. Reden voor mij om in een brief aan de bel te trekken bij minister Schippers.”

Juridische procedure

De minister geeft echter aan een juridische procedure af te wachten die loopt bij de Centrale Raad van Beroep, de hoogste bestuursrechter van ons land. Hierin staan de Stichting Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland en het CVZ tegenover elkaar. Aankomende vrijdag vindt er een zitting plaats.

Uiteindelijk moet de rechter bepalen of gepensioneerden die elders wonen, gediscrimineerd worden ten opzichte van gepensioneerden in Nederland. „Een definitieve uitspraak kan nog lang duren. De meeste ouderen hebben die tijd niet. Zij worden steeds ouder en daarmee lopen hun jaarlijkse kosten ook op. De Tweede Kamer moet de minister dwingen tot een oplossing.”


Behandeling hoger beroepen Zorgverzekeringswet (Pensionado´s) 13-04-2011

Utrecht, 1-4-2011

Op 22 april 2011 om 10:00 uur behandelt een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op een openbare zitting de (voortgezette) hoger beroepen over bijdrageplicht Zorgverzekeringswet voor gepensioneerden die buiten Nederland in een EU-lidstaat wonen (Pensionado’s).
De Centrale Raad van Beroep is de hoogste rechter op het gebied van het sociale bestuursrecht, het burgerlijke en militaire ambtenarenrecht en delen van het pensioenrecht.
Deze behandeling is een vervolg op een arrest van 14 oktober 2010 van het Hof van Justitie van de Europese Unie in de zaken Van Delft e.a., C-345/09. Dat arrest is gewezen na een verzoek van de Centrale Raad van Beroep om een prejudiciële beslissing. Het Hof van Justitie overweegt in dat arrest dat de bijdrage die Nederland inhoudt op het Nederlandse pensioen van betrokkenen - omdat zij recht hebben op medische zorg in het woonland - niet in strijd is met het Europese socialezekerheidsrecht en het vrij verkeer van unieburgers. Wel moet de nationale rechter naar het oordeel van het Hof van Justitie onderzoeken of betrokkenen als burgers van de Europese Unie verschillend zijn behandeld ten opzichte van ingezetenen van Nederland als gevolg van de inwerkingtreding van de Zorgverzekeringswet op 1 januari 2006.