CVZ schuldig aan vertraging bij de vaststelling wereldinkomen
Mij bereiken vele vragen en klachten waarom het zo lang duurt vooraleer de Belastingdienst de verdragsgerechtigden opdracht geeft tot het doen van aangifte van hun wereldinkomen over de jaren 2008 en 2009.
De aangifte van het wereldinkomen is immers de basis voor de “Beschikking Niet in Nederland Belastbaar inkomen” en de datum van deze Beschikking is volgens artikel 6.3.3 lid 3 van de Regeling Zorgverzekering weer bepalend voor het CVZ om tot de vaststelling van uw Definitieve Jaarafrekening te komen.
Volgens de informatie van de Belastingdienst zijn de volgende gebeurtenissen aanleiding voor de opdracht van de belastingdienst tot het doen van aangifte over het wereldinkomen in een bepaald jaar:
1) u of uw partner woont buiten Nederland en ontvangt een toeslag van de Belastingdienst/Toeslagen, zoals zorgtoeslag of kinderopvangtoeslag;
2) u of een gezinslid woont buiten Nederland en betaalt een premievervangende Zvw bijdrage aan het CVZ.
Omdat CVZ de enige partij is, die weet van welke verdragsgerechtigden er in een bepaald jaar een premievervangende Zvw bijdrage is ontvangen, is het CVZ ook de enige die aan de Belastingdienst opgaaf doet van verdragsgerechtigden van wie het wereldinkomen dient te worden vastgesteld.
Aangezien in ieder geval de mij bekende verdragsgerechtigden tot op heden nog geen opdracht van de Belastingdienst hebben gekregen om opgaaf te doen van hun wereldinkomen over 2008 en 2009, staat voor hen vast dat CVZ zelf de veroorzaker is van de vertraging bij de vaststelling van hun wereldinkomen over de voornoemde jaren. Dit heeft dan ook als gevolg dat CVZ op zijn vroegst pas in 2011 verplicht zal zijn om uw definitieve jaarafrekening over 2008 vast te stellen.
We hebben eveneens moeten vaststellen dat CVZ zich ook niet gehouden heeft aan de wettelijke verplichting om voor 30 september 2009 u de voorlopige jaarafrekening over 2008 te doen toekomen.
Daar waar u zou moeten kunnen rekenen op een zorgvuldig, adequaat en tijdig functionerend bestuursorgaan, meent het CVZ zelf de spelregels te mogen dicteren.
Omdat de hiervoor genoemde gedragingen van CVZ als zeer onbehoorlijk worden ervaren, heb ik het voorgaande voorgelegd aan de Nationale Ombudsman.
Theo Sanders
Problemen NL'ers in buitenland met CVZ groter dan gedacht
Duizenden Nederlanders in het buitenland wachten al jaren op geld dat het CVZ hen moet terugbetalen. Ook liggen er 7500 onbehandelde bezwaarschriften. Nationale Ombudsman Alex Brenninkmeijer vraagt nu om opheldering bij minister Klink van Volksgezondheid. ‘Ik vind dat je niet op deze manier met mensen kunt omgaan. Voor veel Nederlanders in het buitenland gaat het om geld dat ze heel hard nodig hebben.’
Voor de zoveelste keer trekt ombudsman Alex Brenninkmeijer aan de bel. Duizenden Nederlanders in het buitenland wachten nog steeds op een definitieve jaarafrekening over 2006 en 2007. Dat kan gaan om teruggave van hun te veel betaalde bijdrage aan de zorg of betalingen die zij nog moeten doen. Ondanks verscheidene brieven aan het College Voor Zorgverzekeringen zijn de problemen niet opgelost. Sterker nog, ze zijn alleen maar toegenomen, stelt ombudsman Brenninkmeijer.
U zegt dat het probleem groter is dan verwacht. Waaruit blijkt dat?
‘Op dit moment worden bijna 50.000 jaarafrekeningen over 2006 en 2007 verstuurd. Dat zijn enorme aantallen. Er is dus een geweldige vertraging opgelopen. Daarbij komt nog dat 2008 blijft liggen, en over 2009 zwijg ik maar. Bovendien liggen er nog 7500 bezwaarschriften te wachten op behandeling. Als mensen opkomen tegen onjuiste beslissingen, moeten ze dus ook nog heel lang wachten op resultaat.’
In een eerder gesprek met de Wereldomroep hebt u Nederlanders in het buitenland opgeroepen zich te melden als ze hier tegenaan liepen. Wat voor verhalen heeft dat opgeleverd?
‘Dat leverde veel brieven op. Ze gaan over te late terugbetalingen en over vorderingen over 2006 en 2007, over het feit dat het CVZ slecht bereikbaar is, of dat eerdere inhoudingen niet zijn meegenomen in de jaarafrekening die men uiteindelijk krijgt. Ook zijn er mensen die nog wachten op de terugbetaling over 2008. Zo kan ik nog een tijdje doorgaan. Er zijn allerlei problemen waar mensen op stuiten.’
U hebt al eerder geklaagd bij het CVZ. Wat voor antwoord kreeg u?
‘Op zich is er goed overleg met het CVZ, maar het blijkt toch een heel hardnekkig probleem te zijn. Ik heb hen in mei opnieuw een brief geschreven. Toen antwoordde het CVZ dat ze bezig waren met het ICT-systeem, en dat ze de werkprocessen beter zouden regelen. Maar het gaat om hele grote aantallen. Vervolgens heb ik in juli een brief gestuurd aan minister Klink van Volksgezondheid, met een afschrift aan de Tweede Kamer, om ook politieke aandacht te vragen voor het probleem. Want ik heb het idee dat het nog wel lang kan duren.’
Het CVZ heeft het over computerproblemen. Is het een kwestie van overmacht of onwil?
‘Voor het CVZ is het geen onwil, maar overmacht. Maar bij de politiek zie ik wel onwil. Een paar jaar geleden is die zorgverzekeringswet in werking getreden. Toen hebben ze dit gewoon niet goed geregeld. Die wet moest er komen, en daarom zijn ze heel gehaast geweest. Er was helemaal geen computersysteem om dit goed uit te voeren en men heeft destijds ook helemaal niet ingeschat welke problemen het voor Nederlanders in het buitenland zou opleveren. Toen er problemen ontstonden, dacht men: ‘het gaat maar om een kleine groep, de zorgverzekeringswet is belangrijker’ en ‘we zullen wel zien waar het schip strandt’.’
Bestaan die Nederlanders in het buitenland dan wel voor de CVZ en de politiek?
‘Je kan in ieder geval zeggen dat men onvoldoende oog heeft voor de positie van deze mensen in het buitenland. Dat moet veranderen. Ik vind dat je niet op deze manier met mensen om kan gaan. Het gaat om groepen die afhankelijk zijn van inkomen uit Nederland. Voor veel mensen gaat het om geld dat ze heel hard nodig hebben. Als dat niet op je bankrekening komt, dan zit je echt met de gebakken peren.’
U bent er als ombudsman al een paar jaar mee bezig. Heeft u het gevoel dat u er verder mee komt?
‘Met het CVZ komen we op zich wel verder. Ik zie dat ze de intentie hebben om het in orde te maken. Maar de capaciteit is beperkt, en dat is een kwestie van de politiek. Als u mij vraagt hoe ik daar tegenaan kijk, dan ben ik wel in mineur. Dan ben ik echt somber gestemd over hoe de opstelling is van de politiek ten aanzien van deze groepen mensen. Het is belangrijk dat als je geld van mensen vordert, het de juiste bedragen zijn. Als er dan een definitieve afrekening plaatsvindt, verwacht je dat die tijdig wordt verstuurd en niet na jaren, waardoor mensen jarenlang niet weten wat voor bedrag ze verschuldigd zijn. Bovendien gaat het erom dat mensen aanzienlijke bedragen moeten betalen voor de bijdrage in de AWBZ (Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, red.), terwijl ze heel vaak in het buitenland helemaal geen recht hebben op enige AWBZ. Dat is nogal scheef. Veel mensen hebben mij hierover geschreven.’
U spreekt nu in een brief rechtstreeks minister Klink van Volksgezondheid aan. Wat wilt u van hem?
‘Het probleem is dat we nu eerst een nieuw kabinet moeten hebben. Minister Klink zweeft nu politiek gezien tussen hemel en aarde en dat is een wat ongelukkige situatie. Ik verwacht dat de minister genoeg capaciteit bij het CVZ beschikbaar stelt om deze klus met voortvarendheid te klaren.’
Is daar wel geld voor?
‘Dat is niet een vraag waar ik als ombudsman over ga. Als ombudsman zeg ik alleen dat dit helemaal niet goed loopt. Ik heb al een paar maal aangedrongen op verbetering en ik zie dat er geen verbetering komt. Dan moeten er langzamerhand maar maatregelen worden genomen.’
Wat zou het nieuwe kabinet beter moeten doen in dit dossier?
‘In dit dossier is een hopeloze situatie ontstaan. Het is dweilen met de kraan open. In dit dossier zou het nieuwe kabinet wel kunnen zorgen voor voldoende mensen bij het CVZ die met voldoende snelheid al deze kwesties kunnen afronden. Maar ik realiseer me ook dat we juist in een tijd zitten waarin we moeten bezuinigen. Dus het ligt nogal moeilijk. Maar ook een nieuw kabinet zal niet snel van me afzijn. Dit is iets waar ik steeds weer de aandacht voor zal vragen.’
- Meer informatie in het dossier CVZ van de Nationale Ombudsman
Meer artikelen lezen voor en door Nederlanders in het buitenland? Neem een gratis abonnement op het WereldExpat Magazine
CVZ
Zo’n 120.000 Nederlanders in het buitenland zijn via het CVZ verzekerd voor hun ziektekosten. Het zijn Nederlanders die in het buitenland wonen en daar ook verzekerd zijn, maar die inkomen vanuit Nederland ontvangen, bijvoorbeeld een pensioen of uitkering. Een verzekerde in het buitenland is verplicht een bijdrage voor de verzekering te betalen aan het CVZ. Deze bijdrage aan het CVZ wordt ingehouden op het inkomen uit Nederland.
Of het bedrag van de inhouding klopt, wordt achteraf vastgesteld. Ieder jaar checkt het CVZ of wel het juiste bedrag is betaald en verstuurt hierover een jaarafrekening.
Het CVZ kampt echter al geruime tijd met computer- en capaciteitsproblemen. Duizenden jaarrekeningen over 2006 en 2007 moeten nog worden verstuurd. Volgens ombudsman Brenninkmeijer gaat het voor sommige mensen ‘niet om honderden maar duizenden euro’s’.
WUZzerr: Robert von Germany | Vlagtwedde
Duitsland, Oosterburen met visie, over de gezondheidszorg
Aan de hand van een voorbeeld uit mijn eigen omgeving wil ik u graag meenemen op een vergelijkende trip tussen de gezondheidszorg in Duitsland en in Nederland. Ook hiervan geld natuurlijk weer: het is niet wetenschappelijk onderbouwd, er is geen uitgebreid onderzoek naar deze voorbeelden gedaan, er zijn geen enquêtes gehouden. Nee het is gewoon het delen van mijn eigen ervaring aan de hand van een aantal concrete voorbeelden. Mocht u van plan zijn om te reageren (wat ik natuurlijk van harte hoop) dan weet u alvast dat als u mij verwijt dat het maar incidenten zijn u, in principe, gelijk heeft. Maar …… naast de voorbeelden uit mijn eigen ervaring kan ik u ook nog een aantal voorbeelden geven die natuurlijk ook op zich staan. Gezamenlijk vormen deze voorbeelden echter wel een tendens. Een tendens die aangeeft dat het op sommige punten anders zou kunnen en op sommige punten anders zou moeten. Goed daar gaan we.
Ongeveer 9 maanden voordat we onze koffers gingen pakken om de stap, vanuit het mooie Woudsend in Friesland richting het Duitse Esterwegen, te maken (we spreken dus over begin 2007) werd mijn vrouw geconfronteerd met uitstralende pijn in haar been, kracht verlies en een verzwakte hef functie van haar voet. Kortom alle verschijnselen van een klassieke hernia. Zoals het gaat eerst een poosje aanzien, vervolgens aan de pijnstillers en uiteindelijk maar een afspraak bij de huisarts. Onze eigen huisarts was met een, welverdiende vakantie. Dus contact zoeken met de vervanger op maandagmorgen. Deze vervanger had zijn eigen praktijk in een ander dorp en wenste beide praktijken gescheiden te houden, als bijkomend argument werd gegeven dat de patiëntendossiers alleen in de eigen praktijk beschikbaar waren dus kwam hij 1x in de week naar de praktijk van onze eigen arts. (Ik kan u verzekeren dat ook in die periode het digitale tijdperk reeds zijn intrede had gedaan en dat ook toen de pc’s reeds met elkaar konden communiceren.) Hierdoor was de eerste mogelijkheid pas op donderdagmiddag om hem met een bezoek te vereren.
Na uitgebreid lichamelijk onderzoek was het hem niet precies duidelijk wat er nu aan de hand was met de rug van mijn vrouw, hij kon dus niet onomstotelijk vaststellen dat er spraken was van een hernia en twijfelde. Zijn advies: even 10 dagen bedrust, pijnstilling en dan maar een afspraak maken met de eigen huisarts, dan kon die beslissen of het nodig was om verdere stappen te ondernemen. Wat bevreemd hebben we hem toen aangekeken, als het hem niet duidelijk is wat de oorzaak van de klachten is, dan zou een doorverwijzing naar iemand die wel kan vaststellen wat er is toch voor de hand liggen. Kijk, het hanteren van een “bedenktijd” bij een abortus kun je je nog iets bij voorstellen, maar niets doen bij lichamelijke klachten kwam bij ons een beetje vreemd over. Ondanks aandringen om te verwijzen wilde de vervangend arts daar niet van weten. In Nederland is het dus zo dat je geen kant op kunt als je geen verwijzing hebt. Een afspraak maken met welke specialist dan ook gaat niet zonder een verwijzing. Zo is het systeem nu eenmaal en zo wordt het gedaan!
Er zat dus niets anders op dan wachten totdat de eigen huisarts weer terug zou zijn. Tien dagen later was dat het geval. De klachten waren dus niet verminderd, de stijfheid door het bedlegerig zijn was toegenomen en de symptomen waren versterkt. De eigen huisarts onderzocht mijn vrouw, keek even in de papieren en melde toen dat het hem zinvol leek om de fysiotherapie in te schakelen en om advies te vragen. Op de vraag van mijn vrouw om door verwezen te worden naar een neuroloog, werd aan gegeven dat dit nog te voorbarig was, nee eerst het advies van de fysiotherapeut die praktijk hield in het zelfde pand als de huisarts. Naïef gedacht natuurlijk, maar we waren in de veronderstelling dat dit meteen kon gebeuren. Niet dus, een afspraak voor over een week. De fysiotherapeut onderzocht mijn vrouw en zou verslag uit brengen aan de huisarts. Binnen 4 dagen zou de brief bij de huisarts op het bureau liggen. Hoe zo? vier dagen! Lijkt me toch simpel, even een telefoontje of een klop op de kamerdeur ernaast en je ervaring delen met de huisarts leek mij in ieder geval het meest voor de hand liggend. Dat zag ik natuurlijk verkeerd, nee dit koste echt tijd en…… zo was het systeem nu eenmaal en zo werd het gedaan!
Een afspraak met de huisarts vijf dagen later. De conclusie van de fysiotherapeut was dat er spraken kon zijn van een hernia, maar dat dat niet onomstotelijk kon worden bevestigd. Ondanks dat het lichamelijk onderzoek en de symptomen wel die richting op wezen. De huisarts deed het zelfde onderzoek ook nog maar weer eens een keer en onderschreef de conclusie van de fysiotherapeut. Het was niet zeker of het een hernia was en achtte verder onderzoek wenselijk. Het leek hem verstandig om een MRI-scan te laten maken om zo te kunnen vaststellen of er spraken was van een hernia. Wat voor ons het meest logisch zou zijn was dus een verwijzing naar de afdeling röntgen van het St. Antoniusziekenhuis in Sneek voor het maken van een MRI-scan. Maar ……dat zagen we dus verkeerd. Het verwijzen naar röntgen voor het maken van een MRI-scan was voorbehouden aan een specialist, in het geval van mijn vrouw moest dat dus een neuroloog zijn. Ik begreep het toen niet helemaal, maar we konden aandringen en vragen wat we wilden maar, er werd een verwijskaart uitgeschreven en een telefoonnummer van de Neuroloog werd overhandigt met de mededeling dat we maar even een afspraak moesten maken. Een beetje beduusd stonden we weer buiten. Feitelijk waren er nu reeds 4 weken verstreken vanaf het moment dat de eerste klachten zich manifesteerden. Tja…..,zo was het systeem nu eenmaal en zo werd het gedaan!
Goed, bellen met het afspraken bureau van het St. Antoniusziekenhuis leverde een afspraak op over 3 maanden. Op de vraag of het niet mogelijk was om eerder te worden geholpen werd geantwoord of we dachten dat mijn vrouw de enige was. Ik heb toen nog aangegeven dat de huisarts het wenselijk achten dat er een MRI-scan werd gemaakt en dat het misschien zinvol was om daar nu reeds een afspraak voor te maken zodat als mijn vrouw bij de neuroloog kwam niet nog meer tijd verloren zou gaan en de resultaten bij het eerste consult al beschikbaar waren. Hoe ik het in mijn hoofd haalde zo’n vraag te stellen! Alleen de neuroloog kan een verwijzing geven voor een MRI-scan en dan natuurlijk pas als hij haar “gezien” had. Op mijn ja maar, werd onmiddellijk gereageerd met: zo is het systeem nu eenmaal en zo wordt het gedaan!
3 maanden wachten op een eerste afspraak met een neuroloog, te gek voor woorden toch! Dus contact met de bemiddelingsafdeling van de verzekeraar. Het probleem uitgelegd en afgesproken dat zei nog een poging zouden ondernemen om een snellere afspraak te realiseren, het zij in het st. Antonius of ergens anders, als mijn vrouw maar werd geholpen. Binnen een paar uur een telefoontje terug, in het Medisch Centrum Leeuwarden locatie Harlingen kon mijn vrouw terecht op zijn snelst over 3 weken. Dit afgezet tegen de 3 maanden in Sneek leek dit dus een pracht oplossing. Drie weken later (en een lading aan pijnstilling verder) waren de symptomen verder toegenomen. Het bezoek aan de neuroloog was eigenlijk binnen 3 minuten klaar, toen mijn vrouw aangaf dat de klachten alleen maar waren toegenomen vond hij het niet nodig om verder lichamelijk onderzoek te doen. Waarom, was zijn reactie, de huisarts heeft zijn werk echt wel goed gedaan. Nee, we gaan niet onnodig onderzoek doen. We gaan eerst een MRI-scan maken en kijken wat dat brengt! Ik zal u een verwijzing geven, daarmee kunt u een afspraak maken met de röntgen. Zodra u de scan heeft laten maken komt u maar terug. Met stomheid geslagen stonden we elkaar aan te kijken. De huisarts mocht dus geen MRI-scan laten maken zonder dat de neuroloog was geconsulteerd, terwijl nu de neuroloog blind voer het onderzoek van de huisarts. Vol goede moed verlieten we de kamer van de neuroloog en togen huiswaarts. Immers er zat nu schot in het geheel zo’n MRI-scan was natuurlijk zo gepiept. En dat de neuroloog precies dat deed wat ik een week of drie terug eigenlijk had voor gesteld, ach……….zo is het systeem nu eenmaal en zo wordt het gedaan!
Goed, even bellen voor een afspraak voor de MRI-scan en dan weer snel terug naar de neuroloog, met dat heen en weer rennen was er nog geen begin van een behandeling gestart, nee we waren nog bezig om de diagnose te stellen. Een heel aardige dame stond me te woord aan de afspraken balie van het St. Antoniusziekenhuis. Maar aardig of niet een afspraak op korte termijn zat er niet in. 5 weken ging het duren voordat er een gaatje was, uw vrouw loopt toch nog, dus dan is er geen noodzaak om er een spoedgeval van te maken. Met stomheid geslagen, “dus de brandweer rukt pas uit als minimaal de helft van een gebouw is afgebrand?” was mijn vraag. Na veel aandringen, lief doen, verdrietig zijn en bidden en smeken, bleek dat er een gaatje was na 4 weken. Niets hielp! Dus de afspraak maar gemaakt. Onmiddellijk zelf op zoek gegaan naar een mogelijkheid om elders een MRI-scan te laten maken. Stad en land afgebeld en uiteindelijk in Amsterdam bleek dat te kunnen. Als het moest zelfs binnen 24 uur en eventueel ’s avonds en in de weekenden. Daar zat natuurlijk een kosten plaatje aan. De vraag neergelegd bij de verzekeraar en aan gegeven dat ik het spuug zat begon te worden. Binnen een uur een telefoontje in Leeuwarden kon volgende week een MRI-scan gemaakt worden. Ik dacht dat ik ontplofte. Ik had dus een hele tijd gebeld met het MCL en daar werd mij verzekert dat er de eerste drie weken geen plek was. “Ach meneer” zei de mevrouw van de verzekering “maak u nou niet zo druk……… zo is het systeem nu eenmaal en zo wordt het gedaan!”
Onmiddellijk gebeld naar de neuroloog in Harlingen om een afspraak te maken voor de uitslag. Door schade en schande wijs geworden dacht ik dus dat het handig was omdat te doen voordat de MRI-scan gemaakt was. Immers volgende week de scan, ik had begrepen dat het een week duurde en dat dan de uitslag bij de neuroloog zou zijn. Dus een afspraak over drie weken leek alleszins redelijk. Het werd echter 5 weken, want de neuroloog ging met vakantie en aangezien het een ‘buitenpost’ van het MCL was in Harlingen was er geen vervanger. Alleen in zeer acute gevallen kon worden uitgeweken naar het MCL. Ach je raakt vermoeid, geïrriteerd en je wend eraan. Je krijgt dan zo iets over je van………… zo is het systeem nu eenmaal en zo wordt het gedaan!
De MRI-scan werd gemaakt, de situatie van mijn vrouw ging zienderogen achteruit, ze had inmiddels een knappe klapvoet ontwikkeld en de pijn klachten namen hand over hand toe. 13 weken nadat de eerste klachten zich manifesteerden zat mijn vrouw bij de neuroloog met de uitslagen van de MRI-scan. Het was de neuroloog duidelijk, de MRI-scan liet zien dat er een fikse hernia aanwezig was. Confessioneel behandelen had geen zin meer, hij betreurde het dat mijn vrouw pas in een laat stadium aan hem gepresenteerd was daar er anders misschien nog mogelijkheden waren geweest om onder een operatie uit te komen. Onnodig te vermelden dat deze opmerking bij ons binnen kwam als een bomaanslag bij heldere hemel. Tja ja, we wisten het nu wel: …………… zo is het systeem nu eenmaal en zo wordt het gedaan!
Met een verwijzing in de hand, met daarop met de hand geschreven ‘Urgent’ melden we ons bij het afspraken bureau in het St. Antoniusziekenhuis om, het liefst op korte termijn, een afspraak te maken met de neurochirurg. Na wat geblader kwam er uit dat ze over ongeveer twee en een halve maand terecht kon bij de neurochirurg. Ik verstond het toch wel goed hé, twee en een halve maand!! Ik vroeg, met een lichtelijk cynische onder toon, of dat dat kwam omdat er urgent opstond, dat men zo’n haast maakte? De mevrouw was beledigd! Ik hoefde niet zo’n toon aan te slaan, zij was toch niet verantwoordelijk voor het systeem? Toen ik aan gaf dat we op dit moment geen ander keuze hadden en dus de afspraak wel accepteerde vroeg ze om de verwijsbrief. Ze blikte even op de brief, keek wat meewarig in onze richting en zei: “het spijt me, maar ik mag geen afspraak maken met de neurochirurg. U bent niet verwezen door de neuroloog verbonden aan dit ziekenhuis en dus kan ik geen afspraak maken. U moet eerst naar onze neuroloog” Mijn klomp brak! Op deze vorm van koppelverkoop had ik dus helemaal al niet meer gerekend. Ik heb nog een poging ondernomen om haar duidelijk te maken dat dit helemaal niet kon, maar het was praten tegen een muur van onbegrip en het einde van het liedje was: …………… zo is het systeem nu eenmaal en zo wordt het gedaan!
Eenmaal thuis gekomen ben ik het internet opgegaan en systematisch het hele land door gaan zoeken naar neurochirurgen die op korte termijn beschikbaar waren en indien nodig ook op korte termijn wilde opereren. Na een dag zoeken waren er twee mogelijkheden. Zwolle, 3 weken voordat een afspraak met een neurochirurg plaats kon vinden en minstens vier weken daarna een mogelijke operatie datum. De andere mogelijkheid was in Maastricht met vrijwel gelijke termijnen. In concreto betekende dit nog minimaal 8 weken wachten en een aantal belastende autoritten daar naar toe en weer terug. Al met al was het dan 21 weken (zeg maar 5 maanden) tussen de eerste klachten en de aanvang van de behandeling. Ik heb toen ten einde raad weer contact gezocht met de verzekering en het hele probleem op hun bordje gedeponeerd met de vraag om snel iets te realiseren voor mijn vrouw. Daar dit zo langzamer hand te gek werd voor woorden.
Al zoekend op internet was ik gestuit op de website van het Evangelisch Krankenhaus in Oldenburg. In eerste instantie ter zijde geschoven. Nu ik toch moest wachten op een reactie van de verzekering leek het me wel interessant om is even te kijken wat mogelijk was bij hun. Het Evangelisch Krankenhaus ligt in het centrum van Oldenburg wat weer een goede 100km van de grens van Groningen is verwijderd. De stoute schoenen aan getrokken en stomweg gebeld met de afdeling neurochirurgie. Uitgelegd in mijn beste Duits wat er aan de hand was en gevraagd wat de mogelijkheden en eventuele wachttijden bij hun waren. Ik viel van mijn stoel toen ik hoorde dat mijn vrouw op maandag welkom was voor een gesprek en onderzoek bij de neurochirurg. Het was vandaag donderdag. Ik had het allemaal natuurlijk verkeerd begrepen en vroeg nogmaals wanneer ze kon komen, weer was dat op de eerste maandag die volgde. Op voorhand een afspraak gemaakt, onder voorbehoud dat de verzekering akkoord zou gaan. Onmiddellijk weer de verzekering gebeld en hun op de hoogte gebracht van de mogelijkheid in Duitsland. De verzekering heeft toen contact gezocht met het Duitse ziekenhuis en hebben alles afgestemd. Per mail kregen we de schriftelijke toestemming om naar Duitsland te gaan voor behandeling, inclusief een brief in het Duits, waarin stond dat de kosten gedekt waren door de Nederlandse verzekering. Overbodig om te zeggen dat we blij waren dat er schot in de zaak kwam.
Op maandagmorgen in aller vroegte op weg vanuit Woudsend naar Oldenburg. Een rit van ruim twee uur en een kwartier als je normaal kunt door rijden. Niet met een hernia patiënt, het duurde ruim drie uur voordat we er waren. Precies op tijd voor de afspraak met de neurochirurg die in een oud bijgebouw spreekuur hield. Nadat hij de gebruikelijke vragen had gesteld en lichamelijk onderzoek had gedaan gaf hij al aan dat er sprake was van een flinke uitstulping van de tussenwervel en dat er eigenlijk maar 1 optie was en dat was opereren. Om nog even helemaal zeker te zijn wilde hij een MRI-scan laten maken. De MRI-scan die gemaakt was was van onvoldoende kwaliteit om daarop te opereren. U begrijpt het koude zweet brak ons uit, daar gaan we weer, was onze eerste reactie, wachttijden, wachttijden en nog eens wachttijden !! Nou, niks van dat alles. De assistente van de neurochirurg had al contact gehad met de afdeling röntgen en daar konden we gewoon onmiddellijk terecht. Toen we vertelde hoe dat in Nederland in zijn werk ging werd er een beetje verbaasd en schouder ophalend gereageerd, zo van ‘ach, die Hollanders!’ Eenmaal op de röntgen afdeling werd mijn vrouw meegenomen voor een voor gesprek. Ze gaf aan dat ze last had van een benauwd gevoel in kleine ruimtes dus kreeg ze onmiddellijk een kalmeringsmiddel toegediend. Toen dit eenmaal zijn werk deed werd ze opgehaald en verdween in de ‘centrifuge’. Daarna een klein half uurtje wachten en toen moesten we bij de radioloog komen. (u weet wel, dat is de gene die uw röntgenfoto’s beoordeelt en die u nooit te zien of te spreken krijgt in de Nederlandse ziekenhuizen) Aan de hand van de foto’s liet hij ons zien waar de hernia zat en wat zijn bevindingen waren. Binnen twee minuten een uitermate duidelijke uitleg, dus niks geen weken wachten op de uitslag, nee gewoon alla minuut! Niks geen opbouwende spanning naar de uitslag, gewoon een gesprek met de radioloog en klaar. Tja,……… zo is het systeem bij onze oosterburen en wordt het daar gedaan.
Daarna kwam alles in een stroomversnelling. Terug naar de neuroloog, hij las de brief van de radioloog en stelde voor om zo snel mogelijk te opereren om verdere schade te voorkomen. De assistente maakte de boel verder in orde. Aan de balie kreeg mijn vrouw de vraag wanneer zij wilde dat het ging gebeuren. Ik riep snel dat ze morgen nog wel even tijd had. Hierop zei de assistente dat dit geen probleem was en dat ze dan overmorgen onder het mes kon. “Stop” riep mijn vrouw “dat gaat me even te vlug, vandaag weer naar Nederland en dan morgen weer hierheen, mag het niet een dagje later?” Ook dat was geen probleem. Op woensdag is ze opgenomen in het ziekenhuis in Oldenburg, op donderdag werd ze geopereerd, de week erop op vrijdag mocht ik haar weer mee naar huis nemen. Natuurlijk nog niet helemaal hersteld. De Duitsers waren zeer verbaasd dat mijn vrouw onmiddellijk weer naar huis ging, in Duitsland is het standaard dat men aansluitend aan de ziekenhuis opname naar een herstellinginrichting gaat en daar, onder intensieve begeleiding van een fysiotherapeut werkt aan zijn/haar herstel. Maar wel pijn vrij en met een goed toekomst perspectief.
De moraal van dit verhaal: Je zal maar oud en hulpbehoevend zijn. Niet mondig genoeg, om je eigen weg te banen in de slangenkuil die wij gezondheidszorg noemen. Dan ben je dus werkelijk aan de goden overgeleverd. Natuurlijk zullen er mensen zijn die nu roepen ja maar dat is maar en toevallig voorbeeld. Tegen die mensen zou ik willen zeggen “wordt wakker en kijk in je omgeving wat er gebeurd met de ouderen, met de onmondige!” Iedereen kan deze voorbeelden in zijn omgeving vinden, waarschijnlijk hoef je niet eens zover te zoeken.
Ik zeg niet dat het systeem wat in Duitsland wordt gehanteerd zalig makend is. Ik zeg niet dat het Nederlandse systeem alleen maar slecht is. Misschien moeten we onze ogen maar eens openen en moeten de verantwoordelijke de goede kanten van ons systeem behoeden en aanvullen met de positieve kanten van de andere systemen om ons heen. Feit is wel dat er in Duitsland meer, veel meer preventief onderzoek wordt gedaan. Naast de zaken die we in Nederland ook kennen zoals regulier borstonderzoek en onderzoek naar baarmoeder halskanker gaan ze hier in Duitsland nog een stapje verder. Een aantal voorbeelden: 1 x in de vijf jaar bij mensen van vijftig en ouder uitgebreide controle op huidkanker. 1 x maal in de vijf jaar darmonderzoek naar kanker. Het inschakelen van een specialist gaat niet perse gepaard met eerst een bezoek aan je huisarts. Als je bereid bent om de eigenbijdrage te betalen, zijnde €10.= per kwartaal, kun je daar ook zonder verwijzing terecht. In tegenstelling tot Nederland kent Duitsland vrijwel geen wachtlijsten, vrijwel overal kun je terecht binnen 14 dagen. In tegenstelling tot Nederland wordt er minder doorverwezen voor kleine ingrepen of onderzoeken. In elke huisartsenpraktijk tref je bv. echo-apparatuur aan. Over het algemeen zijn de gebouwen en de praktijk ruimtes oud, echter de apparatuur waarmee gewerkt moet worden is werkelijk up-to-date.Zo zijn er natuurlijk nog vele verschillen op te sommen. Ach ooit zullen we ook dit soort zaken in Europa wel op elkaar afgestemd krijgen, zodat we dan in alle talen kunnen roepen dat we het zelfde bedoelen als er wordt gezegd: …………… zo is het systeem nu eenmaal en zo wordt het gedaan!
Meer doeltreffende rechtsmiddelen wanneer CVZ niet tijdig beslist op verzoek of bezwaar
Het CVZ is zowel een advies- als uitvoeringsorganisatie voor de wettelijke ziektekosten-verzekeringen: de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). In de uitvoering van voornoemde wetten kan het CVZ u als verdragsgerechtigde aanmerken en de premievervangende Zvw bijdrage - voor zover die al niet is ingehouden via de Sociale Verzekerings Bank (SVB), het UWV of uw pensioeninstantie - verrekenen middels de voorlopige en definitieve jaarafrekening.
In het verkeer tussen de verdragsgerechtigde en het CVZ gelden er een aantal spelregels en die zijn vastgelegd in de Algemene Wet Bestuursrecht, de Zorgverzekeringswet en de Regeling Zorgverzekering. De voornoemde spelregels bepalen dat CVZ binnen een bepaalde wettelijke termijn dient te beslissen op uw aanvraag/verzoek of uw bezwaar.
De wettelijke beslistermijn voor het beschikken op een aanvraag of verzoek bedraagt 8 weken, tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald. Indien niet binnen de geldende termijn kan worden beslist, deelt CVZ dit aan de aanvrager/verzoeker mede en noemt hierbij een zo kort mogelijke termijn wanneer de beschikking tegemoet kan worden gezien.
De wettelijke beslistermijn voor alle beschikkingen op bezwaar die in het kader van de Zorgverzekeringswet door CVZ worden genomen, bedraagt conform artikel 69 lid 5b van de Zorgverzekeringswet 13 weken te rekenen vanaf de dag dat de termijn voor het indienen van het bezwaar is verlopen of anders gesteld binnen 19 weken na datum van het besluit waartegen u bezwaar maakt. CVZ kan deze beslistermijn slechts éénmaal met 6 weken verlengen en dient u schriftelijk en vóór het verlopen van de beslistermijn hierover te informeren.
De beslistermijn voor beschikkingen op overige bezwaren bedraagt 6 weken en 12 weken als er een adviescommissie is ingesteld vanaf de datum waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken. Het CVZ kan deze beslistermijn slechts éénmaal met 6 weken verlengen, mits tijdig en schriftelijke medegedeeld. Wordt er een adviescommissie ingesteld dan dient de bezwaarmaker hier schriftelijk over te worden geïnformeerd.
De praktijk heeft echter laten zien – en dit geldt overigens niet alleen ten aanzien van CVZ – dat bestuursorganen zich bij herhaling niets bleken aan te trekken van deze wettelijke termijnen.
Sedert 1 oktober 2009 is echter de Wet Dwangsom en Beroep bij niet tijdig beslissen en de Wet van 28 augustus 2009 tot aanvulling van de Algemene Wet Bestuursrecht met doeltreffendere rechtsmiddelen tegen het niet tijdig beslissen door bestuursorganen van kracht geworden en deze geven de verdragsgerechtigden een middel in handen om een niet tijdig beslissend CVZ een dwangsom op te leggen. Het moet dan wel gaan om aanvragen/ verzoeken en bezwaren die op of na 1 oktober 2009 zijn ingediend. De voornoemde nieuwe wetgeving schrijft echter wel voor dat de verdragsgerechtigde het CVZ eerst in gebreke dient te stellen en 2 weken dient te bieden voor het opheffen van het verzuim.
Een voorbeeld formulier voor ingebrekestelling vindt u op onderstaande webpagina:
http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/goed-openbaar-bestuur/documenten-en-publicaties/formulieren/2008/11/11/formulier-ingebrekestelling.html
Wordt het verzuim om tijdig te beslissen niet binnen de twee weken na ingebreke stellen opgeheven dan is het CVZ een dwangsom aan u verschuldigd voor elke dag dat zij in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 20,00 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 30,00 per dag en de overige dagen € 40,00 per dag. Dus de maximale dwangsom bedraagt € 1260,00 per aanvraag/verzoek of bezwaar.
Het voorgaande geldt ook voor alle andere bestuursorganen die niet tijdig beslissen op uw aanvraag/verzoek of bezwaar. U dient er hierbij wel alert op te zijn dat wettelijke beslistermijnen kunnen afwijken van hetgeen in de Algemene Wet Bestuursrecht is bepaald.
Theo Sanders
Eindhovens Dagblad
Stille kaalslag dreigt onder pensionado's
door Rik Elfrink. dinsdag 03 augustus 2010 | 07:00
EINDHOVEN - De inkomensverschillen onder gepensioneerden dreigen de komende jaren sluipend op te lopen. Dat komt doordat er grote verschillen bestaan bij de financiële gezondheid van pensioenfondsen.
De afgelopen tien jaar kostte dat honderdduizenden gepensioneerden al meerdere tientjes per maand ten opzichte van leeftijdgenoten. De kloven worden waarschijnlijk nog groter.
Wie tien jaar geleden recht had op een pensioen van Philips van 1.000 euro per maand, krijgt daar nu 1.213 euro voor. Bij PME, het pensioenfonds voor de grootmetaal (onder meer ASML en een deel van VDL zijn daar aangesloten) is datzelfde maandpensioen na tien indexatierondes maar gestegen tot 1.165 euro. Die stijging van 16,5 procent is veel minder dan de inflatie, van iets meer dan 21 procent in tien jaar tijd. Sinds enkele jaren zijn ook de pensioenuitkeringen van DAF- en NXP-medewerkers bij PME ondergebracht.
De verschillen dreigen nog veel groter te worden doordat PME in de problemen zit en het Philips Pensioenfonds niet. De komende jaren zullen de PME-pensioenen waarschijnlijk opnieuw niet aan de inflatie aangepast worden. Philips Pensioenfonds heeft, net als bijvoorbeeld het Rabo Pensioenfonds, wél een toereikende dekkingsgraad. Net als PME zitten ook ambtenarenfonds ABP, zorgfonds Zorg en Welzijn (voorheen PGGM) en het fonds voor de kleinmetaal (PMT) momenteel met een lage dekkingsgraad te kijken.
CVZ geeft in bezwaarprocedure onjuiste en onvolledige informatie over hoorzitting
In de recente ontvangstbevestigingen van een bezwaarschrift gericht tegen de definitieve jaarafrekening meldt CVZ de bezwaarmaker met betrekking tot de hoorzitting het volgende:
“In verband met de afhandeling van uw bezwaarschrift verzoeken wij u bijgaande
‘Verklaring Horen’ in te vullen en binnen twee weken na dagtekening van deze
brief op te sturen. Een hoorzitting is niet verplicht of noodzakelijk. Wij wijzen u erop
dat wij, ook als u hebt aangegeven dat u gehoord wilt worden, toch kunnen besluiten
om geen hoorzitting te houden.”
De Algemene Wet Bestuursrecht schrijft echter voor dat de bezwaarmaker dient te worden uitgenodigd om te worden gehoord:
Artikel 7:2
o 1.Voordat een bestuursorgaan op het bezwaar beslist, stelt het belanghebbenden in de gelegenheid te worden gehoord.
o 2.Het bestuursorgaan stelt daarvan in ieder geval de indiener van het bezwaarschrift op de hoogte alsmede de belanghebbenden die bij de voorbereiding van het besluit hun zienswijze naar voren hebben gebracht
en maakt hierop een viertal uitzonderingen:
Artikel 7:3
Van het horen van belanghebbenden kan worden afgezien indien:
o a. het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is,
o b. het bezwaar kennelijk ongegrond is,
o c. de belanghebbenden hebben verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord, of
o d. aan het bezwaar volledig tegemoet wordt gekomen en andere belanghebbenden daardoor niet in hun belangen kunnen worden geschaad
Dus het is duidelijk dat CVZ in haar ontvangstbevestiging een onjuiste en onvolledige voorstelling van zaken geeft. Het CVZ is verplicht de bezwaarmaker in de gelegenheid te stellen om te worden gehoord en kan hier alleen maar van afzien wanneer zich een van de vier gevallen voordoet zoals die zijn beschreven onder artikel 7:3. De bezwaarmaker is vrij om al dan niet aan een hoorzitting deel te nemen. Dat een hoorzitting niet verplicht of noodzakelijk is geldt dus alleen maar voor de bezwaarmaker en dus niet voor CVZ.
Daarom is de uitspraak van CVZ dat zij toch kan besluiten om geen hoorzitting te houden, ook als de bezwaarmaker te kennen heeft gegeven dat hij gehoord wil worden, veel te kort door de bocht. Hier wordt immers de indruk gewekt, dat het CVZ naar eigen goeddunken kan besluiten om geen hoorzitting te houden. En dit is absoluut niet het geval. Alleen in de vier gevallen als genoemd onder artikel 7:3 kan het CVZ besluiten om geen hoorzitting te houden.
Theo Sanders
wo 28 jul 2010, 05:30
Medische behandeling mag in Benidorm
BENIDORM - Nederlanders die verzekerd zijn bij Uvit kunnen vanaf eind september voor elke medische behandeling terecht in Benidorm. Het is in de eerste plaats bedoeld voor overwinteraars en vakantiegangers.
Ook kunnen patiënten vanuit Nederland worden 'ingevlogen'. Alle zorgkosten worden vergoed.Op 16 september sluit Uvit (waar de verzekeraars Univé, VGZ, IZA en Trias onder vallen) een contract met het particuliere ziekenhuis Hospital Clínica Benidorm. Het is de eerste samenwerking met een Spaans ziekenhuis.
Met dit initiatief springt de maatschappij in op klachten over administratieve rompslomp wanneer patiënten tijdens de vakantie in een ziekenhuis in het buitenland moeten worden opgenomen. "We hebben al contracten met ziekenhuizen in Duitsland en België afgesloten. Aangezien Benidorm 220.000 overwinteraars telt, was het een logische vervolgstap om ook in de Spaanse badplaats een contract af te sluiten met een ziekenhuis", aldus een zegsman.
Het ziekenhuis in Benidorm is gespecialiseerd in cardiologie, oncologie en orthopedie. In de kliniek zijn twintig Nederlandse artsen en medewerkers werkzaam.
'Vliegende patiënten' die via hun Nederlandse verzekeraar naar Benidorm zijn gebracht, kunnen na de operatie even bijkomen en genieten van het Spaanse zonnetje. Dat komt echter wel voor eigen rekening.
16-07-10 | 16:16
WUZzerr: Repelsteel senior | Leiden
‘ Het is nogal wat’, zei Piet mijn cafémaat en freelance journalist, ‘ de Advocaat Generaal van het Europese Hof van Justitie heeft gisteren zijn advies aan de Nederlandse rechter bekend gemaakt en dat is niet mals. De rechter krijgt in feite de opdracht om te onderzoeken of Nederland bij de invoering van de Zorgverzekeringswet een hele grote groep mensen heeft gediscrimineerd. Hij heeft namelijk sterk de indruk dat dit wel het geval is en dan overtreedt Nederland de Europese regelgeving. De Nederlandse rechter moet er vervolgens alles aan doen om de gevolgen van deze discriminatie op te heffen.’
‘ Wacht eens even’ , zei ik , ‘ je hebt het over die rechtszitting van het Europese Hof die je hebt bijgewoond en is dit de definitieve uitspraak ?’
‘ Dit is het voorlopige advies door deze AG en vervolgens gaan de Europese rechters zich hierover buigen, maar meestal volgen zij zijn conclusie,’ lichtte Piet toe.
Wij zaten in het ‘ Binnenkomertje ‘ van Jan, onder de airco en met een glas koel bier voor ons op tafel.
‘ Weet je, zei Kees, ‘die ouderen in onze maatschappij zijn in feite een makkelijke prooi. De politici denken vaak dat zij hen in een hoek kunnen wegzetten , eigenlijk een schande dat je een kwetsbare bevolkingsgroep zo behandelt. De mensen zijn bejaard en hebben meestal niet meer zoveel energie en inkomsten om zich te verdedigen. Kijk maar eens naar de toestanden in vele bejaardenhuizen, de goede niet te na gesproken natuurlijk want die zijn er ook. Maar het is toch van den gekke dat je maar één keer per week in bad mag en daar nog flink voor moet betalen ook. Een koekje bij de koffie of de thee , een wandelingetje buiten ? Ho maar.’ Laatst hele toestanden om een kopje soep nota bene en dan dat gedoe over die incontinentieluiers.’
‘ Belachelijk toch’, zei ik , het is alsof die mensen bedelaars zijn die een gunst wordt verleend. Zij hebben toch altijd AWBZ betaalt ? Zij hebben recht op fatsoenlijke zorg.
De politici doen wel alsof zij met de bejaarden begaan zijn, uit partijbelang, maar voorlopig gaat het hollend achteruit met de zorg voor de bejaarden. De vergrijzing weet je, die is de schuld van alles. Uit het niets zijn er opeens een heleboel bejaarden verschenen, als je hen moet geloven. Rara. Nooit aan de toekomst gedacht hebben die lui en nu zitten we met uit de hand lopende kosten.
‘ Nou’ , zei Piet, ‘ waarschijnlijk doemen er nog meer kosten voor de Nederlandse Staat aan de horizon. Ze hebben destijds al niet zo slim gehandeld door de geëmigreerde bejaarden hun particuliere verzekering af te pakken en hen hoge bijdragen te laten betalen voor een zorg die veel minder is of die ze helemaal niet kregen, bv de AWBZ destijds. Het gevolg is dat veel gepensioneerden weer terugkeren naar Nederland en onze Zorg en woningmarkt nog weer zwaarder worden belast. Hééél kortzichtig van regering Balkenende en Hoogervorst.
Nu zijn deze geëmigreerde ouderen vrij ondernemend. Zij lieten zich dat niet welgevallen. Zij spanden rechtszaken aan en het resultaat nu is dus dat advies van de Advocaat Generaal van het Europese Hof. Kijk hij schreef o.a. het volgende.’
Geïnteresseerd keken wij op het lijvige document dat hij bij zich had en lazen:
“ Discriminerende behandeling van niet-ingezetenen.
76. Dienaangaande merken verzoekers in het hoofdgeding op dat, in tegenstelling tot hun verkregen rechten, die teniet zijn gedaan, die van ingezetenen door de nationale wetgever zijn gewaarborgd doordat de Nederlandse verzekeraars deze laatsten ingevolge de ZVW dienden te dekken, zowel voor de basisverstrekkingen als voor aanvullende verstrekkingen. Verzoekers in het hoofdgeding merken op dat zij nieuwe contracten moeten sluiten om dezelfde rechten te behouden en daartoe gelet op hun hogere leeftijd dermate hoge kosten moeten dragen dat zij naar Nederland zullen moeten terugkeren om in aanmerking te kunnen komen voor een dergelijke aanvullende bescherming ten opzichte van het wettelijke minimum.
79. Aangezien in deze zaak veel dingen onduidelijk zijn, zal de nationale rechter moeten nagaan of de Nederlandse Staat bij de onderhavige wetswijziging inderdaad alleen ten behoeve van ingezetenen ervoor heeft gezorgd dat de continuïteit van de globale bescherming(49) werd gewaarborgd. Ingeval in andere lidstaten wonende rechthebbenden op pensioen of rente daarentegen van dergelijke beschermende maatregelen waren uitgesloten, zouden de artikelen 18 EG en 39 EG zich verzetten tegen het aldus hervormde stelsel. Zoals het Hof reeds heeft geoordeeld, druist een wettelijke regeling die niet-ingezetenen voor hun sociale dekking in een minder gunstige situatie plaatst dan ingezetenen, daardoor in tegen het door het EG-Verdrag gewaarborgde vrije verkeer.(50)
80. De rechter a quo zou alles moeten doen wat in zijn macht ligt om de gevolgen van die discriminatie op te heffen, zo deze mocht bestaan. De nationale rechter dient immers binnen het kader van zijn bevoegdheden de volle werking van het gemeenschapsrecht te verzekeren wanneer hij het aan hem voorgelegde geschil beslecht.(51) Indien gelijke behandeling niet door de verwijzende rechterlijke instantie kan worden hersteld gelet op de beperkingen die inherent zijn aan het geschil dat aan die instantie is voorgelegd, zou volgens vaste rechtspraak de Nederlandse Staat op grond van het in artikel 10 EG verankerde beginsel van loyale samenwerking de onrechtmatige gevolgen van een schending van het gemeenschapsrecht ongedaan dienen te maken.(52)"
' Wel'. zei Kees,' het ziet er naar uit dat dit muisje nog een lang staartje gaat krijgen voor Nederland. Ben benieuwd hoe dat gaat aflopen.'
Mededeling SBNGB bij advies Advocaat-generaal EU Hof van Justitie te Luxemburg.
Naar aanleiding van de eerder door de Centrale Raad van Beroep in Utrecht in onze zaak gestelde prejudiciële vragen aan het EU Hof van Justitie in Luxemburg, heeft op 20 mei een hoorzitting aldaar plaatsgevonden.
In reactie daarop heeft de Advocaat- Generaal een advies opgesteld dat bestemd is voor het EU Hof en waarvan u de inhoud hieronder aantreft. Aangezien het hier een advies betreft en een vonnis van het Hof van Justitie eerst later dit jaar mag worden verwacht, past het niet hierop nu een reactie te geven. Voor alle duidelijkheid nemen wij hierbij de tekst over zoals die op de site van het EU Hof in deze wordt toegevoegd aan de gepubliceerde adviezen:
NOTA BENE: De conclusie van de Advocaat-generaal bindt het Hof van Justitie niet. De Advocaten-generaal hebben tot taak, het Hof in volledige onafhankelijkheid een juridische oplossing te bieden voor het concrete geschil.
Het bestuur van de stichting zal zich dan ook van commentaar onthouden.
Het bestuur SBNGB
Conclusies Advocaat-Generaal Europese Hof van Justitie.
Op 15 juli 2010 is de conclusie van de Advocaat-Generaal bij het Hof van Justitie gepubliceerd. De conclusie van de Advocaat-Generaal houdt een advies aan het Hof van Justitie in met betrekking tot de beantwoording van de door de Centrale Raad van Beroep gestelde prejudiciële vragen. Het Hof van Justitie neemt dat advies in veel gevallen over, maar is daartoe niet verplicht.
De Advocaat-Generaal is van mening dat de verplichting tot aanmelding bij de ziekenkas van het woonland en het inhouden van een bijdrage ook als die aanmelding niet heeft plaatsgevonden, niet in strijd zijn met de Verordeningen 1408/71 en 574/72. De Advocaat-Generaal is verder van mening dat de beginselen van vrij verkeer van werknemers en van personen niet in de weg staan aan de Nederlandse wetgeving die in deze procedure ter discussie staat. De Advocaat-Generaal voegt daar echter aan toe dat wettelijke voorschriften op het gebied van sociale bescherming er in de praktijk niet toe mogen leiden dat burgers die gebruik maken van het recht in een andere lidstaat te verblijven, minder gunstig worden behandeld dan personen die blijven wonen in de lidstaat waarvan zij de nationaliteit hebben. Of sprake is van een minder gunstige behandeling van niet-ingezetenen blijkt volgens de Advocaat-Generaal niet uit de informatie die de Centrale Raad van Beroep heeft verstrekt. De Centrale Raad van Beroep zou daarom zelf moeten onderzoeken of de Nederlandse Staat bij de stelselwijziging alleen ten behoeve van ingezetenen ervoor heeft gezorgd dat de continuïteit van het beschermingsniveau werd gewaarborgd. Als dat zo is, zouden de beginselen van vrij verkeer van werknemers en van personen zich tegen het hervormde stelsel verzetten.
Het is nu afwachten of het Hof van Justitie het advies van de Advocaat-Generaal overneemt. De uitspraak van het Hof van Justitie zal naar verwachting nog enkele maanden op zich laten wachten.
Conclusie Advocaat Generaal: klik op de link
http://curia.europa.eu/jurisp/cgi-bin/form.pl?lang=NL&Submit=Submit&numaff=C-345/09
CVZ verklaart bezwaar tegen te laat opgelegde definitieve jaarafrekening Zvw-bijdrage ongegrond omdat er op haar overtreding van de wet geen sancties zouden bestaan
Onlangs is door mij aan CVZ een bezwaar voorgelegd vanwege haar onrechtmatig handelen jegens een verdragsgerechtigde door de wettelijke termijn te overschrijden bij het vaststellen van de definitieve jaarafrekening van de Zvw-bijdrage. Dit bezwaarschrift komt qua inhoud overeen met hetgeen ik in een eerder artikel heb gepubliceerd.
Inmiddels heeft CVZ op bezwaar beslist en hierbij is bepaald dat het ongegrond is. Als reactie stelt CVZ:
“In artikel 6.3.3 van de Regeling is vermeld dat het CVZ de definitieve
jaarafrekening binnen zes manden na het tijdstip waarop zowel de aanslag
inkomstenbelasting als de beschikking niet in Nederland belastbaar inkomen
(NiNbi) onherroepelijk zijn geworden dient vast te stellen. Op het niet tijdig
vaststellen van de definitieve jaarafrekening is echter geen sanctie gesteld. In
verschillende wetten en regelingen zijn legio van dit soort termijnen opgenomen.
Als het bestuursorgaan niet op tijd een beslissing neemt, heeft dat echter geen
directe gevolgen. Dat is alleen het geval wanneer de wettelijke regeling dit expliciet
bepaalt. De Awb kent geen bepaling die het het CVZ onmogelijk maakt om alsnog
een definitieve jaarafrekening vast te stellen. Gelet op het voorgaande heeft CVZ
besloten uw bezwaarschrift ongegrond te verklaren. Ook overigens ziet het CVZ
geen aanleiding om het besluit van ………. te herzien.”
Het voorgaande wordt als stuitend ervaren. De rechtszekerheid wordt met voeten getreden. Bovendien is de beslissing onbegrijpelijk omdat CVZ in haar reactie eerst de grond van het aanhangig gemaakte bezwaar onderschrijft en vervolgens het bezwaar ongegrond verklaart. Tegenstrijdiger kan het niet. Ook doet CVZ mijns inziens ten onrechte een beroep op de Algemene Wet Bestuursrecht (Awb) om zich daarmee een legitimatie te verschaffen voor het te laat mogen vaststellen van de definitieve jaarafrekening.
Het voorgaande is voor mij dan ook aanleiding geweest om tegen deze uitspraak in beroep te komen bij de Rechtbank te Amsterdam. Zodra in deze beroepsprocedure het verweerschrift van CVZ wordt ontvangen zal ik u hierover informeren.
Theo Sanders
'Verplichte zorgpremie voor pensionado's mag'

LUXEMBURG (ANP) - Nederlandse gepensioneerden in het buitenland mogen wel degelijk worden verplicht tot een bijdrage voor het College Voor Zorgverzekeringen (CVZ). De instelling mag de premie inhouden op de AOW van de gepensioneerden, zo heeft de advocaat-generaal van het Europees Hof van Justitie donderdag aan de rechters geadviseerd.
De advocaat-generaal liep daarmee vooruit op een uitspraak van het Hof over het Nederlandse ziektekostenstelsel. Enkele Nederlanders die in het buitenland wonen, hebben bezwaar tegen de verplichte aansluiting bij het CVZ.
De advocaat-generaal stelt dat de EU-regels geen belemmering zijn voor een nationale bepaling die mensen verplicht zich te melden bij het CVZ en voor de inhouding van een bijdrage op het pensioen.
De rechters van het EU-Hof doen binnenkort uitspraak. Meestal volgen zij de redenering van de advocaat-generaal.
© ANP/AFP
en het bericht van de Telegraaf:
Telegraaf do 15 jul 2010, 17:44
'Verplichte zorgpremie voor pensionado's mag'
LUXEMBURG - Nederlandse gepensioneerden in het buitenland mogen wel degelijk worden verplicht tot een bijdrage voor het College Voor Zorgverzekeringen (CVZ). De instelling mag de bijdrage inhouden op de aow van de gepensioneerden, zo heeft advocaat-generaal Niilo Jääskinen van het Europees Hof van Justitie donderdag aan de rechters geadviseerd.
De advocaat-generaal liep daarmee vooruit op een uitspraak van het Hof over het Nederlandse ziektekostenstelsel. Enkele Nederlanders die in het buitenland wonen, hebben bezwaar tegen de verplichte aansluiting bij het CVZ. Ze menen dat ze veel goedkoper terecht kunnen bij een ziekteverzekering in hun woonland, bijvoorbeeld België. Bovendien stellen zij dat zij niet de mogelijkheid hebben een aanvullende particuliere verzekering af te sluiten tegen door de Staat onderhandelde tarieven.
Naar schatting ontvangen zo'n 100.000 personen een Nederlands pensioen in het buitenland.
De advocaat-generaal stelt dat de EU-regels geen belemmering zijn voor een nationale bepaling die mensen verplicht zich te melden bij het CVZ en die geld inhoudt van hun pensioen.
De rechters van het EU-Hof doen binnenkort uitspraak. Meestal volgen zij de redenering van de advocaat-generaal.
Resultaten van de enquête jaarafrekeningen 2006/2007 van CVZ
Vooraf
Deze enquête heeft niet de pretentie representatief te zijn, maar geeft toch een aantal interessante indicaties weer over de afwikkeling van de jaarrekeningen en de houding van de CVZ t.a.v. zijn klanten -of moeten we zeggen “onderworpenen”- in het buitenland
Eerst de cijfers sec.
Het kader:
1. We ontvingen in totaal 74 responses . Daarvan waren er 15 zo onvolledig/strijdig dat we ze niet in de enquête konden gebruiken. 59 reacties werden verwerkt.
2. Als aanzet van de enquête verzonden we naar 453 adressen per email een Nieuwsbrief waarin medewerking aan de enquête werd gevraagd. De geënquêteerden konden alleen via onze site reageren.
3. De teller van het aantal hits stond bij aanvang van de enquête op 101140.
4. Bij sluiting van de enquête stond de teller op 102060
Voorlopige jaarafrekeningen
5. Van de 59 respondenten gaven er 26 aan dat zij een voorlopige jaarafrekening 2006 hadden ontvangen. ( 44 %)
6. Van de 59 respondenten gaven er 33 aan dat zij een voorlopige jaarafrekening 2007 hadden ontvangen. ( 56 %)
Definitieve jaarafrekeningen
7. Van de 59 respondenten gaven er 53 aan dat zij een definitieve jaarafrekening 2006 hadden ontvangen. ( 90 %)
8. Van de 53 respondenten die een definitieve jaarafrekening 2006 hebben ontvangen, gaven er 45 aan dat zij de definitieve jaarafrekening 2006 te laat hadden ontvangen. (85 % )
9. Van de 59 respondenten gaven er 38 aan dat zij een definitieve jaarafrekening 2007 hadden ontvangen. ( 64 %)
10. Van de 38 respondenten die een definitieve jaarafrekening 2007 hebben ontvangen, gaven er 26 aan dat zij de definitieve jaarafrekening 2007 te laat hadden ontvangen. ( 68 % )
11. Over 2006 ontvingen van de 59 respondenten 29 wel een definitieve, maar geen voorlopige jaarafrekening. (49%)
12. Over 2007 ontvingen van de 59 respondenten 17 wel een definitieve, maar geen voorlopige jaarafrekening. (29%)
Gespreide betaling
13. Van de 59 respondenten troffen er 7 een regeling voor gespreide betaling met het CVZ
(12 %).
Bezwaarschriften
14. Van de 59 respondenten gaven er 44 aan dat zij een bezwaarschrift (over uiteenlopende onderwerpen) bij het CVZ hadden ingediend. (75%)
15. Van deze 44 ontvingen er 21 een bevestiging van ontvangst (48 %).
16. Van deze 44 ontvingen er 11 een Beslissing op Bezwaar, waarvan 9 op tijd, 1 te laat en van 1 de datum onbekend. Van 33 bezwaarschriften was de beslissingstermijn ten tijde van de response nog niet verstreken.
17. Wij hebben één Beslissing op Bezwaar betreffende een te late ontvangst van een definitieve jaarafrekening 2006 kunnen achterhalen. Het bezwaar werd ongegrond verklaard.
Conclusies en opmerkingen:
Quod licet Iovi non licet bovi (Dat wat Jupiter is toegestaan, is niet aan elke stier toegestaan.)
De tekst van de Regeling Zorgverzekering artikel 6.3.3 luidt:
-3. Indien slechts een bijdrage als bedoeld in artikel 6.3.1, tweede lid, onderdeel c, verschuldigd is, stelt het College zorgverzekeringen het in het eerste lid bedoelde verschil * vast vóór 1 april van het jaar volgend op het kalenderjaar waarop de bijdrage betrekking heeft. In andere gevallen stelt het College het verschil * vóór 30 september van het jaar volgend op kalenderjaar waarop de bijdrage betrekking heeft voorlopig vast en stelt het het verschil* uiterlijk zes maanden na het tijdstip waarop zowel de aanslag inkomstenbelasting als de beschikking niet in Nederland belastbaar inkomen onherroepelijk zijn geworden, definitief vast.
* Dit betreft het verschil tussen de verschuldigde en de ingehouden bijdrage.
Dat is duidelijke taal.
Voorlopig of niet
Uit bovengeciteerd artikel blijkt dat betrokkenen voor 30 september 2007 een voorlopige jaarafrekening over 2006 hadden moeten ontvangen. Slechts 44% had dit geluk. 56 % zit er nu nog op te wachten.
Op 30 september 2008 hadden de betrokkenen in bezit moeten zijn van de voorlopige jaarafrekening 2007. Maar 56% had dit voorrecht!
Kan dat zo maar? Het CVZ vindt van wel!
Definitief of niet
85 % van de respondenten heeft de definitieve jaarrekening 2006 te laat ontvangen. Over het jaar 2007 was dat 68 %
Bij 49 % van de respondenten heeft het CVZ gewoon nagelaten eerst een voorlopige afrekening over 2006 te sturen. Over het jaar 2007 was dat 29%.
Mag dat zo maar? Het CVZ vindt van wel!
Te laat of niet te laat, maakt dat wat uit?
Niet voor het CVZ, men vindt het bezwaar genoemd bij 17 ongegrond, omdat er niet in artikel 6.3.3 staat dat het CVZ geen recht meer heeft om een jaarafrekening op te stellen als ze te laat zijn. Dat meldt CVZ in een van haar brieven aan een van onze respondenten.
Dat roept wel de vraag op of artikel 6.3.3 enige waarde heeft.
Bovendien zegt men, is er geen sanctie gesteld op het niet tijdig vaststellen van de definitieve jaarafrekening. Merkwaardig dat dit een reden is voor een bestuursorgaan om te menen dat zij zich niet aan de wet hoeven te houden. Het toont overduidelijk de arrogantie van deze organisatie. De arrogantie van de macht.
Let op: U moet zich wèl aan de regeling houden en daarin is het volgende voorzien:
1. Als men zich bijvoorbeeld niet aanmeldt, zou men een boete opgelegd kunnen krijgen. (artikel 69 lid 3 van de Zorgverzekeringswet, speciaal voor u, buiten Nederland, gecomponeerd! Samen met lid 7 van het zelfde artikel biedt dat de garantie, dat zelfs als u dat niet wilt, u die boete altijd betaalt.)
2. Indien u een bezwaar te laat indient, als is het maar 1 dag, dan wordt het niet ontvankelijk verklaard. De afhandeling van de jaarrekeningen door CVZ kan echter zonder limiet worden opgerekt, omdat daar geen sanctie op staat !
3. Als er stoutmoedigen onder u zijn, die overwegen de vordering van de definitieve jaarafrekening niet te betalen, zij zich die sores kunnen besparen: Men kan het bedrag simpelweg als extra bijdrage van Uw pensioen of AOW inhouden.
U bent gewaarschuwd! U weet nog wel Quod licet Iovi…., waarbij wij de lezer geenszins met een stier willen vergelijken, hetgeen CVZ blijkens hun redenering wel doet. (Overigens behoren stier en melkkoe tot één en dezelfde familie.)
“Wordt hier niet wat al te snel door de bocht gegaan?”, denkt u wellicht. “Is hier niet sprake van twee verschillende grootheden: CVZ enerzijds en de burger anderzijds” Ons antwoord op die vraag zou dan zijn: We spreken hier over de uitvoering en de gevolgen van dezelfde Zorgverzekeringwet en beide partijen moeten zich aan de regels ervan houden. Als een partij dat niet doet, dan moet de andere partij hem daarop kunnen aanspreken, anders raakt de balans van Vrouwe Justitia ontregelt. Hetgeen hier het geval is.
Overigens: Als het CVZ zich toch niet aan de regeling m.b.t. de voorlopige jaarafrekening houdt, waarom wordt deze dan niet afgeschaft?
Bevestiging van ontvangst bezwaarschriften: “De beleefdheid voorbij”.
75 % van de respondenten heeft een bezwaarschrift ingediend. De bezwaarschriften betroffen uiteenlopende onderwerpen.
Van deze respondenten ontving 48% - dus minder dan de helft- een bevestiging van ontvangst. U weet wel, zo’n beleefde en sympathieke brief dat men uw schrijven in goede orde heeft ontvangen, zo’n schrijven dat voor u het bewijs vormt dat u werkelijk een brief heeft gestuurd. Deze ouderwetse beleefdheidsvormen heeft het CVZ al bijna achter zich gelaten.
Tot slot.
Het is waar, er wordt veel gedoogd in Nederland!
Bijvoorbeeld een minister die in de kamer de waarheid geweld aandoet (de Haagse term voor liegen), een Tweede Kamer, die geen reparatie eist van de schade die veroorzaakt werd door de foute voorstelling van zaken van genoemde minister. (Beide tijdens de parlementaire behandelingen van de zorgverzekeringswet en aanverwante regelingen.) En een overheidsorganisatie, die de wet aan de laars lapt, omdat er toch geen sanctie op staat.
Zie voor de klachten over CVZ ook:
http://www.nationaleombudsman.nl/ombudsman/jaarverslag/xxx2009/ons-beeld-van-overheidsinstanties/2009jv_1.2.14.asp
CVZ geeft onjuiste voorlichting over bezwaarprocedure
CVZ verstrekt op haar eigen website voorlichting over het bezwaar. Deze voorlichting is te vinden op webpagina: http://www.cvz.nl/hetcvz/bezwaar/bezwaar.html), die laatstelijk is aangepast op 14 juni 2010. Op deze webpagina stelt CVZ dat er normaliter binnen 13 weken na ontvangst van uw bezwaarschrift wordt beslist op bezwaar en dat deze termijn hooguit met 4 weken kan worden verlengd. Voorts stelt CVZ dat er voor bezwaarmakers in het buitenland een andere beslistermijn geldt, hiermee suggererend dat de categorie die binnen 13 weken een beslissing op bezwaar kan verwachten de bezwaarmakers in Nederland betreft. De beslistermijn voor bezwaar buitenland zou volgens CVZ 19 weken bedragen na datum besluit waartegen bezwaar wordt gemaakt en deze termijn zou met 6 weken kunnen worden verlengd.
Deze voorlichting is feitelijk onjuist. Allereerst maken de Zorgverzekeringswet en de Algemene Wet Bestuursrecht geen onderscheid tussen bezwaarmakers die in of buiten Nederland woonachtig zijn. Voorts is de beslistermijn voor alle beslissingen op bezwaar die in het kader van de Zorgverzekeringswet worden genomen eenduidig bepaald in artikel 69 lid 5b van de Zorgverzekeringswet. Deze beslistermijn bedraagt voor iedere bezwaarmaker 13 weken te rekenen vanaf de dag dat de termijn voor het indienen van het bezwaar is verlopen. De termijn voor het indienen van het bezwaar is verlopen na het verstrijken van 6 weken na datum besluit. In andere bewoordingen: CVZ dient binnen 19 weken na datum van het besluit waartegen u bezwaar maakt (bijvoorbeeld de datum van uw definitieve jaarafrekening) te beslissen op uw bezwaar en hierbij is het niet relevant waar u woont. CVZ kan de beslistermijn slechts éénmaal met 6 weken verlengen. De verlenging dient dan wel vóór het verlopen van de termijn schriftelijk aan bekend te zijn gesteld.
De onjuiste voorlichting is door mij voorgelegd aan de Nationale Ombudsman en die heeft toegezegd om hierover in overleg te treden met CVZ. Ik vertrouw er op dat dit tot spoedige aanpassing van de hiervoor genoemde webpagina van CVZ zal leiden.
Theo Sanders
MEDEDELING STICHTING BELANGENBEHARTIGING NEDERLANDSE GEPENSIONEERDEN IN HET BUITENLAND
Onderstaand bericht ontvingen wij van de heer Sanders die eerder zijn medewerking verleende aan onze stichting een oplossing te vinden voor een mogelijke betalingsregeling betreffende de jaarafrekeningen.
CVZ bereid tot het treffen van een betalingsregeling inzake jaarafrekeningen
Op basis van de signalen die mij in de loop van de voorbije maanden hebben bereikt, heb ik bij de Nationale Ombudsman aandacht gevraagd voor het in vele gevallen onrechtmatig handelen van CVZ bij het opleggen van de definitieve jaarafrekeningen over 2006 en 2007. De onrechtmatigheid wordt veroorzaakt doordat CVZ de wettelijke termijn waarbinnen de definitieve jaarafrekening dient te worden opgelegd niet heeft gerespecteerd. De Nationale Ombudsman heeft toegezegd om de problemen voor te leggen aan de Minister van VWS en de Vaste Tweede Kamer commissie VWS.
In de contacten met de Nationale Ombudsman is tevens melding gemaakt van het feit dat CVZ in concrete gevallen heeft geweigerd om voor wat betreft de inning van de jaarafrekening tot een betalingsregeling te komen, dit nog los van de vraag of de jaarafrekening al dan niet rechtmatig tot stand is gekomen.
De Nationale Ombudsman heeft bewerkstelligt dat CVZ haar bereidheid tot het treffen van een betalingsregeling heeft uitgesproken en deze bereidheid voortaan op de jaarafrekening zal worden vermeld. Een regeling is mogelijk voor minimaal €50,- per maand gedurende maximaal 24 maanden.
De aankomende jaarafrekeningen zullen hier blijk van geven, maar mochten zich hierop uitzonderingen voordoen, dan kunt u deze via uw vereniging bij mij kenbaar maken.
Theo Sanders
Eerder had ook onze stichting zelf direct contact met de Ombudsman hetgeen leidde tot het advies onze leden erop attent te maken dat klachten rechtstreeks kunnen worden opgestuurd aan www.nationaleombudsman.nl
Op deze site staat geen e-mailadres. Wel kan men een klachtenformulier downloaden en opsturen aan deze instantie.
Het bestuur.
Resultaten van de enquête jaarafrekeningen 2006/2007 van CVZ
(klik hier)
CVZ bereid tot het treffen van een betalingsregeling inzake jaarafrekeningen
Op basis van de signalen die mij in de loop van de voorbije maanden hebben bereikt, heb ik bij de Nationale Ombudsman aandacht gevraagd voor het in vele gevallen onrechtmatig handelen van CVZ bij het opleggen van de definitieve jaarafrekeningen over 2006 en 2007. De onrechtmatigheid wordt veroorzaakt doordat CVZ de wettelijke termijn waarbinnen de definitieve jaarafrekening dient te worden opgelegd niet heeft gerespecteerd. De Nationale Ombudsman heeft toegezegd om de problemen voor te leggen aan de Minister van VWS en de Vaste Tweede Kamer commissie VWS.
In de contacten met de Nationale Ombudsman is tevens melding gemaakt van het feit dat CVZ in concrete gevallen heeft geweigerd om voor wat betreft de inning van de jaarafrekening tot een betalingsregeling te komen, dit nog los van de vraag of de jaarafrekening al dan niet rechtmatig tot stand is gekomen.
De Nationale Ombudsman heeft bewerkstelligt dat CVZ haar bereidheid tot het treffen van een betalingsregeling heeft uitgesproken en deze bereidheid voortaan op de jaarafrekening zal worden vermeld. Een regeling is mogelijk voor minimaal €50,- per maand gedurende maximaal 24 maanden.
De aankomende jaarafrekeningen zullen hier blijk van geven, maar mochten zich hierop uitzonderingen voordoen dan verneem ik die graag.
Theo Sanders
Niet zorg maar zorgsysteem is te duur
Robert Kreis, 29 -06 -2010 (Bron: Volkskrant)
De sterk stijgende kosten van de zorg worden niet veroorzaakt doordat we steeds meer zorg vragen, maar door de verzekeraars, de marktwerking en het DBC-prijssysteem.
Tijdens de verkiezingsperiode heeft bijna iedere politieke partij gewezen op de noodzaak van premiestijgingen in de zorg en inkrimping van het voorzieningenpakket. In de komende formatieperiode zal de zorg ongetwijfeld een onderhandelpunt worden voor bezuinigingen.
Vergrijzing
Als oorzaken van de sterk gestegen zorgkosten worden steevast toegenomen technologie, hoger medicijngebruik, te dure medisch specialisten en de vergrijzing genoemd.
Bij de vraag wat dan precies duurder wordt en hoeveel, wordt het meestal stil. Om de kostenstijgingen in het juiste perspectief te zien, moet je ze vergelijken met die in andere landen. Een interessante bron is het Brancherapport 2010; De Nederlandse ziekenhuiszorg vanuit Europees perspectief.
Hieruit komen de volgende opvallende gegevens naar voren:
Nederland heeft het laagste aantal artsen, medisch specialisten en ziekenhuisbedden per 1000 inwoners.
Vergeleken met andere Europeanen gebruiken Nederlanders weinig zorg, zoals consulten en opnames.
Het aantal chirurgische, cardiologische, gewrichtsvervangende en transplantatie-ingrepen is relatief laag, zo ook het medicijngebruik zowel uitgedrukt in volume als geld.
Het gebruik van (dure) beeldvormende apparaten zoals MRI en CT is gemiddeld, maar het aantal beschikbare apparaten is in vergelijking met andere landen beperkt,
De Nederlandse ziekenhuizen zijn zeer betaalbaar. Met 3,7 procent van het bbp geeft Nederland het minste uit aan ziekenhuiszorg, huisartsen en specialisten.
Dit alles, terwijl de kwaliteit van de zorg – gemeten aan de overlevingskansen van diverse soorten kanker – naar Europese maatstaven tot de hoogste behoort.
Zonneschijn?
Is het allemaal zonneschijn? Nee. Met Denemarken en Spanje scoort Nederland slecht wat betreft wachttijden en patiëntgerichtheid. Ongetwijfeld heeft dit te maken met de ‘zuinige’ voorzieningen. Nederlanders scoren dan ook hoog in hun bereidheid naar naburige landen te reizen voor een medische behandeling.
Opvallend is echter dat de uitgaven aan de totale gezondheidszorg – dus inclusief de AWBZ – per hoofd van de bevolking tot de hoogste van Europa horen.
Dit doet vermoeden dat niet zozeer de uitvoerende onderdelen van het zorgstelsel duur zijn, maar het stelsel zelf. De kosten van de zorg worden immers niet alleen bepaald door wat door de zorg geleverd wordt, maar ook door de kosten van het zorgsysteem. Over dat laatste valt het volgende op te merken.
Winstoogmerk
Nederland is het enige land waar verzekeraars een winstoogmerk hebben, terwijl alle ziekenhuizen (nog) non-profitorganisaties zijn. Verzekeraars hebben een sleutelpositie tussen de belangen van de patiënt enerzijds en de leveranciers van zorg anderzijds. Adam Smith – de pionier van het marktdenken – waarschuwde uitdrukkelijk voor het marktverstorende effect van de tussenhandelaar.
Vergeleken met andere Europeanen gebruiken Nederlanders weinig zorg, zoals consulten en opnames.
We zien in alle marktsegmenten dat de tussenhandelaar de grootste financiële voordelen haalt in het traject van producent tot consument.
De regulerende werking van de markt wordt in Nederland sterk overschat. De markt is alleen maar geïnteresseerd in winst en omzet. Kwaliteit en efficiënt omgaan met materiaal en middelen zijn ondergeschikt aan de constante wens tot volumegroei en de daarbij horende reclame en werving. Het feit dat in het marktsysteem een liesbreukoperatie wat goedkoper wordt uitgevoerd, wordt gecompenseerd door een ongebreidelde volumedrang. Alles wat maar een beetje uitpuilt, wordt geopereerd. Het dringt maar beperkt door tot de politiek dat niet de prijs, maar de dreigende volumegroei de wens tot het handhaven van het macrobudget in de zorg sterk ondermijnt.
DBC
Om de introductie van de markt in de zorg te vergemakkelijken, heeft bestuurlijk Nederland het DBC-prijssysteem ingevoerd. De oorspronkelijke bedoeling van de Diagnose Behandel Combinatie was om de variatie in kosten bij de behandeling van bijvoorbeeld een blindedarmoperatie bij een gezonde jonge patiënt en bij een gecompliceerd verloop bij een patiënt met ook hart- en longproblemen onder één noemer te brengen. Omdat alle risico's moesten worden ingecalculeerd, ontstond een ‘DBC-rekening’ met sterk prijsopdrijvend effect voor de gemiddelde patiënt.
Tegen alle internationale adviezen in is dit complexe systeem in Nederland nog eens extra complex gemaakt door er ook de honoraria van medisch specialisten in op te nemen.
Hoewel het DBC-systeem in de VS als eerste was opgezet om verzekeraars tegen elkaar te kunnen uitspelen, heeft het gefaald in de opzet de zorgkosten te beheersen.
Zorgkosten
In een grafiek in de Volkskrant (Economie, 24 juni) worden de zorgkosten van 1980-2005 in diverse landen vergeleken. Nederland bevindt zich in de middenmoot. Eén land springt er uit: de VS, waar de zorgkosten vanaf 1980 sterk stijgen en boven die in andere landen uitkomen. Ook de grafiek ‘Trends in Health Care Spending’ in de Healthcare Economist van 30 januari 2006 laat zien dat de zorgkosten in de VS vanaf 1980 een scherpe knik naar boven maken. In dat jaar heeft de toenmalige president Ronald Reagan het DBC-rekeningsysteem ingevoerd om met behulp van de verzekeraars en het marktmechanisme de kosten van de zorg te drukken.
Kenners van het Amerikaanse zorgsysteem weten dat dit volledig is mislukt en geleid heeft tot een zeer kostbaar en uiterst inefficiënt en bureaucratisch zorgsysteem, waarbij van iedere dollar voor de zorg 27 procent gebruikt wordt voor ‘overhead’.
Nederland is hard op weg dezelfde richting uit te gaan. Iedereen die in de zorg werkt, ziet de hand over hand toenemende bureaucratisering, de effecten van de tegen elkaar opbiedende verzekeraars, het verhardende werkklimaat in de zorginstellingen en een verder uithollend voorzieningenpakket voor de patiënt.
Het is treurig te moeten waarnemen dat de zorg wordt uitgehold, niet omdat ze te duur is, maar omdat de politiek gekozen heeft voor een geldverslindend zorgsysteem
Robert Kreis is chirurg en emeritus-hoogleraar brandwondenzorg
Bron: Volkskrant
Reactie van Ria Oomen op inventarisatie CVZ
J an d e V oogd (04-06-10, 18:42:08)
Deze email ontving ik heden van het kantoor van Ria Oomen (europarlementarier CDA):
" Geachte heer / mevrouw,
Hierbij wil ik u op de hoogte stellen dat vandaag een brief naar minister Klink is verstuurd aangaande CVZ. Wij hebben in korte tijd ongeveer 60 reacties gekregen, deze hebben wij gebundeld en bijgevoegd. Uit uw reacties is het volgende naar voren gekomen:
1. Het CVZ houdt zich niet aan de termijn waarbinnen de definitieve jaarafrekeningen over de jaren 2006 en volgende worden opgelegd (zie art 6.3.3 van de Regeling Zorgverzekering). Jammer genoeg geldt hiervoor geen sanctiebepaling voor het CVZ.
2. Los van de laattijdigheid zijn zeer veel afrekeningen fout. Zo komen de inhoudingen die wel degelijk gebeurd zijn en die ook op de jaaropgaven voorkomen in heel veel gevallen gewoon niet voor op de afrekening, met als gevolg navorderingen van vaak duizenden euro’s. Er moet dan vervolgens in bezwaar worden gegaan, waarbij het niet mogelijk is om uitstel van betaling te krijgen.
3. Een aantal inhoudingspichtige heeft waarschijnlijk foute informatie doorgegeven aan het CVZ. Dit geldt vooral voor de voormalige USZO – nu UWV- gevallen, dat wel de zorgbijdragen inhoudt doch deze informatie niet heeft doorgegeven aan het CVZ. Betrokken gepensioneerden krijgen een naheffing van CVZ.
4. Het CVZ baseert zijn afrekeningen op de opgaaf wereldinkomen, die door de Belastingdienst wordt verstrekt. Als deze fout is, dan is ook de afrekening fout. In bezwaar gaan bij het CVZ volstaat dan niet. Men moet tezelfdertijd ook in bezwaar gaan tegen de beschikking wereldinkomen.
5. Veel jaarafrekeningen van pensioenfondsen enz. zijn totaal ondoorzichtig. Er wordt niet de juiste terminologie voor de inhoudingen gebruikt.
6. Sinds de invoering van de ZVW in 2006 zijn en blijven foutieve inhoudingen schering en inslag.
Wij zullen u uiteraard op de hoogte houden van de ontwikkelingen.
Hartelijk dank voor uw massale reacties.
Met vriendelijke groet,
Kantoor Ria Oomen-Ruijten"
Verraden en Belazerd !
24-05-10 | 14:49
WUZzerr: Repelsteel senior | Leiden
‘Nou dat was me weer een hele vertoning met die politieke discussie op RTL niet?’ zei Kees, terwijl hij wat prutste aan zijn laptopje, ‘ je weet gewoon niet meer op wie je moet stemmen.’
Samen met Kees en Piet zat ik buiten op het zonnige terrasje van ons stamcafeetje achter een kop je koffie.
‘Kijk’, zei ik,’ van huis uit heb ik altijd op de VVD gestemd, maar bij invoering van de zorgverzekeringswet heb ik een behoorlijke kater opgelopen. Het was opeens mijn partij niet meer.’
‘Hoezo?’ vroeg Kees.
‘ Wel, ik heb heel vaak de debatten in de Tweede Kamer gevolgd vanwege de invoering van de zorgverzekeringswet. De Tweede Kamer is in feite ‘de stem des volks’ en zij controleert de regering bij het uit te voeren beleid, zoals wetgeving , uitzendingen van militairen etc. Het past een minister niet om een minachtende houding tegenover de Tweede Kamer aan te nemen. Dat deed minister Hoogervorst toen het debat over die nieuw in te voeren zorgwet niet geheel naar zijn wens verliep .’
‘ Nou ja, iedere minister maakt wel eens een stomme fout in het openbaar,’ suste Kees.
“ Maar dit waren geen stomme fouten, maar kapitale fouten’, wond ik mij op, ‘ een minister die de Tweede Kamer onjuist voorlicht over een nieuw in te voeren wet, zodat de Tweede Kamer zijn controlerende functie niet naar behoren kan uitvoeren, werd in vroegere tijden dringend verzocht om op te stappen ! Maar nee, de minister stak zelfs op gegeven moment in de Tweede Kamer de vinger in de keel .
Het is dat Agnes Kant en Vendrik deze minister gedwongen hebben om toe te geven dat hij onjuiste inlichtingen had gegeven, anders was dat nooit bekend geworden. En Balkenende deed helemaal niets om dit te corrigeren. ’
‘ Ja’, ‘dat waren zeker kapitale fouten’, beaamde Piet , ‘ want veel Nederlandse mensen keerden noodgedwongen naar Nederland terug omdat het wonen in het buitenland door de invoering van deze zorgwet te kostbaar is geworden en ook omdat zij in het woonland daardoor geen goede medische verzorging meer konden krijgen. En dat had ook voor Nederland hele nadelige gevolgen. Deze teruggekeerde mensen moeten namelijk ook weer een woning hebben, zij nemen bedden in ziekenhuizen in en plaatsen in verpleegtehuizen . Ook komen zij bij artsen en ziekenhuizen op onze wachtlijsten te staan.’
‘ Hoe ging dat eigenlijk voor hen in het buitenland met de ziekenzorg?’ vroeg Kees zich af.
‘Omdat ik familie in het buitenland heb wonen weet ik dat toevallig’, antwoordde Piet.
‘Kijk , die mensen waren eigenlijk niemand tot last. Zij betaalden daar hun medische verzorging helemaal zelf door een volledige particuliere verzekering in hun woonland af te sluiten of hun oude Nederlandse ziektekosten verzekering in het buitenland aan te houden of, als zij om de een of andere reden toch in een buitenlands ziekenfonds zaten een aanvullende verzekering af te sluiten. Maar opnieuw afsluiten kan maar tot een zekere leeftijd. Ben je bijvoorbeeld boven de zestig jaar dan lukt dat meestal al niet meer of is het heel duur. Bovendien moet je kerngezond zijn, want je wordt sowieso voor bestaande kwalen uitgesloten. Ben je bijvoorbeeld hart patiënt dan moet je alle medische zorg daarvoor zelf betalen, dan ben je daarvoor niet gedekt.’
‘Dus Nederland en het woonland hoefden geen cent voor hun medische verzorging te betalen? ‘ vroeg Kees.
‘Geen cent’, bevestigde Piet, ‘iedereen was tevreden, de mensen, het woonland en Nederland, totdat die nieuwe zorgwet er kwam en deze bevolkingsgroep van meer dan veertigduizend mensen opeens al hun jarenlang opgebouwde rechten op goede ziekenzorg in rook zagen opgaan. Het geld dat ervoor gebruikt had kunnen worden mocht van de regering verpierewaaid worden om reclame te maken om het binnenlandse basispakket aan de bevolking te verkopen. En dat is een bedrag van meer dan een miljard euro geweest, dat uitsluitend door deze mensen in hun jongere jaren was bijeengebracht om de premie op oudere leeftijdvoor hen betaalbaar te houden.’
‘Dus nu zijn er alleen maar verliezers’, stelde ik vast, ‘hoe dom hun je zijn als regering. Nu zie je pas hoe belangrijk het is op wie je gaat stemmen.
‘Jawel,’ voegde Piet eraan toe, ook het Europese Hof bleef steeds maar hameren op de vraag, hoe het toch mogelijk is, dat een regering wel een particuliere overeenkomst bij wet eenzijdig kon opzeggen, maar er niet voor kon zorgen dat er voor deze groep benadeelde mensen een nette afspraak met de particuliere verzekeraars was gemaakt , zoals dat ook voor de inwoners van Nederland was gebeurd. Want in principe kan de overheid helemaal geen privé contracten opzeggen. Ook geen particuliere ziektekostenverzekeringen. Daarom stond de advocaat die Nederland verdedigde dan ook zo te hakkelen en te stuntelen bij het Europese Hof. Dit Hof gaat nu beoordelen op wat Nederland heeft gedaan, maar op de achtergrond kunnen natuurlijk ook weer politieke en EU belangen meespelen, je weet het maar nooit.’
‘Vreemde zaak’, vond Kees, want als ik bijvoorbeeld naar Thailand zou willen emigreren, dan kan ik zonder problemen nog gewoon bij een Nederlandse particuliere verzekeraar een wereldpolis afsluiten zoals vroeger ook het geval was.’
‘ Ongelofelijk ‘, wond ik mij weer op, ’want als de regering voor de bevolkingsgroep die vóór 2006 geëmigreerd was alles bij het oude had gelaten, dan had dat probleem in de loop der jaren met het verdwijnen van deze groep zich vanzelf opgelost. Bedenk dus goed hoe je gaat stemmen omdat je er waarschijnlijk weer voor vier jaar aan vastzit. ’
‘Rustig maar,’ suste Jan, onze barkeeper die mijn rode hoofd zag en mijn woorden opving, ‘willen jullie nog koffie of zijn jullie al aan een biertje toe ?’
Als het Europese hof spreekt !
23-05-10 | 21:29
WUZzerr: Repelsteel senior | Leiden
‘ Luister eens’, zegt Jan onze barkeeper, ‘ jullie hadden gisteren zo’n interes